Kinderen geen Bezwaar is een comedy over het echtpaar Gerard en de twaalf jaar jongere Maud die elkaar ooit via een contactadvertentie hebben leren kennen en nu een gezin vormen met hun beider kinderen uit vorige relaties Mauds dochter Julia en Gerards zoon Daan. Gerard doet het huishouden Maud heeft een praktijk voor psychotherapie aan huis. Verder is Eddie van Doorn Gerards jongere broer en tegenpool kind aan huis.Tracklist 94 Wiedergut 95 Het kan vriezen het kan dooien 96 Een natje een droogje 97 Het owoord en het hwoord 98 Foute vriend 99 Missen 100 In t honderd 101 Er in stinken 102 Van vlees en bloed 103 Pak melk 104 Bullshit 105 Rij jij of rij ik 106 Kemna 107 Kale boel 108 HalalSound Dolby Digital 2.0Speelduur 380 min.Leeftijd Alle leeftijdenProductiejaar 2007Acteurs Joey van der Velden Alfred van den Heuvel AnneMieke Ruyten Cline Purcell Bobbie Koek
M. Vasalis (pseudoniem van M. Droogleever Fortuyn-Leenmans, 1909-1998) is een begrip in de Nederlandse letterkunde. Zo bekend als haar poÙzie is, zo afgeschermd is haar leven altijd geweest. De drie bundels Parken en woestijnen (1940), De vogel Phoenix (1947) en Vergezichten en gezichten (1954), die zij bij leven publiceerde, gingen ruim 270.000 maal over de toonbank. Na haar dood verscheen in 2002 nog De oude kustlijn. Aan haar zelfgekozen onzichtbaarheid komt met de verschijning van deze monumentale biografie, geschreven door Maaike Meijer, een einde. In M. Vasalis. Een biografie ontvouwt zich een uniek vrouwenleven in de twintigste eeuw. Een leven dat zoveel veelzijdiger blijkt te zijn dan waartoe het door gebrek aan informatie was terugbracht: een worsteling met haar dichterschap. M. Droogleever Fortuyn was psychiater, had een gezin, onderhield vele intense vriendschappen en correspondeerde met kunstenaars, uitgevers, schrijvers en dichters. Uit een rijkdom aan ongepubliceerd materiaal, waaronder autobiografische schetsen, (gelegenheids)gedichten, brieven, essays, delen van een libretto, dagboeken en verhalen rijst een fascinerende kunstenaar op die zich intensief verbond met zichzelf en anderen en die tot in haar vingertoppen leefde. In deze biografie leest men voor het eerst over Vasalis' studietijd in Leiden, haar praktijk in Amsterdam tijdens de oorlog, haar reizen naar Zuid-Afrika en de Verenigde Staten, haar humor, haar dromen en droefheid, en haar ideeën over kinderpsychiatrie en literatuur. Maaike Meijer geeft in soepele taal gestalte aan deze sprankelende persoon en slaagt erin de bronnen van Vasalis' poÙzie en schrijven bloot te leggen.
We overleven allemaal onze jeugd dankzij verdringing en ontkenning van de waarheid. Dat maakt het mogelijk onszelf wijs te maken dat we een gelukkige jeugd hebben gehad en dat het allemaal wel meevalt. Helaas worden deze levensreddende mechanismen als we eenmaal volwassen zijn destructief en maken ons leven moeilijker en pijnlijker dan nodig is.Past Reality Integration (PRI) is gebaseerd op de gedachte dat wij een gedeeld bewustzijn hebben moeten ontwikkelen: het ene deel ziet de wereld door de ogen van het kind dat wij ooit waren, en het andere deel ziet de wereld van de volwassene die we nu zijn. Door de splitsing zien en ervaren we de dingen heel verschillend, afhankelijk van het deel van het bewustzijn waarin we ons op dat moment bevinden.In dit boek biedt Ingeborg Bosch een concreet stappenplan dat de lezer helpt de oude pijn bloot te leggen en te voelen, en toe te werken naar een bewustzijn dat weer uit ÚÚn geheel bestaat. Daarnaast toont Bosch aan de hand van diverse persoonlijke verslagen van cliÙnten wat de PRI-methode met mensen doet.
Interviews met geleerdenZoals elk fortuin ooit met een eerste dubbeltje is begonnen, zo heeft elke beroemde geleerde ooit een eerste stap in de wetenschap gezet. Waar ging dat onderzoek over? Heeft het de kritiek doorstaan, of sloeg het de plank erg mis? En wat is er in de tussentijd in het vakgebied en met de loopbaan gebeurd?In deze bundel vertellen dertig onderzoekers die hun academische sporen ruimschoots hebben verdiend, over die allereerste stap in hun wetenschap. Soms spannend, soms ontroerend, soms dwars, maar altijd boeiend. Met: Jozien Bensing, Dorret Boomsma, Piet Borst, Hans Clevers, Paul Crutzen, Anne Cutler, Ewine van Dishoeck, Ad Dunning, Nico Frijda, Hans Galjaard, Wim Gerritsen, Jan van Gijn, Richard Gill, Joop Goudsblom, Louise Gunning-Schepers, Arnold Heertje, Ed van den Heuvel, Gerard ’t Hooft, Kees de Jager, Floor van Leeuwen, Bert Meijer, Wil Roebroeks, Philip Rümke, Kees Schuyt, Jan Smit, Dick Swaab, Abram de Swaan, Pieter Treffers, Joan van der Waals, Willem Albert Wagenaar.Over de auteurHans van Maanen (1950) is wetenschapsjournalist voor onder andere de Volkskrant. Van zijn hand verscheen een tiental populairwetenschappelijke boeken, waaronder Zoete koek en speculatie (2004), Goochelen met getallen (Boom, 2009) en de Encyclopedie van misvattingen (Boom, 2010). In 2007 ontving Van Maanen de Van Walreeprijs voor medische wetenschapsjournalistiek en de Eurekaprijs voor zijn gehele wetenschapsjournalistieke oeuvre.
In Juridische Vaardigheden wordt de student stukje bij beetje ingewijd in het vinden en gebruik maken van juridische teksten. Het gaat in dit boek niet primair om kennisoverdracht, maar om het leren omgaan met het instrumentarium waarvan de jurist zich bedient.Juristen werken in de praktijk met teksten. Deze teksten kunnen bestaan uit wetten (en hun parlementaire geschiedenis), rechtspraak en juridische literatuur waarin wetten en rechtspraak worden verduidelijkt en uitgelegd. Voor de ervaren jurist is dit alles gesneden koek. Dat is het niet voor de hbo-(rechten)student die tegen veel (praktische) problemen zou oplopen als hem/haar gevraagd zou worden een juridisch probleem op te lossen.Want waar kunnen deze teksten bijvoorbeeld worden gevonden? Zijn zij digitaal beschikbaar? Hoe moet worden getoetst of aan een wettelijke bepaling is voldaan? Wat is de betekenis van een rechterlijke uitspraak voor een juridisch probleem? Wat is 'juridische literatuur' en hoe kan deze worden gebruikt om een gegeven oplossing te ondersteunen? Zijn rechterlijke uitspraken en juridische literatuur ook op internet te raadplegen?Juridische vaardigheden kunnen niet anders dan door middel van oefening in de vingers worden gekregen. Daarom staan in deze uitgave veel opdrachten en oefeningen met een oplopende graad van complexiteit. Eerst wordt alleen het leren omgaan met wetteksten en rechterlijke uitspraken (civiel, straf en bestuur) verduidelijkt en getraind, daarna die twee gecombineerd. Vervolgens worden juridische literatuur en parlementaire geschiedenis daaraan toegevoegd. Ook aspecten van ICT komen aan bod. Ten slotte wordt ook enige aandacht besteed aan argumentatie (zonder argumenten kan geen juridisch standpunt immers worden verdedigd) en dossierbeheer.
Een onthullend boek met undercoverreportages over rijkdom en armoede.In 1985 schokte G³nter Wallraff West-Europa met zijn bestseller Ik (Ali), waarin hij als undercoverreporter verslag deed van het leven als gastarbeider. Weinigen hebben meer misstanden aan het licht gebracht dan hij, voor veel jonge journalisten is hij een voorbeeld. Nu gaat hij, voor het eerst na bijna 25 jaar, opnieuw undercover. In Heerlijke nieuwe wereld legt hij de donkere kanten van onze maatschappij bloot. Als 'Michael G.' onderzocht hij de gang van zaken in callcenters. Hij werkte in een fabriek die broodjes bakt voor supermarktketen Lidl, waar hij tot de rand van de uitputting werd gebracht en regelmatig brandwonden opliep. En hij leefde als dakloze, waarbij hij bij temperaturen van min twintig de nacht op straat doorbracht. Momenteel werkt Wallraff aan een vierde, nog geheime rol. Met zijn reportages wil Wallraff aandacht vragen voor de schrijnende omstandigheden waarin sommige van onze medemensen leven. Terwijl wij ons op de borst kloppen over onze welvaart en sociale verworvenheden, vallen - dichterbij dan wij denken 'slachtoffers'. In onze heerlijke nieuwe wereld leven steeds meer mensen aan de onderkant en dat dreigt onze samenleving te ontwrichten.Over de auteurG³nter Wallraff (1942) is journalist. Hij verwierf vanaf het einde van de jaren zestig bekendheid met zijn kritische reportages, waarin hij (soms undercover) berichtte over zijn ervaringen in verschillende maatschappelijke rollen. Zijn grote doorbraak beleefde hij met de internationale bestseller Ik (Ali), waarin hij de mensonterende omstandigheden waaronder gastarbeiders werkten en leefden aan de kaak stelde.
In De trotse toren schildert Barbara Tuchman als op een panoramisch canvas de grootsheid én de schaduwzijden van de West-Europese en Anglo-Amerikaanse cultuur, die in de jaren 1890-1914 hun hoogtepunt bereikten, voor de geaccumuleerde spanningen in de Eerste Wereldoorlog tot ontlading kwamen. De periode die veelal aangeduid wordt als de belle époque gaf technologische vooruitgang en materiële voorspoed te zien, maar het was ook een rusteloze tijd van grote culturele veranderingen, sociale mobiliteit en toenemende politieke spanningen, die bijvoorbeeld aan de oppervlakte kwamen in de Dreyfusaffaire.Boeiend en inzichtelijk legt Tuchman de interne tegenstellingen van de westerse samenleving bloot door middel van portretten van onder meer de Britse aristocratie, de anarchisten en het Duitse cultuurklimaat, en invloedrijke personen als keizer Wilhelm II, de staatsman Theodore Roosevelt, de componist Richard Strauss en de auteur Émile Zola.BARBARA TUCHMAN (1912-1989) studeerde geschiedenis aan de universiteit van Radcliffe en schreef, na een journalistieke carrière, een aantal inmiddels klassieke boeken over historische onderwerpen. Bij De Arbeiderspers verschenen tevens De waanzinnige veertiende eeuw en De kanonnen van augustus.*Tuchman [was] een eminent historicus die in haar boeken een zeldzame combinatie van onberispelijke geleerdheid en literaire finesse aan den dag legde. [...] Wie De trotse toren leest doet dat onherroepelijk met plezier en bewondering. – THE NEW YORK TIMES
Waaraan was de overtuigingskracht van Cicero te danken? En hoe probeertBalkenende te overtuigen? Daarover, maar ook over andere moderne overtuigendeteksten gaat Retorische kritiek. Dit boek biedt een overzicht van alle klassiekeovertuigingsmiddelen. Daarbij wordt teruggegrepen op de klassiekeretorica, maar bij de behandeling wordt zo weinig mogelijk gebruikgemaaktvan Grieks en Latijn en de gebruikte voorbeelden zijn overwegend hedendaags.Het overzicht legt een basis voor een analyse van alle retorische aspecten vanmondelinge en schriftelijke betogen. Van zowel de inhoud, de opbouw, de stijlals de presentatie. Maar belangrijker is dat met de gemaakte onderscheidingenook een weloverwogen oordeel gevormd kan worden over de overtuigingskrachtof effectiviteit van een bepaald betoog. Voor dit doel bevat het slothoofdstukeen handleiding voor het opstellen van een retorische kritiek van een betoog,met een voorbeeldkritiek van een toespraak van Bill Clinton.Retorische kritiek is geschikt voor alle communicatie-opleidingen in het hogeronderwijs. Voor alle beoefenaren van communicatieberoepen bevat het een evengrondig als toegankelijk overzicht van de klassieke principes van hun vak. Hetis ook interessant voor de algemene lezer, die immers bijna doorlopend blootwordt gesteld aan persuasieve boodschappen, of die nu komen van politici ofadverteerders.Prof. dr. Antoine Braet (1942) was tot 2007 universitair hoofddocent Taal -beheersing bij de Opleiding Nederlandse Taal en Cultuur aan de UniversiteitLeiden en van 2000-2005 bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van de retoricaaan de Universiteit van Amsterdam. Hij is (inter)nationaal erkend specialistin klassieke retorica en moderne argumentatietheorie.
Het Rode Orkest is een hartverscheurend portret van heldhaftige burgers. In het middelpunt staat Greta Kuckhoff, een jonge Duitse vrouw die in de Verenigde Staten studeerde en ten tijde van het fascisme terugkeerde naar Duitsland. Al snel sloot ze zich aan bij de communistische verzetsgroep Het Rode Orkest. De groep infiltreerde in de ministeries van de nazi's, distribueerde pamfletten en probeerde de geallieerden te helpen Duitsland te verslaan. In 1943 wordt de groep opgerold. Kuckhoff overleefde de oorlog en woonde na de oorlog in de DDR, waar zij hoge posities bekleedde. Op onnavolgbare wijze legt Nelson de onbekende geschiedenis van Het Rode Orkest bloot tegen de achtergrond van de dramatisch veranderende Duitse samenleving. Het Rode Orkest is een onvergetelijk verhaal van heldenmoed in een van de donkerste periodes uit de recente geschiedenis. 'Duitsland was tijdens Greta's verblijf in het buitenland in vele opzichten veranderd - ten goede. De zware inspanningen van de burgers hadden resultaat en de inwoners van Berlijn genoten van een korte periode van voorspoed, die bekendstaat als 'de gouden jaren twintig'. Volgens optimisten kon het alleen maar beter worden. Maar na 1928 ging het bergafwaarts.'Over de auteurAnne Nelson is journalist en toneelschrijfster. Haar toneelstuk The Guys, een van de belangrijkste stukken over 11 september, werd wereldwijd opgevoerd. Van 1980 tot 1983 was ze oorlogscorrespondent in El Salvador en Guatemala. Ze woont in New York en schreef onder andere voor de Los Angeles Times en The New York Times.
Het gebeurde in 1958. James Ellroy was tien jaar oud. Zijn moeder, Jean Hilliker, had zich laten scheiden van haar man, een goedgebekte ritselaar. Ze stelde haar zoon voor een moeilijke keus: bij zijn vader wonen of bij haar. Hij koos voor zijn vader, waarop de ‘half bezopen’ Jean hem aanvloog. Hij wenste haar dood. Drie maanden later werd ze vermoord. Ellroy schrijft: ‘Alles wat écht aan me is, heb ik aan haar te danken. Ik moet de Vloek die ik op haar en mezelf heb gelegd ongedaan maken’.In De vloek van Hilliker verhaalt hij hoe hij verlossing zoekt bij vrouwen. Hij geeft een meedogenloze beschrijving van zijn aan diggelen geslagen kindertijd, zijn delinquente tienerjaren, zijn schrijvende leven, zijn liefdes en huwelijken, een zenuwinzinking en het begin van een relatie met een uitzonderlijke vrouw die misschien de lang gezochte Zij is. Het is een verhaal met een enorme gelaagdheid in tijd en ruimte, emoties en inzichten, seksualiteit en nagestreefde spiritualiteit. Alles wordt uit de doeken gedaan met een hartverscheurende openheid en een flinke dosis zelfspot. Ellroy geeft zich werkelijk bloot in dit briljante en diepgravende relaas – een autobiografie die heel anders is dan alle andere die u ooit hebt gelezen.
In crisissituaties hebben we de neiging ertegen te willen vechten, ervoor te willen wegvluchten of erdoor verlamd te raken: Fight, Flight or Freeze. In dit boek komt de auteur met een vernieuwende vierde optie die zich kan voordoen tijdens een crisis: je kunt ook onverwachts doorschieten naar een diepere bewustzijnslaag, de laag van zijn en essentie. Een bevrijdende ervaring, being Free! Vanuit die laag is er een geheel andere kijk op jezelf en de crisis mogelijk.Een crisis kan je verstrikt doen raken in twijfel en paniek, in moedeloosheid en leegte, in emoties van angst, verdriet, woede of haat. Je kunt de oorzaak in jezelf of buiten jezelf zoeken, maar je kunt ook op deze gevoelens afstemmen en ze transformeren. Er is een draagkracht in je die dit mogelijk maakt. Een crisis reikt je innerlijk precies de kwaliteiten aan, zoals die van inzicht, troost, moed en liefde, die nodig zijn om een crisis te helen.Met de Methode n/u (noodlot of uitdaging) beschrijft Sylvia I. Saakes een helder, duidelijk stappenplan, hoe een crisis vanuit een ruimer perspectief juist een ervaring kan worden om de diepere bewustzijnslaag zijn en essentie direct te ervaren, waardoor het een verrijking van je leven wordt. Daarnaast legt de auteur de wisselwerking bloot tussen persoonlijke crises en grote maatschappelijke, economische en politieke crises. Vanuit de logica n/u die een diepere bodem onder de huidige crises legt, biedt ze een ruimer zicht op maatschappelijke discussies rond psychiatrie, identiteit en haat tussen bevolkingsgroepen.Een praktische gids die met antwoorden komt op ‘het waarom’ van een crisis, die zowel de logica van een persoonlijke crisis als die van een maatschappelijke, economische en politieke crisis verklaart. Vol met oefeningen die je al wachtend op de trein kunt doen en verbazingwekkende oefeningen voor diepgaande heling en innerlijke transformatie.
Vaders dochter.De schaduwzijde van vaderliefde in mythen, verhalen en in de Jungiaans psychologische praktijk.In deze unieke en fascinerende blik op een allesdoordringend, en toch zo weinig onderzochte dynamiek, ontrafelt de jungiaans therapeute Maureen Murdock de onuitgesproken waarheid over dochters en de enorme macht die de door hen geïdealiseerde vaders over hen hebben. Ze laat zien dat deze op zich zo geweldig lijkende relaties uiteindelijk meer kwaad dan goed doen, en dat de emotionele verwarring die er mee gepaard gaat vaak moeilijk te ontwarren is. De relatie beïnvloedt elk aspect van het leven van de vrouw, en speelt een rol in zowel persoonlijke problemen als problemen in werk en carrière. Aan de hand van voorbeelden zoekt ze naar de verborgen waarheid in mythen, sprookjes en dromen van clienten, en laat zien dat als je op een gezonde wijze de geïdealiseerde vader innerlijk kunt loslaten, de vrouw leert om zichzelf serieus te nemen, haar eigen autoriteit die ze tot dan toe op mannen projecteerde terug te winnen, en een gezond en gebalanceerd gevoel voor zichzelf als vrouw kan ontwikkelen. Maureen Murdock schreef eerder het wereldwijd geprezen boek ‘De weg van de heldin’. In dit boek legt ze een probleem bloot dat onder de oppervlakte in veel gezinnen een rol speelt, en doorwerkt tot in de wijze waarop vrouwen in onze maatschappij functioneren. En ze laat zien hoe het ánders kan.Murdock is een bekend therapeute in Californië en gespecialiseerd in vrouwen- en gezinspsychologie, waarover ze meerdere boeken schreef.
Curriculum vitaeNa zijn studie Nederlands recht aan de Universiteit van Amsterdam en een uitstapje naar New York University School of Law, werkte Ivo Giesen eerst als aio en later als post doc-onderzoeker en universitair hoofddocent bij de vakgroep privaatrecht van de toenmalige Katholieke Universiteit Brabant (nu: Universiteit van Tilburg). Sinds augustus 2004 is Giesen hoogleraar privaatrecht aan het Molengraaff lnstituut van de Universiteit Utrecht, alwaar hij zich vooral bezig houdt met het aansprakelijkheidsrecht en het burgerlijk procesrecht. Sinds 2006 is hij tevens raadsheer-plaats-vervanger in het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch.Iets over dit boekAlternatieve regelgeving of zelfregulering komt ook in privaatrerhtelijke verhoudingen steeds meer voor en de mogelijkheden voor verder gebruik ervan zijn nog bij lange na niet uitgeput. Waar het in deze monografie om gaat, is bloot te leggen welke rechtsgevolgen verbonden zijn aan alternatieve regelgeving in privaatrechtelijke verhoudingen. Daartoe worden twee kernvragen besproken:1 ) kan alternatieve regelgeving bindend zijn. en zo ja. op welke wijze en 2) wat is dan de mogelijke bijdrage van alternatieve regelgeving aan de rechtsvorming in het privaatrecht? Beide vragen worden mede vanuit een normatief gezichtspunt benaderd: zou er binding moeten zijn en zou er rechtsvormende invloed moeten zijn? Vervolgens wordt aandacht besteed aan mogelijke handhavingperikelen bij het gebruik van alternatieve regelgeving. Ook wordt de vraag behandeld of het bij alternatieve regelgeving wel gevoelde gemis aan democratische legitimatie wellicht gecompenseerd zou moeten worden via nadere regulering van het proces van totstandkoming van alternatieve regelgeving. Ofwel: is regulering van alternatieve regelgeving nodig?
Onderwerpen: Decorontwerpen, Licht, Geluid, Kostuums, nieuwe Technieken, Locatietheater, theateraffiches, theaterarchitectuur.Met bijdragen van oa: GerardJan Rijnders, Paul Gallis, Sjoerd Wagenaar, Pieter Missoten, Alex d'Electrique, Gerrit Timmers, Leo de Nijs, Eric van der Palen, Lunatics, Hotel Modern, Henk van der Geest, Uri Rapaport, Kees van de Lagemaat, Niko van der Klugt, Gé Wegman, Piet Nieuwint, Cees Wagenaar, Paul Koek, Rien Bekkers, Tessa Lute, Sjoerd Didden, Parktheater Eindhoven, De Toneelschuur
De opvolger van Claude Lanzmann, de Franse pater Patrick Desbois, trekt verder naar het oosten dan zijn voorganger. Hij is op zoek gegaan naar nog levende getuigen van de moord op naar schatting 1,5 miljoen Joden in afgelegen dorpen in Oekraïne, een moord die soms wordt aangeduid als de vergeten Holocaust. De meeste slachtoffers kregen de kogel, vele werden levend begraven.Desbois’ fascinatie voor deze gruwel gaat terug op de verhalen van zijn opa, die als Franse soldaat in het nazikamp Rava-Ruska in Oekraïne was opgesloten. De burgemeester van Rava-Ruska toonde de kleinzoon de massagraven en bracht hem in contact met tientallen getuigen. Dit werd de start van de zoektocht naar andere massagraven, verspreid over heel Oekraïne. Met een team van elf Oekraïense en Franse onderzoekers slaagde Desbois erin zevenhonderd nog onbekende massagraven bloot te leggen en meer dan zeshonderd getuigen te ondervragen. De vergeten Holocaust is bekroond met de National Jewish Book Award 2008 in de categorie Holocaust.1941: De Wehrmacht overvalt de Sovjet-Unie. In Oekraïne gaat de Duitse bezetter op systematische wijze tekeer tegen de Joodse bevolking. Honderdduizenden mannen, vrouwen en kinderen worden bijeengedreven en doorgaans buiten de steden doodgeschoten en in massagraven gedumpt.Patrick Desbois heeft de sporen van dit veelal vergeten hoofdstuk van de Holocaust nagetrokken. Daarbij is hij op getuigen van de nationaal-socialistische volkerenmoord gestuit die door het historisch onderzoek grotendeels over het hoofd werden gezien: mensen die de executies destijds gezien en gehoord hebben én mensen die gedwongen werden hand- en spandiensten te verlenen aan de moordenaars.Desbois heeft zich tot taak gesteld in contact te komen met de nog levende getuigen en, als een nauwgezet rechercheur, de sporen van de genocide te documenteren. Samen met een tolk, fotograaf en ballistisch expert is hij van dorp naar dorp gereisd. Desbois heeft honderden executieplaatsen en massagraven ontdekt en vr
Zijn voortdurende jacht op geld dreef prins Bernhard onafwendbaar in de armen van illegale wapenhandelaren, obscure zakenlieden en louche bankiers. Omstreeks 1950 rees er serieuze verdenking tegen de prinsgemaal vanwege zijn bemoeienissen met wapenhandel in Indonesië en de minister-president zag zich genoodzaakt de kwestie te laten onderzoeken door de Koninklijke Marechaussee en de Rijksrecherche. Hun rapporten – die in de doofpot verdwenen - geven een onthutsend beeld van Bernhards activiteiten en zakelijk netwerk. Het kabinet Drees was bang dat Bernhards onbezonnen gedrag niet alleen de naam van het Koninklijk Huis zou kunnen bezoedelen, maar bovendien de regering in een chanteerbare situatie kon manoeuvreren. Dit boek legt het web bloot van de man die zichzelf graag als`zakenprins’ presenteerde, maar die door zijn roekeloos gedrag een gevaar dreigde te worden voor de Nederlandse staatsveiligheid. En waar bleven al de miljoenen die hij extra bijverdiende?De totstandkoming van dit boek is in de eerste plaats te danken aan Cees Fasseur die in Juliana & Bernhard een paragraaf aan prof. Jan Willem Duyff heeft gewijd. Zijn slordige behandeling van het onderwerp was de directe aanleiding voor dit boek. De zoon en dochter van Gerrie van Maasdijk (kamerheer van koningin Juliana) hebben vanwege diezelfde paragraaf een aanklacht wegens smaad tegen Fasseur ingediend. Of dat terecht is zal de rechter moeten uitmaken, maar de achtergronden van het conflict Van Maasdijk-Fasseur worden in dit boek van NIOD-medewerker Gerard Aalders alvast uitgebreid belicht.Gerard Aalders is als onderzoeker verbonden aan het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie. Hij publiceerde ondermeer over spionage, economische collaboratie, roof van Joods bezit, neutraliteitspolitiek, de Bilderbergconferenties, kartels en de monarchie.
Manneke Pis staat bekend als de oudste burger van Brussel. Zonder enige twijfel is hij ook de beroemdste burger van de stad. Toeristen uit binnen- en buitenland kunnen maar niet genoeg krijgen van het impertinente, bronzen jongetje. De Brusselaars zelf omringen het kind met jaloerse zorg. Ze herkennen in het manneke hun zin voor anarchisme, voor tolerantie en bovenal hun zelfspot.Manneke Pis is de antiheld der antihelden: een klein kind, bloot en schaamteloos. Welke stad durft het aan een plassende kleuter tot symbool te verheffen? Brussel dus. Intussen is Brussel wel de hoofdstad van Europa. Geert van Istendael ploos de bewogen geschiedenis uit van fontein en beeld. De verhalen over het manneke, al dan niet verzonnen, duiken terug tot diep in de Middeleeuwen. Het is haast niet te geloven welke betekenissen het jongetje in de loop der tijden allemaal toegedicht kreeg. Vandaag moet de oudste burger van Brussel wel wat concurrentie dulden in eigen stad en elders in BelgiÙ. Maar intussen is Manneke Pis ook een wereldburger: je vindt zijn beeltenis van Zuid-Amerika tot in Japan.
Dit boek gaat over de legitimiteitscrisis van het strafrecht. Beschreven wordt hoe het huidige publiekrechtelijke strafsysteem in de inquisitie en de Verlichting wortelt en welk mens- en wereldbeeld oorspronkelijk aan het strafrecht ten grondslag heeft gelegen. Nagegaan wordt hoe dit beeld in de loop van de tijd is veranderd en welke gevolgen dit voor de benadering van misdaad en misdadigers heeft gehad. Het boek bespreekt op kritische wijze zowel de heersende straftheorieën als de huidige strafpraktijk en legt de belangrijkste beperkingen en tekortkomingen ervan bloot. Het zijn vooral de overschatting van de criminaliteitbestrijdende werking en het vermeend morele karakter van het strafrecht die in deze studie aan de kaak worden gesteld. Naast een fundamentele kritiek op het strafrecht biedt dit boek ook een alternatief voor de defaitistische misdaadaanpak van nu. Dit alternatief bestaat uit een herstelrechtelijke benadering. Dit boek geeft een aanzet tot een misdaadrecht in het kader waarvan niet straf maar herstel (van schade en relaties) centraal staat. Belangrijke concepten binnen deze context zijn verbondenheid, berouw, vergeving, verzoening en pacificatie.
Toen de relativiteitstheorie in de jaren twintig algemene bekendheid kreeg, ontstonden bekaan hevige discussies tussen de bekendste cultuurvertegenwoordigers. Zo hielden zowel de natuurkundigen H.A. Lorentz, P. Ehrenfest en A.D. Fokker, de wetenschapshistoricus E.J. Dijksterhuis, als de voorzitter van de ministerraad Cort van der Linden, de literatoren Frederik van Eeden en Johan Huizinga, de pedagoog Philipp Kohnstamm en de psycholoog Gerard Heijmans, zich bezig met de vraag of er sprake was van een wezenlijke culturele vernieuwing. In deze blaai mengden zich ook vertegenwoordigers van kerken en politieke stromingen. Dat ondertussen Einstein's ideeën in de Nederlandse cultuur doorwerkten, blijkt hieruit dat ze de didactische methoden van de wis- en natuurkundeleraren veranderden. In bredere zin werd tevens de basis gelegd voor minder elitair middelbaar onderwijs.In dit boek legt H.A. Klomp de onderliggende motieven bij deze discussies bloot en hij gaat de veranderingen na die onder invloed van de relativiteitstheorie op gang kwamen. Hij betoogt dat de relativiteitstheorie in het interbellum heeft gewerkt als een 'breekijzer' dat de opbouw van een democratische samenleving na de Tweede Wereldoorlog heeft mogelijk gemaakt.38 -------------------------------------------------------------------------------- De Relativiteitstheorie--------------------------------------------------------------------------------in Nederland--------------------------------------------------------------------------------breekijzer voor democratisering in het interbellumAuteur H.A. Klomp Onderwerpen Geschiedenis van de Wiskunde Uitgave 1e druk, 1997. ISBN 978-90-5041-045-8 304 pagina's Prijs € 24,00 Inhoud Toen de relativiteitstheorie in de jaren twintig algemene bekendheid kreeg, ontstonden bekaan hevige discussies tussen de bekendste cultuurvertegenwoordig
Dit boek over liefde en lust tussen vrouwen in de tweede helft van de achttiende eeuw in Nederland levert een fundamentele bijdrage aan het debat over de geschiedschrijving van vrouwelijke homoseksualiteit in Nederland. De cultuurhistorische en een sociaalhistorische analyses van bronnen en beelden van vrouwen die zich tot vrouwen voelden aangetrokken maken van Ziel en zinnen ook een exemplarische studie voor de geschiedenis van sekse en seksualiteit.In dit boek beschrijft Myriam Everard de zielsvriendschap en deugdlust van vrouwen als Betje Wolff en Aagje Deken, ze ontleedt en herziet de verhalen over vrouwen in mannenkleren en legt de sporen bloot van een subcultuur van lolhoeren en lollepotten. Ze stelt vast dat hedendaagse begrippen ontoereikend zijn om de laat-achttiende-eeuwse vrouwelijke werkelijkheid te verklaren. Dankzij een terughoudende en tegelijk doortastende stijl slaagt Everard erin een genuanceerd beeld te geven van godvruchtige en goddeloze vrouwen, van zinnelijke en zedelijke liefde aan het einde van de achttiende eeuw. Het onderzoek van Myriam Everard noopt tot herlezing en herijking van gevestigde verhalen en interpretaties, en het plaatst zich daarmee in de beste tradities van vrouwengeschiedenis.
Vrouwenmantel is het levensverhaal van tientallen vrouwen die in de prostitutie werken. Hun persoonlijke verhaal, in hun eigen woorden. Met opzienbarende kracht en schokkende kwetsbaarheid. Verhalen van verlangen. Over een schrijnend gebrek aan liefde - of juist een overmaat aan verkeerde aandacht. Dieuwke Talma heeft acht jaar prostituees begeleid. Vrouwenmantel legt hun geschiedenis en motieven bloot. Authentieke, integere verhalen over menselijk verlangen. Op weg naar inzicht.'Schrijnend zijn de verhalen van vrouwen die een jeugd van seksueel misbruik achter de kiezen hebben. [...] Telkens weer gaat het je verstand te boven: hoe kan het dat volwassenen dit hun kinderen aandoen, en het nog voor zichzelf rechtvaardigen ook? In veel gevallen raken juist deze vrouwen verstrikt in de netten van een vriend op wiens aandrang ze de hoer gaan spelen, maar met wie ze niet kunnen breken. Waarom dat zo is, en hoe dat werkt, laat Talma overtuigend zien.' - Elma Drayer in Trouw
Wat beweegt een van de succesvolste ondernemers van Nederland? De manager die van Reed Elsevier de grootste wetenschappelijke uitgeverij ter wereld maakte. De man die het Republikeins Genootschap oprichtte, en als neurochirurg werkte terwijl hij een onderneming leidde. Hij was medeoprichter van het tijdschrift Tirade, schrijver van felle polemieken in Propria Cures en hoofdredacteur van het monumentale Handbook of Clinical Neurology. Als medewerker van Vrij Nederland was hij in Nederland de eerste die wetenschapsjournalistiek bedreef. Bovendien heeft hij baanbrekende kunsthistorische studies op zijn naam staan.De biografie van Pierre Vinken is een overzicht van wat er in de tweede helft van de twintigste eeuw speelde in het zakenleven, de literatuur, de kunst en de wetenschap, en laat ook zien wat ÚÚn getalenteerd individu kan bereiken. Het rijk ge´llustreerde boek legt bloot waar de drang achter zo veel prestaties vandaan komt. Het voert de lezer van de bedompte sfeer van het katholieke Limburg aan het begin van de vorige eeuw naar de internationale zakenwereld. Uit Tegen het idealisme rijst het beeld op van een man die nergens bij wil horen. Iemand die zelf de waarheid zoekt. En misschien nog wel gevonden heeft ook. 'Een fascinerende en zeer goed geschreven levensbeschrijving. Vooral door het opmerkelijke aantal activiteiten die Vinken ondernam, en zijn visie op besturen, wetenschap en kunst.' - Trouw'De kracht van Tegen het idealisme zit in de diversiteit van de onderwerpen: van de machtsstrijd bij Elseviers Magazine tot de rol van persoonlijke tegenstellingen bij grote zakentransacties.' - nrc.next'Frentrops degelijk gedocumenteerde boek beschrijft ook alle coulissen van Vinkens leven, en hij heeft daarmee een boek afgeleverd dat tegelijkertijd een interessant tijdsbeeld biedt.' - Bart Jan Spruyt, HP/De Tijd'Frentrop presenteert Vinken in een oerdegelijk boek v
Een bijzonder mailwisseling tussen een arts in Nederland en zijn oude geliefde die een als klassiek homeopaat in India werkt.De liefdevolle, heldere en niets ontziende confrontatie tussen deze twee mensen legt de onvolkomenheden van onze westerse geneeskunde genadeloos bloot.Wat raakt ons zo in dit boek?Het is een helder boek, het maakt ingewikkelde problemen overzichtelijk en begrijpbaar: o Waar vond je ooit 33 redenen om niet te vaccineren op een rijtje?Het is humoristisch beschreven: o Met hoofdstuktitels als “Spoel je hamster niet door de wc” en “Germanen,knuppels en korte rokjes”Het is meedogenloos met scherpe kritiek op onder andere: o de farmaceutische industrie (“Veel targets in een verder doelloos leven”) o de gezondheidsraad (“Negen professoren in hun hemd. Erger nog: naakt”) o de vereniging tegen kwakzalverij (“de Nederlandse Vereniging van Navelstaarders”)Het is onthullend: o “Ik wist niet dat we aids aan het importeren waren”Het is af en toe hilarisch, bijvoorbeeld in: o “De geheime notulen van de Tweede Kamer” o “Het sprookje van de PTT”Het is ontroerend: o In “De dood en het meisje”, een gedicht over een gestenigd meisje o In “Made in China”, een sprookje over TibetHet is maatschappelijk betrokken: o In de “Wet Tegen Ontwikkeling van Kinderen (WTOK)” o In “9/11… 1973” • Het probeert ondanks de duidelijke ideeën steeds weer boven de partijen te staan. o In “Tussen links en rechts zweeft de adelaar.”Het is bovenal een wijs en spiritueel boek: o O.a. in “Lood, goud, de Heilige Graal, enge draken”En het geeft een ode aan de Scheppende Kracht die dit universum tot stand heeft gebracht: o “Welke loser heeft dit afweersysteem bedacht
Enkele jaren geleden ontdekte Chelly (Rachel) Spijer een oude doosmet een manuscript van haar vader Jack Spijer. Dat manuscript heeftveel losgemaakt. De oorlogswond van haar familie werd weer blootgelegd.De familieband van de Spijers was voorgoed doorgesneden ,omdat ze als enigen terugkeerden uit de concentratiekampen.Jack schrijft onverbloemd over zijn kampervaringen. Sjacheraar inkamp Vught, illegale handelaar en klusjesman in Westerbork,arbeider in Amersfoort en lijkendrager in Bergen - Belsen.Liefde van Jack en zijn vrouw Hennie voor hun kinderen was erzeker, maar ze waren, door de gruwelijke ervaringen in de kampen,niet meer in staat het gezin in een innig verband bij elkaar te houdenen structuur te geven. Jack was altijd weg alsof hij op de vlucht was,terwijl Chelly, haar moeder en haar zusters fysiek en psychisch uitbalans raakten. De familie Spijer zweefde stuurloos door het leven.Wie was Jack Spijer? is het indringende verhaal van een ongeschooldemarktkoopman, die samen met zijn vrouw en de in 1939 geborendochter Greta, de Holocaust weet te overleven. Na terugkomstdreigen Jack en zijn gezin de oorlog alsnog te verliezen. Is Chellygeboren als compensatie voor de vermoorde familie? Is zij hetresultaat van een ontspoord leven? Dit boek legt het verborgen leedvan de Holocaust bloot.
In het heelalbeeld dat de conventionele sterrenkunde ons voorhoudt, speelt zwaartekracht de hoofdrol. Zwaartekracht is echter veruit de zwakste van de ons bekende natuurkrachten – tientallen machten van 10 zwakker dan de elektrische kracht. Het bestaan van elektrische krachten in het heelal is echter ook al ruim een eeuw bekend. Veel verschijnselen in de kosmos blijken elektrisch van aard en in plasmalaboratoria na te bootsen. Er moeten door de veelal geïoniseerde ijle gassen die de ruimte voor zo’n 99,9% vullen gigantische elektrische stromen lopen, die sterren en sterrenstelsels doen ontstaan en voeden, óók onze Zon. De kennis hiervan is opgebouwd door uitnemende wetenschappers, onder wie Nobelprijswinnaars. Toch heeft de gevestigde astronomie deze kennis van meet af aan geweerd; men heeft zich ervoor afgesloten en zich letterlijk beperkt tot (vaak problematische) verklaringen op grond van zwaartekracht. Een van de redenen hiervoor is de wankelende Oerknaltheorie te redden.Dit alles heeft ons een heelal opgeleverd waarin onzichtbare hypothetische donkere materie en even onzichtbare, nog nooit waargenomen zwarte gaten de hoofdtoon voeren, en zelfs de wetten van Maxwell aan schending blootstaan, met verklaringen die een steeds wijdere spagaat vergen.Het elektrische heelal heeft deze en andere hypothetische grootheden niet nodig (en Maxwells wetten blijven geldig).De elektrisch-plasmakosmologie – theorie en praktijk! – levert elegante, natuurlijke verklaringen, die gesteund en onderschreven worden door een groeiende groep specialisten, onder wie plasma- en elektrowetenschappers en ingenieurs. In dit boek legt Scott eerst bloot wat er in de academische sterrenkunde is ‘misgegaan’, en schetst vervolgens hoe de kosmos elektrisch reilt en zeilt en welke rol elektrische krachten spelen in het leven van zonne- en sterrenstelsels, kometen en planeten. Ook een nieuwe opvatting over de rol van roodverschuiving komt aan bod. Het verhaal spreekt voor zichzelf, en al helemaal voor mensen met enig
'Onbetrouwbaar.' 'Vies.' 'Niet overbegaafd beambtentype.'De beoordelingen op de Reichsschule voor jongens in Valkenburg zijn spijkerhard. Geen wonder. 'In onze ogen moet de Duitse jeugd van de toekomst zo slank en rank zijn als windhonden, zo taai als leer en zo hard als staal,' vindt Adolf Hitler. Alleen de besten onder hen zullen heersen, de rest moet werken en gehoor - zamen.In Duitsland werden in 1933 de eerste elitescholen gesticht. De toelatingseisen zijn streng: de leerlingen zijn voorbestemd de voorhoede van het Derde Rijk te worden. Ook Nederland krijgt in 1942 twee van zulke instituten: een voor jongens in Vakenburg, een voor meisjes in Heythuysen.In Keurkinderen belicht Paul van der Steen de geschiedenis van de twee Reichsschulen en hun leerlingen. Hij beschrijft de eerste relatief zorgeloze jaren en de evacuatie naar het inmiddels volledig ontregelde Duitsland. Ook besteedt het boek ruimschoots aandacht aan het leven van de leerlingen na de oorlog. De voormalige uitverkorenen worden dan plots verschoppelingen en moeten daarna hun weg vinden in een kille, vijandelijke wereld.Van der Steen voerde gesprekken met de leerlingen van toen. Hun indringende verhalen leggen de waanzin van het nazisysteem en de oorlog op persoonlijke wijze bloot.Over de auteurPaul van der Steen (1969) werkt als journalist voor onder meer NRC Handelsblad, nrc.next, Trouw en de Limburgse dagbladen. In 2004 verscheen van zijn hand Cals. Koopman in verwachtingen 1914-1971.
Eerwraak of eergerelateerd geweld staat hoog op de politieke en maatschappelijke agenda. Dat is terecht: her kan gaan om zeer ernstig geweld dat zich keert tegen mannen of vrouwen die traditionele opvattingen over eer schenden. Het verschijnsel is door een aantal spraakmakende moorden enkele keren groot nieuws geweest. Dit komt door kenmerken van sommige van die moorden: gepleegd te midden van omstanders en daders zonder wroeging. De kamerleden wolfsen en Hirsi Ali hebben in een motie gevraaged om een onderzoek naar zo’n moord, te weten die op mevrouw G l. In reactie hierop heeft de minister van Justitie een onderzoek toegezegd naar meerdere casussen. Het heeft geresulteerd in dit onderzoek naar twintig casussen. Het betreft een nauwgezet empirisch onderzoek naar twaalf moordzaken of pogingen tot moord en acht zaken waarbij de slachtoffers (voorlopig) in veiligheid zijn gebracht. Het legt bloot hoe slachtoffers, hun sociale omgeving en professionele instanties hebben gereageerd op eerconflicten. Het mondt uit in helders en op belangrijke onderdelen kritische conclusies die houvast bieden voor verbeteringen van beleid en uitvoering.Het boek is geschikt voor onderwijs: het is toegankelijk geschreven en beschrift met welke problemen, kansen en dilemma’s uitvoerders te maken kunnen krijgen. Het beschrift niet allen geslaagde interventies, maar legt ook hele en halve misstappen bloot.
Naar het even vaak gebruikte als zelden goed begrepen woord "existentialisme" gaat vaak een andere uitdrukking die voor de meesten een duistere klank heeft: fenomenologie. Zo schreef dr. Luijpen voor enige jaren zijn existentiële fenomenologie (Aula 68), deze beide begrippen kunnen, maar behoeven niet gebonden te zijn. Existentialisme is een wijsgerige houding, fenomenologie een methode. Men kan existentialistisch denken zonder de fenomenologische methode te volgen, zoals in het hedendaagse werk van Jaspers geschiedt; en de beoefenaar van de fenomenologie kan zich van de existentiefilosofie distantiëren, zoals MerleauPonty deed. In dit boek gaat het om de methode der fenomenologie en het is instructief de ontwikkeling daarvan in historisch verband te zien; de kundige en heldere wijze waarop dr. Bakker dit heeft weten bloot te leggen, maakt de bestudering ervan zelfs tot een boeiende bezigheid. Na een exposé over de wetenschappelijke betekenis van deze methode, geeft de schrijver een schets van de voorgeschiedenis waarin o.a. Galileï, Descartes, Kant en Marx ter sprake komen, waarna hij uitvoerige hoofdstukken wijdt aan de voornaamste fenomenologische denkers van onze eeuw, die elk in het opschrift door een eigen "sleutelwoord" worden gekenmerkt: Husserl, de fenomenoloog van het wezen, Scheler van het beleven, Heidegger vanuit zijn, Sartre van de vrijheid en MerleauPonty de fenomenoloog van de openheid
Als een beslissing van de Europese Unie in de media komt, dan begint het bericht vaak met het zinnetje ‘Europa heeft beslist dat...’ Het lijkt erop alsof de besluiten ergens boven de hoofden worden genomen en op een gegeven moment gewoon neerdalen. Dat beeld klopt niet. De Europese Unie is wel degelijk een politieke machine, met vergaderzalen en wandelgangen, lobbyisten en parlementsleden, adviesorganen en administraties. Er komt veel diplomatie aan te pas en er zijn permanent conflicten, links tegen rechts, klein tegen groot, hard tegen onzacht. Kortom, er wordt politiek bedreven. Dit boek probeert de dynamiek bloot te leggen die speelt bij de Europese besluitvorming. Wie is erbij betrokken en hoe verhouden de spelers zich tegenover elkaar? Hoe worden conflicten beslecht? Wie heeft er macht? Welke rol spelen de instellingen en hoe werken ze? Er gaat uiteraard aandacht naar de formele procedures, maar vooral naar de manier waarop die in de praktijk worden toegepast. Op zoek naar trends en machtsverhoudingen in dit politieke proces, wordt er een onderscheid gemaakt tussen verschillende soorten Europese beslissingen: de grote, historische afspraken komen immers op een andere manier tot stand dan ‘gewone’ wetgeving of uitvoeringsbesluiten. Talrijke voorbeelden lichten de realiteit van de besluitvorming toe. Met deze survival kit is de lezer alvast gewapend om zijn weg te vinden in de Europese doolhof.Over de auteur:HENDRIK VOS is professor in de Europese politiek en is directeur van hetCentrum voor EU-Studies van de U.Gent.
Dat de mogelijkheden voor prenataalonderzoek zich steeds verder uitbreiden blijft niet zonder gevolgen: sinds iedere zwangere in Nederland een twintigwekenecho krijgt aangeboden, is het aantal zwangerschapsafbrekingen na constatering van bijvoorbeeld een open ruggetje bijna verdubbeld. Vijf jaar geleden werden Maarten Slagboom en zijn vrouw voor de keuze gesteld of zij de zwangerschap wilden voortzetten toen bleek dat hun kind meervoudig gehandicapt geboren zou worden. De zwangerschap werd afgebroken, maar de vragen bleven. Naast de vraag ‘heb ik er goed aan gedaan? ’ rezen de vragen wie en wat nu eigenlijk invloed uitoefenen op het hebben van die keuze, en wat de gevolgen ervan zijn. Maarten Slagboom interviewt in dit boek artsen, politici, wetenschappers en andere betrokkenen, en hij beschrijft zijn persoonlijke ervaringen. Hij legt bloot hoe het samenspel van voortschrijdende technologie, politieke compromissen en overtuigingen van medisch specialisten en ethici steeds meer ouders voor genadeloos ingewikkelde dilemma’s plaatst. Echo is daarnaast de weerslag van een zoektocht naar antwoorden op vragen die pas echt gesteld worden als ze onontkoombaar zijn.
Nederland heeft zijn na´viteit over zijn culturele identiteit verloren. Was 'multicultureel' vroeger een onproblematische term, vanaf de tweede helft van de jaren negentig krijgt deze een politieke lading. Mede door de gebeurtenissen uit 2001 en 2002 stijgt de temperatuur van het politieke debat en wordt politiek meer en meer gezien als een expressie van cultuur.In Het verlangen naar cultuur analyseert Sjaak Koenis deze omslag. Waarom is het begrip cultuur opeens zo belangrijk geworden? Is culturele identiteit iets waar je in objectieve zin over kunt beschikken? Wat zijn de politieke gevolgen van de roep om erkenning van cultuur?Tegelijkertijd laat Koenis zien dat de kwestie van cultuur niet aan de orde hoefde te komen omdat het idee overheerste dat Nederland een modern land was, of aan het worden was. Zaken als culturele of nationale identiteit, ideologische of religieuze achtergrond zouden steeds minder belangrijk worden. Ook dat geloof is verdwenen, bijvoorbeeld omdat religie aan het begin van de eenentwintigste eeuw springlevend bleek te zijn.Het verlangen naar cultuur is een uiterst verhelderend en actueel boek. Op systematische wijze legt Koenis vooronderstellingen en concepten bloot en verheldert hij het verkrampte debat. Het boek eindigt met een pleidooi voor een pluriforme politiek, waarbij culturele, etnische en religieuze wortels worden gerelativeerd.
De top van het maatschappelijke leven is een zaak van mannen - zowel in de politiek, op universiteiten, in het verenigingsleven als binnen bedrijven. En dikwijls wordt het beroemde 'glazen plafond' opgevoerd als de mysterieuze oorzaak van het feit dat vrouwen op topposities nog steeds de uitzondering op de regel zijn. Op een humoristische en aanschouwelijke manier legt Marion Knaths de officieuze spelregels bloot die samen de pijlers vormen van het 'glazen plafond'. Aan de hand van tal van voorbeelden uit het leven van alledag maakt ze duidelijk hoe verstrekkend de gevolgen van de communicatieverschillen tussen mannen en vrouwen voor hun promotiekansen zijn. Tegelijkertijd laat ze zien hoe vrouwen handig gebruik kunnen maken van die verschillen wanneer ze de spelregels van de mannelijke communicatie eenmaal doorhebben.'Een must voor alle vrouwen die hun hersens willen gebruiken om hun mannetje te staan.'Louann Brizendine, schrijver van de bestseller 'De vrouwelijke hersenen'.
De zaak van A. (13 jaar)De ontwikkeling van A. verloopt zorgelijk, hij lijdt aan een ernstige vorm van Gilles de la Tourette. Een relatie tussen de ernstige mishandeling van A. in Kirgizië door moslimfundamentalisten en het optreden van deze stoornis lijkt zeer waarschijnlijk. A heeft motorische en vocale tics. Hiervoor wordt A. intensief, medicamenteus en gedragstherapeutisch behandeld. Spanning verergeren de uitingen van de stoornis. In Nederland staat A. veelvuldig aan spanningen bloot vanwege de onzekerheid over de verblijfsvergunning en de vele verhuizingen van het gezin binnen Nederland.In Kirgizië‘bestaat’ de ziekte van A. niet, waardoor adequate behandeling daar niet aanwezig is. De kans is groot dat A. in Kirgizië uiteindelijk in een gesloten inrichting belandt. Verschillende bepalingen uit het Verdrag voor de Rechten van het Kind (art. 2, 3, 6, 24, 28, 31, 26, 27, 37, 39) en daarmee samenhangend de belangen van A. dreigen te worden geschonden als A. teruggestuurd wordt.Op deze zaak is door de Vreemdelingenrechtbank inmiddels negatief beslist. A. moet met zijn ouders terugkeren naar Kirgizië. In de besluitvorming heeft de rechter de belangen van A. niet meegewogen. In Kinderen uit asielzoekersgezinnen en het recht op ontwikkeling geven de auteurs aan hoe in het Vreemdelingenrecht vanuit een juridisch en ontwikkelingspedagogisch perspectief rekening dient te worden gehouden met de rechten en belangen van kinderen zoals A.
In Genieten voor miljoenen laat Carel Peeters zich van een nieuwe kant zien. In een reeks toegankelijk geschreven essays vraagt hij zich af wat er zich onder de oppervlakte afspeelt van populaire cultuur. Ook jongeren zullen door zijn kritische benadering worden aangesproken. Peeters vraagt zich af waarom er zo uitbundig met de tanden bloot wordt gelachen. En wat heeft de sneaker tot zo’n gewild schoeisel gemaakt? Wat betekent de combinatie van zakken in de spijkerbroek en de macho-elleboog? Waarom heeft het T-shirt zijn beste tijd gehad? En waarom dragen juist mannen als Bernie Madoff en Tiger Woods een pet?
Hoevelen koesteren niet de wens Arabisch te leren om meer te kunnen genieten van wat de Arabische landen en hun cultuur te bieden hebben? En hoevelen kijken hier ten onrechte tegenop?Voor wie het Arabisch beheerst, gaat een wereld open. Een springlevende, uiterst gevarieerde wereld, die steeds meer 'bij ons om de hoek' te vinden is, en een eerbiedwaardige oude wereld waaraan de moderne westerse wetenschap en cultuur zeer schatplichtig zijn.Dit studieboek maakt duidelijk dat het Arabisch een leerbare taal is. Zoals bij elke taal zal enig doorzettingsvermogen nodig zijn. Maar de didactiek zit in het studieboek ingebakken. Twee enthousiaste docenten hebben er een jarenlange leservaring en een buitengewone expertise als native speaker in gebundeld. Het studieboek besteedt bijzondere aandacht aan de moeilijkheden die juist Nederlandstaligen met het Arabisch hebben en legt de grote systematiek van deze wereldtaal bloot.De audio-cd's met de ingesproken basisteksten en oefeningen maken de gebruiker vertrouwd met het Arabisch als spreektaal. Samen met het afzonderlijk gepubliceerde addendum dat de cd-teksten, de oplossingen bij de oefeningen en de geïntegreerde woordenlijst bevat, zullen ze zeker ook bij zelfstudie hun nut bewijzen.Herman Talloen (°1950) studeerde Arabistiek aan de Universiteit Gent. Hij doceerde jarenlang Arabisch aan de Universiteit Gent, de universiteit Antwerpen en het Hoger Instituut voor Vertalers en Tolken van de Hogeschool Antwerpen. Sinds 2004 is hij verbonden aan het departement Toegepaste Taalkunde van de Lessius Hogeschool te Antwerpen.Abied Alsulaiman (°1962) studeerde Klassieke Filologie in Athene en Semitische Taalkunde aan de Universiteit Gent. Hij doceert sinds 1994 Arabisch aan het departement Toegepaste Taalkunde van de Lessius Hogeschool te Antwerpen.
In De verschrikkingen van het denken zet Michel van Nieuwstadt nieuwe lijnen uit in de intellectuele biografie van de essayist, filmcriticus, romanschrijver en literair redacteur van Het vaderland Menno ter Braak (1902-1940). Van Nieuwstadt volgt Ter Braaks intellectuele ontwikkeling langs het expressionistische vroege werk tot 1930, via het antimetafysische karakter van Ter Braaks geschriften onder de invloed van Nietzsche, tot zijn rol als een van de richting gevende cultuurcritici van deze eeuw.Ter Braaks overwinning van het expressionisme, zijn afscheid van de film, zijn worsteling met de consequenties van Nietzsches denken en uiteindelijk zijn behoefte om binnen de bestaande cultuur gehoor te krijgen, tonen de conformistische beperkingen van deze meedogenloze criticus van de burgerlijke cultuur.Van Nieuwstadt concentreert zijn analyse van het werk van Ter Braak rond het Carnaval der burgers, en de manier waarop Ter Braak hierin de dichterlijkheid als levenshouding uit het rijk van de mogelijkheden bant. De oorspronkelijke interpretatie biedt verrassende perspectieven voor de herlezing van Ter Braaks werk, en legt ten slotte een tragiek bloot die niet eerder zo voor het licht kwam.Ter Braaks idee dat de moderne mens het voortaan zonder metafysica, zonder eeuwige waarheden moet stellen, maakt dat zijn werk ook nu nog een verrassende actualiteit heeft. In de confrontatie met Ter Braaks tijdgenoten als Marsman, Du Perron, Thomas Mann, Oswald Spengler en Walter Benjamin en met lateren als Roland Barthes, Derrida en Adorno doet Michel van Nieuwstadt een nieuw beeld van Menno ter Braak oprijzen. Een intellectuele biografie van een van de invloedrijkste cultuurcritici van deze eeuw.
Edushock neemt je mee in een razend leeravontuur. Twintig tweets uit een denkbeeldige toekomst leggen choquerende trends bloot die de wereld de komende jaren drastisch zullen veranderen. Die trends worden geïllustreerd met een fictief toekomstverhaal. Edushock is een zapboek dat oproept tot meer creativiteit en innovatie in het onderwijs. Het is compleet met concrete tips voor leerkrachten, leerlingen en beleidsmakers.
Wie het kluchtenrepertoire van de zestiende-eeuwse rederijkers leest, wordt uitgenodigd om zich schilderachtige figuren in actierijke situaties voor te stellen. De kluchtenlezer is getuige van duiveluitdrijvingen, schrans- en vechtpartijen, mishandelingen, vermommingen, gegooi met etenswaren en huisraad, of taferelen waarin mensen in dierenvellen worden genaaid. Als hij zich bij deze visuele voorstellingen ook een klankbeeld voorstelt, dan hoort hij beeldrijke formuleringen, taalverhaspelingen, hyperbolische vergelijkingen, macaronische bezweringen, gewelddadige dreigementen en scheldduels vol bizar woordgebruik. Mooi vies, knap lelijk legt het artistieke principe bloot dat zich manifesteert in de buitensporige lichaamsrepresentaties en het woekerende en gespierde taalgebruik in dit theatergenre. Femke Kramer laat zien hoe deze geÙsthetiseerde 'lelijkheid' getuigt van een cultuur die zich in grote hevigheid aan het vernieuwen was. Het boek bevat tevens een catalogus met samenvattingen van de 77 kluchten die erin worden besproken.
Met de toenemende vergrijzing in Nederland en de voorzieningen die daarvoor nodig zijn, groeit ook de zorg voor de groep almaar ouder wordende dak- en thuislozen. Het is de vraag of de huidige voorzieningen van de maatschappelijke opvang voldoende zijn ingespeeld op deze specifieke groep, ook wel opvangouderen genoemd, die regelmatig aan alcohol of drugs verslaafd is. Voldoen de reguliere opvangmogelijkheden (dag- en nachtopvang, maar ook verpleeghuizen) of zijn er extra voorzieningen nodig voor deze groep? En wie is eigenlijk verantwoordelijk voor de opvang van deze mensen als zij zorgafhankelijk zijn? Het beantwoorden van deze vragen loopt zowel langs de lijn van eventuele overlast die opvangouderen veroorzaken als de specifieke zorg groep nodig heeft.Rimpels in de opvang geeft deels antwoord op deze vragen. Daarvoor wordt de problemetiek rond opvangouderen in een breder (inter)nationaal kader geplaatst. Verder vormt een kenschetsing van de kennis over het fenomeen bij provincies, centrumgemeenten en zorg- en opvanginstellingen onderdeel van dit onderzoek. Uiteidelijk mondt dit alles uit in een inventarisatie van opvangvoorzieningen die specifiek zijn ingericht voor opvangouderen.Uit de inventarisatie blijkt dat de opvangsituatie van opvangouderen volop in ontwikkeling is. Inzicht hierin kan van belang zijn voor zowel beleidsmedewerkers van provincies en gemeenten als medewerkers van opvang- en zorginstellingen, maar bijvoorbeeld ook voor omwonende burgers die te maken krijgen met een opvanginstelling voor opvangouderen. Het onderzoek legt lacunes bloot die bij de opvang voor deze doelgroep overwonnen dienen te worden. Uiteindelijk biedt Rimpels in de opvang een eerste leidraad voor die personen en instanties die een handreiking zoeken voor de opvang van opvangouderen.
Er zijn in Nederland nooit zo weinig Christenen geweest als nu. Het kabinet daarentegen is sinds het vooroorlogse Colijn IV niet meer zo christelijk geweest. De benepen ideologie van Balkenende, Bos en Rouvoet profiteert van een klimaat waarin zelfs ongelovige politici, journalisten en wetenschappers de mythe van de religieuze comeback verspreiden.August Hans den Boef gelooft niet in God als hype. Hij zet ferme vraagtekens bij Gods woord als vehikel voor het overbrengen van waarden en normen. Met polemische flair legt Den Boef de keerzijde bloot van het nieuwe christelijke elan in de politiek: betutteling, collectivisme, cummunautarisme en controle achter de voordeur.In God als hype draagt Den Boef soms serieus, soms schertsend, maar altijd spitsvondig alternatieven aan voor een samenleving die deugd, diversiteit en sociale cohesie bevordert zonder dat daar Godsdienst aan te pas hoeft te komen.
Over de evolutietheorie is tweehonderd jaar na de geboorte van Charles Darwin heel veel gepubliceerd, maar een overzichtelijke analyse van de betekenis van de evolutietheorie voor het denken over opvoeden ontbrak tot op heden. Hoe ingrijpend deze invloed is en is geweest, maakt een aantal specialisten uit verschillende vakgebieden in deze bundel meer dan duidelijk.Belangrijk voor het denken over kinderen en ontwikkeling zijn ook onhoudbare variaties op Darwins theorie, zoals de recapitulatietheorie van Ernst Haeckel, die de ontwikkeling van het kind voorstelde als een herhaling van de ontwikkeling van de soort. Ontwikkelingspsycholoog Willem Koops laat zien hoe die verkeerde interpretatie vat kreeg op de wetenschap. In het rijtje onhoudbare ideeën hoort ook het eugenetische opvoedingsdenken thuis, dat door historisch pedagoog Jan Noordman wordt geanalyseerd en in de tijd geplaatst. De pedagogen Marianne de Wolff en Frank van der Horst leggen de evolutietheoretische wortels van de gehechtheidstheorie bloot. De uitgangspunten van de zogeheten biologische antropologie, die haaks staan op de evolutietheorie, worden door pedagoog Bas Levering bekritiseerd.In de volgende hoofdstukken worden de opvoedingsideeën van de laatste twee en een halve eeuw op een rij gezet. De historici Arianne Baggerman en Rudolf Dekker besteden aandacht aan de Verlichtingsideeën van de achttiende eeuw. Historicus Wijnand Mijnhardt legt met zijn analyse van de betekenis van de Maatschappij tot het Nut van het Algemeen de nadruk op de negentiende eeuw. Historicus Timo Bolt beschrijft en analyseert de twintigste-eeuwse geschiedenis van wat inmiddels ADHD heet. Historisch pedagoge Janneke Wubs beschouwt de laat twintigste-eeuwse geschiedenis van de opvoedingsvoorlichting en duikt ook onze eenentwintigste eeuw binnen. Het kritische betoog van pedagoog Micha de Winter over het huidige jeugdbeleid brengt ons met de titel ‘Survival of the fittest child’ terug bij de evolutietheorie.
In Ordebewakers en ordeverstoorders beschrijft en analyseert Wilfred Verweij de teloorgang van jeugdgevangenis ’t Nieuwe Lloyd. Waardoor werd deze Amsterdamse justitiële jeugdinrichting jarenlang geteisterd door conflict en anarchie? Waarom was het nodig om iedere paar jaar de directie van de inrichting te vervangen? En hoe kon het gebeuren dat de toenmalige minister van Justitie uiteindelijk geen andere mogelijkheid zag dan ’t Nieuwe Lloyd in 2005 definitief te sluiten? In Ordebewakers en ordeverstoorders wordt dit bestuurlijk drama met een scherp oog voor detail gereconstrueerd, en dat leidt tot verrassende inzichten.Het boek geeft daarnaast een veelzijdig, en soms ontluisterend, beeld van de rol van een externe tijdelijke manager, die in 2002 wordt ingehuurd om in ’t Nieuwe Lloyd de orde te herstellen. Waarom lukte het deze vreemdeling of buitenstaander tenslotte niet om de gevestigde orde te bewegen tot verandering? Hoe raakten hij en alle andere actoren gevangen in een neerwaartse spiraal, waaruit niemand kon ontsnappen? En hoe slaagde hij er, tegen wil en dank, toch in om het bestuurlijk onvermogen binnen de institutie van de straftoepassing enigszins bloot te leggen?De zoektocht naar de macht én onmacht van ingehuurde outsiders maakt dit boek met name interessant voor (interventie) managers, adviseurs en interim managers, die werkzaam zijn in complexe omgevingen in het publieke domein.Wilfred Verweij is bestuurskundige en organisatiekundige. Hij doceert en adviseert op het terrein van conflicthantering, organisatieverandering en -ontwikkeling, management development en strategievorming. Hij is verbonden aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Achter de schermen van het VaticaanHet Vaticaan ligt regelmatig onder vuur. Terwijl in het seculiere Westen de kritiek almaar toeneemt, is de Katholieke Kerk in de rest van de wereld aan een opvallende opmars bezig. Nooit eerder in de geschiedenis waren er zoveel katholieken. Hoe machtig is het Vaticaan? Wat zijn de zwakke en sterke punten van de curie? Hoe verlopen de contacten met de islam en andere religies? En hoe groot is de invloed van de Heilige Stoel op het wereldgebeuren? Bart Demyttenaere slaagde erin tot de top van het Vaticaan door te dringen. Hij confronteerde aartsbisschoppen, pauselijke medewerkers en curiekardinalen met lastige vragen over het kerkelijke apparaat en probeerde hun persoonlijke drijfveren te achterhalen. De auteur opende de deuren van de Vaticaanse Bibliotheek en de Geheime Archieven, sprak met de hoogstgeplaatste vrouw van deze mannenwereld, trok op met Zwitserse wachters, schoonmaakploegen, de webmaster, tuinmannen en ambassadeurs van de paus, en slaagde er uiteindelijk in paus Benedictus XVI persoonlijk te ontmoeten.De Stoel van Petrus werpt een kritische blik op een onbekende wereld en legt de kwetsbaarheid van het kaderpersoneel van de Katholieke Kerk bloot. Over de auteurBart Demyttenaere (1963) behoort in Vlaanderen tot de best gelezen auteurs en scheef onder meer over zelfdoding, het gevangeniswezen en armoede in BelgiÙ. De Stoel van Petrus wordt het derde boek van zijn kerktrilogie. De twee eerste boeken uit die reeks, De laatste zusters van Vlaanderen? (2007) en Mannen van God (2008), werden bestsellers in Vlaanderen.
Over het boek:Elke samenleving worstelt met de uitdaging hoe om te gaan met het gegeven dat mensen van elkaar verschillen. Deze worsteling is van alle tijden en heeft soms tot dramatische uitkomsten geleid voor bepaalde groepen mensen. Uitsluiting is er slechts één van. Uitsluiting wordt bijvoorbeeld zichtbaar in het onderwijs, op de arbeidsmarkt en in het gebruik van de openbare ruimte. Segregatie op jonge leeftijd leidt niet zelden tot levenslange uitsluiting. Jongeren met een beperking of handicap bijvoorbeeld, lopen een groot risico nooit aan het werk te komen en levenslang afhankelijk te blijven van een uitkering.Inclusief onderwijs, dilemma’s en uitdagingen beschrijft de worsteling van het onderwijs met het omgaan met en het vormgeven van diversiteit. Het laat zien hoe het huidige gesegregeerde systeem is ontstaan en wat de gevolgen zijn voor kinderen, jongeren en hun ouders. Een samenleving die begint met uitsluiten, blijft uitsluiten, zo meent de auteur. Hij houdt een pleidooi voor een andere manier van denken: inclusief onderwijs als een zich ontwikkelende onderwijspraktijk waarin diversiteit niet wordt gezien als een probleem, maar als een uitdaging. Het boek legt de pijnpunten bloot, plaatst vraagtekens en suggereert richtingaanwijzers die moeten leiden tot een werkbare vorm van inclusief onderwijs waarin kinderen en jongeren worden voorbereid op een samenleving die vraagt om mensen die inclusief kunnen denken en handelen.Over de auteur(s):Hans Schuman is lector aan Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg. Zijn onderzoeksterrein is ‘Interdisciplinair werken in de context van onderwijs en zorg’. Het lectoraat is een gezamenlijk initiatief van Fontys OSO, Heliomare Onderwijs en de WEC Raad
Nederlands in structuren is geen gewoon grammaticaboek. In navolging van de grote Griekse filosoof Socrates gebruiken we het spel van vragen en antwoorden om de structuren van het Nederlands bloot te leggen. De vragen horen bij een korte tekst rond telkens één bepaalde taalstructuur. De lezer wordt uitgenodigd om na te denken over die structuur en zijn passieve kennis van het Nederlands te activeren. Na dit leerproces volgen klassieke én creatieve oefeningen die de lezer helpen de actieve kennis te consolideren. De teksten en de oefeningen hebben telkens een extra focuspunt: ze zijn informatief, humoristisch of vormen de vonk voor een interessant gesprek. Dit focuspunt biedt een mentale hefboom die het de lezer prettiger en dus makkelijker maakt om zich te concentreren en om de structuren te memoriseren. Nederlands in structuren is het resultaat van tien jaar samenwerking met cursisten die hun passieve kennis willen activeren met het doel correcter om te gaan met de taal.Dit boek is bestemd voor iedereen die een stevige basiskennis van het Nederlands als tweede taal heeft, maar zich onwennig voelt met complexe zinnen of niet helemaal zeker is van de juiste grammatica.
In dit boekje vervolgt Geneviève Edis (na het succesvolle MERDE!) op onnavolgbare wijze haar verkenningen van het populaire Frans en schotelt ze ons een enorme hoeveelheid kleurrijke uitdrukkingen voor, onmisbaar voor wie het Frans wil leren zoals het écht gesproken wordt.MERDE ENCORE! is nóg hilarischer en informatiever dan MERDE!, want de schrijfster gaat nog een stapje verder door te laten zien hoe de Franse taal de sleutel is tot de ziel van het volk. Met aanstekelijke humor legt ze allerlei typisch Franse eigenaardigheden bloot, die een schat aan levendige uitdrukkingen hebben opgeleverd. Ontdek met MERDE ENCORE! hoe de Fransen écht aankijken tegen de dood, buitenlanders, seks, la belle France, hygiëne en nog veel meer.
De welzijnssector staat onder druk.Bezuinigingen, decentralisering van overheidstaken en een gebrekkige oriëntatie op de burger nopen tot herbezinning.In Burgerkracht. De toekomst van het sociaal werk in Nederland verkennen Nico de Boer en Jos van der Lans in opdracht van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (Rmo) de toekomst van de welzijnssector. Ze pleiten voor meer ruimte voor burgers en een beperkte (maar cruciale)rol voor de overheid. Op basis van interviews met een twintigtal deskundigen leggen de auteurs dilemma’sen pijnpunten bloot, maar ook keuzemogelijkheden en perspectieven.