Rugklachten zijn volksziekte nummer ÚÚn, maar de oorzaken zijn nog grotendeels onbekend en daardoor tast men voor de behandeling nog in het duister. Dit boek geeft inzicht in de diagnose, hoop op herstel en vertrouwen in de toekomst. Dr. Leo van Deursen is als manueel geneeskundige verbonden aan de polikliniek voor manuele geneeskunde in Eindhoven.In samenwerking met De Wervelkolom
In het dagelijks leven wordt veel gemeten. Ook wordt vaak de maat van iets afgeleid uit andere gemeten waarden; denk aan lengte, gewicht, gemiddelde, oppervlakte, kans. De wiskundige beschrijving van deze activiteiten vindt plaats binnen de maat- en integratietheorie, een basisonderwerp van de moderne wiskunde. Elke student wiskunde komt hier in meer of mindere mate mee in aanraking. Dat geldt ook voor velen die zich bezighouden met toepassingsgebieden van de wiskunde.Dit boek geeft een elementaire inleiding in de Lebesgue-theorie zoals die zich in de loop van de twintigste eeuw heeft ontwikkeld. De klassieke Riemann-integratie komt overigens in een appendix aan de orde. Daarnaast is er aandacht voor motivering van uit de waarschijnlijkheidsrekening; als toepassing wordt in het laatste hoofdstuk voor een 'wet van grote aantallen' een elementair bewijs gegeven. Met voldoende basiskennis van de analyse is dit boek geschikt voor zelfstudie.Dr. K. van Harn werd in 1948 geboren te Lunteren, studeerde wiskunde aan de Universiteit van Utrecht en promoveerde in 1978 aan de Technische Universiteit te Eindhoven. Hij is als universitair docent verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.Prof.dr. P.J. Holewijn werd in 1935 geboren te Utrecht, studeerde wiskunde aan de Technische Universiteit te Delft en promoveerde aldaar in 1965. Tot zijn emeritaat was hij als hoogleraar waarschijnlijkheidsrekening verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Hoe kunnen ouderen langer gezond leven? Waarmee blijft onze productie concurrerend? Hoe moet het broeikaseffect opgelost worden? Zelfdenkende pillen en andere technologie die ons leven zal veranderen laat zien met welke vernieuwende technologie we de maatschappelijke problemen en vragen van de komende twintig jaar te lijf kunnen gaan. Vijfentwintig prominente wetenschappers met een brede kijk op samenleving, technologie en wetenschap geven inzicht in de ontwikkelingen op hun vakgebied. Rond de thema's gezondheid, duurzaamheid en communicatie laten zij zien wat er in de nabije toekomst tot de mogelijkheden kan behoren: nieuwe precisiemedicijnen, orkanen neutraliseren met straalmotoren en de ideale fabriek. Dat de wetenschappers de oplossing van een vraagstuk niet altijd in dezelfde richting zoeken maakt dit boek zo levendig en inspirerend. Zelfdenkende pillen en andere technologie die ons leven zal veranderen komt tot stand in samenwerking met de Technische Universiteit Eindhoven. De universiteit wil met deze realistische blik in de toekomst laten zien welk onderzoek nodig en wenselijk is. Onder de ge´nterviewden bevinden zich ook vooraanstaande internationale experts, zoals Craig Venter die het menselijk DNA ontcijferde en Jacques Souquet, oud-directeur van Philips Medical Systems en uitvinder van echoscopie-technieken.
Patiëntenvoorlichting door verpleegkundigen is bedoeld als een praktisch handvat voor individuele patiëntenvoorlichting en ondersteuning van zelfmanagement. De stappenreeks van gedragsverandering vormt in dit boek de leidraad. De stappen: openstaan – begrijpen – willen – kunnen – doen – blijven doen, bieden verpleegkundigen een praktisch handvat. Dit bevordert een methodische aanpak bij de voorlichting.Het boek bevat toegepaste theorie met voorbeelden uit de verpleegkundige praktijk. Aan het einde van de hoofdstukken zijn gespreksfragmenten opgenomen met een toelichting bij de aanpak en afwegingen van de verpleegkundige. Deze maken de theorie inzichtelijk in de praktijk van alledag.Nieuw in deze derde druk zijn de nadruk op ondersteuning van zelfmanagement, begeleiding van chronisch zieken bij hun zelfmanagement en voorlichting aan mensen met beperkte taal- en informatievaardigheden. Ook zijn de principes en de toepassingsmogelijkheden van motiverende gespreksvoering opgenomen. Patiëntenvoorlichting door verpleegkundigen is bestemd voor studenten verpleegkunde (hbo-V), studenten verpleegkundige vervolgopleiding, verpleegkundigen, praktijkondersteuners, nurse practitioners en verpleegkundig specialisten. Met dit boek kunnen zij in alle velden en instellingen van de gezondheidszorg aan de slag om hun voorlichting aan patiënten effectiever te maken.Berty Terra is docent psychologie/agogiek, patiëntenvoorlichting en gespreksvaardigheden aan Fontys Hogeschool Eindhoven.Els van Mechelen-Gevers heeft een jarenlange ervaring als docent aan de opleiding verpleegkunde en is momenteel werkzaam als publicist op het gebied van gezondheidskunde en patiëntenvoorlichting. Marieke van der Burgt is docent aan de opleiding verpleegkunde van Rijn IJssel in Arnhem, publicist en trainer patiëntenvoorlichting. Nieuw: Studeren 2.0Een wezenlijk onderdeel van het boek is de website www.studeren2punt0.nl. Het boek is digitaal beschikbaar. De lezer kan zelf online aantekeningen maken. Docent
De klassieke Fouriertheorie bestaat uit twee gedeelten: de theorie der Fourierreeksen en die van de Fouriertransformatie. Beide delen spelen een belangrijke rol, zowel in de wiskundige analyse als in de natuurkunde en de ingenieurswetenschappen. De bedoeling van het boek is om een algemene inleiding te geven, die vaste grond biedt bij verdere gespecialiseerde studie, zowel voor de zuivere wiskunde als voor de toepasser. Hoewel het boek niet primair een handleiding is voor toepassingen, wordt de toepasbaarheid van de theorie aan de hand van voorbeelden gedemonstreerd. Daarnaast is een hoofdstuk toegevoegd over een verwant onderwerp, de theorie van de Laplacetransformatie.Prof. dr. A.C.M. van Rooij werd in 1936 geboren te Eindhoven, studeerde wiskunde in Utrecht en promoveerde aldaar in 1963 bij H. Freudenthal. Hij verbleef een jaar aan de universiteit van Pennsylvania en daarna herhaaldelijk voor kortere tijd in de VS. In 1965 werd hij benoemd tot lector, in 1971 tot hoogleraar aan de Katholieke Universiteit te Nijmegen.
Onderwerpen: Decorontwerpen, Licht, Geluid, Kostuums, nieuwe Technieken, Locatietheater, theateraffiches, theaterarchitectuur.Met bijdragen van oa: GerardJan Rijnders, Paul Gallis, Sjoerd Wagenaar, Pieter Missoten, Alex d'Electrique, Gerrit Timmers, Leo de Nijs, Eric van der Palen, Lunatics, Hotel Modern, Henk van der Geest, Uri Rapaport, Kees van de Lagemaat, Niko van der Klugt, Gé Wegman, Piet Nieuwint, Cees Wagenaar, Paul Koek, Rien Bekkers, Tessa Lute, Sjoerd Didden, Parktheater Eindhoven, De Toneelschuur
Although now owned by the American company, PACCAR, and with links to Leyland, the roots of DAF trucks are firmly in Eindhoven, Holland. The company started truck manufacture relatively late, but in the early 1970s it took an industry lead with its flagship 2800. The author takes a close look at a favourite of long haul drivers, DAF.
Het echtscheidingsrecht kan al behoorlijk gecompliceerd zijn. Een internationale echtscheiding geeft extra complicaties.Zo is de eerste vraag of de Nederlandse rechter wel bevoegd is de echtscheiding uit te spreken. Of moeten partijen hun echtscheidingsverzoek toch aan een buitenlandse rechter voorleggen? Vervolgens is dan de tweede vraag welk recht de Nederlandse rechter zal toepassen op de echtscheiding en de echtscheidingsgevolgen, zoals alimentatie, gezag over de kinderen en omgang. Welk huwelijksvermogensrecht is van toepassing? Hoe zit het met de buitenlandse pensioenen? De derde vraag betreft de erkenning van Nederlandse beslissingen in het buitenland en buitenlandse beslissingen in Nederland. Stel dat er een Nederlands echtscheidingsbeschikking is uitgesproken, is de echtscheiding dan ook in het buitenland rechtsgeldig?In dit boek worden deze drie hoofdonderdelen besproken in relatie tot scheidingen en diverse aspecten daarvan (de echtscheiding als zodanig, alimentatie, huwelijksgoederenrecht Ún gezag en omgang).Over de auteurArlette Renate van Maas de Bie is als advocaat werkzaam te Eindhoven. Zij heeft een internationale praktijk. Daarnaast verzorgt zij diverse cursussen op het gebied van het internationale echtscheidingsrecht en is zij auteur van diverse uitgaven op het gebied van het internationale personen- en familieprivaatrecht.
Ondanks de toegenomen kennis over autisme bij volwassenen, is er helaas nog weinig bekend over een passende behandeling. In Mindfulness bij volwassenen met autisme bespreekt Annelies Spek een nieuwe therapievorm die mensen met autisme kan helpen om minder snel overbelast te raken, gedachten los te laten en beter lichamelijke grenzen aan te voelen.Bij mindfulness worden meditatietechnieken beoefend die ontleend zijn aan het boeddhisme. Hierbij wordt er weinig tot geen beroep gedaan op communicatie en inzicht in eigen gedachten en gevoelens. Dit is voor mensen met autisme prettig, omdat zij juist moeite ervaren in communicatie en sociaal inzicht (theory of mind).Na een heldere uiteenzetting van mindfulness wordt per hoofdstuk steeds een meditatieoefening besproken. Aan bod komen onder andere ademhalings-, luister-, gedachten-, lichaams- en bewegingsmeditaties. Bij elke oefening worden praktische tips gegeven en is er ruime aandacht voor specifieke valkuilen voor mensen met autisme. Ook wordt er concreet besproken in welke structuur men de meditaties kan beoefenen.Mindfulness bij volwassenen met autisme is de eerste behandeling voor volwassenen met autisme die bewezen effectief is. Door de toegankelijke stijl en deprachtige illustraties is dit boek zeer geschikt voor zowel hulpverleners als voor mensen met autisme zelf.Annelies Spek is als klinisch psycholoog en senior onderzoeker werkzaam bij het Centrum Autisme Volwassenen, GGZ Eindhoven. De illustraties zijn gemaakt doorRenÚ Hazebroek.
"Geografische informatie Systemen (GIS) bieden mogelijkheden om ruimtelijke informatie beter verkrijgbaar, verwerkbaar, behandelbaar en presenteerbaar te maken. Voor de docent, de student, de onderzoeker en de beleidsvoorbereider is dergelijke informatie van groot belang omdat daarop zijn of haar ruimtelijke analyse is gebaseerd.De boek reikt allereerst de basisbegrippen en principes aan waarop GIS gestoeld zijn, waardoor het geschikt is als eerste kennismaking. Vervolgens laat het boek zien hoe GIS in al zijn standaardfaciliteiten ruimtelijke analyse ondersteunt, en werkt voor een aantal velden van ruimtelijke analyse (netwerk- en bereikbaarheidsanalyse, analyse van sociaal ruimtelijk gedrag en ecologische analyse) de meerwaarde van het gebruik van GIS uit.Onderwerpen• Conceptuele ruimtelijke gegevensmodellen• Het structureren van ruimtelijke informatie, gegevens voor een GIS• Visualisatie en interactie door kaarten• Analysefuncties in GIS• Netwerkanalyse, bereikbaarheidanalyse en GIS• Modellen voor ruimtelijk gedrag• Toepassing in de landschapsecologieDr. A. Borgers (Technische Universiteit Eindhoven), dr. P.H.J. Hendriks (Vakgroep Bedrijfswetenschappen, Katholieke Universiteit Nijmegen), dr. R. van Lammeren, J. Roos-Klein Lankhorst (Landbouw Universiteit Wageningen); M. Molenaar (ITC Enschede); dr. J.J. Harts, dr. T. de Jong, prof.dr. F.J. Ormeling, dr. J.R. Ritsema-Van Eck, prof.dr. H.F.L. Ottens, drs. F. Toppen, ir. C.G.A.M. Wessels (Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, Universiteit Utrecht); drs. P. van Oosterom (Kadaster); drs. R. van der Schans (organisatie-adviseur); dr. F. Witlox (Universiteit van Antwerpen)."
Dit boek sluit aan op Analyse voor beginners door A. van Rooij (deel 6 in deze reeks) en ook dit vervolg bevat noodzakelijke wiskundige basiskennis.Het gaat hierbij vooral om de behandeling van functies van meer veranderlijken. Het afstandsbegrip in Rn wordt ingevoerd, continuïteit van afbeeldingen en het differentiëren en integreren van functies van meer veranderlijken. Een aantal begrippen zijn rechtstreekse uitbreidingen van begrippen uit Analyse voor Beginners, het is echter noodzakelijk om daarnaast een aantal geheel nieuwe ideeën in te voeren.Ook dit boek is in de prettige, didactische stijl geschreven die deze auteurs eigen is.Dr. R.A. Kortram is in 1944 geboren in Paramaribo, Suriname. Hij studeerde in Leiden, promoveerde in 1971 bij C. Visser en is nu als universitair hoofddocent verbonden aan de Katholieke Universiteit te Nijmegen. De publicaties van dr. Kortram liggen op het terrein van de potentiaaltheorie en de complexe functies, onder meer deel 13 in deze reeks.Prof. dr. A.C.M. van Rooij is in 1936 geboren in Eindhoven. Hij studeerde in Utrecht en promoveerde in 1963 bij H. Freudenthal. Thans is hij als hoogleraar verbonden aan de Katholiek Universiteit te Nijmegen. Van zijn hand verschenen een aantal artikelen over onderwerpen uit de analyse, drie wiskundeboeken in de Engelse taal en twee in het Nederlands.
Rotterdam is net als veel andere steden een arrival city. Een stad waar migranten arriveren en zich opwerken. Ooit deden de Zeeuwen, Brabanders en Chinezen dat in Rotterdam Zuid. Sinds de jaren zeventig zijn het migrantengroepen als Turken, Surinamers, Marokkanen en meer recent Oost-Europeanen. Als de nieuwe instroom het beter krijgt, neigen zij ernaar de stad te verlaten, net als hun Nederlandse stadsgenoten. Na de witte vlucht spreken we al enige tijd van een zwarte vlucht. Steden willen de ´Young Urban (Ethnic) Professionals´ verleiden om te blijven. Onder andere door nieuwe woonwijken te creëren op verlaten haventerreinen en oude woningen te slopen voor nieuwbouw. Maar wat willen deze aanstormende talenten zelf? Hoe zien zij hun toekomst? Zijn zij te binden aan Rotterdam Zuid, een gebied dat tot de meest kwetsbare van Nederland wordt gerekend? Dit boek brengt een groep jonge allochtone stadsvrouwen in beeld. Zij zijn de voorhoede van een opkomende nieuwe middenklasse in Nederland. Centraal in het boek staat wat hen beweegt, motiveert, hoe zij Rotterdam Zuid zien en er zelf deel van uitmaken. Hun persoonlijke verhalen maken de potenties en opgaven voor Rotterdam Zuid, in omvang te vergelijken met Eindhoven, scherp zichtbaar. De perspectieven van deze jonge vrouwen bieden vele aanknopingspunten voor ontwikkeling en vernieuwing van stedelijke omgevingen, die steeds internationaler worden.
De analyse speelt een rol in bijna alle toepassingen van de wiskunde. Deze tekst, die voor beginnende studenten is geschreven, legt de nadruk op zowel begrip van de analyse als technische vaardigheid. Zo komt convergentie aan de orde, differentiatie en integratie worden behandeld, maar ook volledige inductie en het rekenen met rijen. De stof reikt tot differentiatie en integratie van functies van twee veranderlijken. In de laatste paragrafen wordt opnieuw aandacht geschonken aan de grondslagen.Vele historische intermezzo's brengen de noodzakelijke culturele achtergrond aan die hoort bij de beoefening van het vak wiskunde. Dit boek is ontstaan uit jarenlange ervaring met het geven van colleges analyse. De tekst kan worden gebruikt voor zelfstudie door de uitvoerige uitleg en het gevoel voor de problemen dat bijgebracht wordt. De didactische stijl is verbonden met de precisie die voor het vak nodig is, maar de lezer kan de tekst bestuderen zonder te bekeeuwen. De uitvoerige behandeling van rijen en reeksen maakt het boek ook geschikt voor studenten informatica.Een vervolg op dit boek, deel 16 met als co-auteur dr. R.A. Kortram, gaat over de theorie van functies van meer veranderlijken.Prof. dr. A.C.M. van Rooij werd in 1936 geboren te Eindhoven, studeerde wiskunde in Utrecht en promoveerde daar in 1963 bij H. Freudenthal. Hij verbleef twee jaar aan de universiteit van Pennsylvania en daarna herhaaldelijk voor kortere tijd in de VS. In 1965 werd hij benoemd tot lector, in 1971 tot hoogleraar aan de Katholieke Universiteit te Nijmegen.Van zijn hand verschenen artikelen over onderwerpen uit de analyse, twee andere boeken in het Nederlands - het vervolgboek analyse en een over Fouriertheorie - en drie wiskundeboeken in de Engelse taal.
In het dagelijks leven wordt veel gemeten. Ook wordt vaak de maat van iets afgeleid uit andere gemeten waarden; denk aan lengte, gewicht, gemiddelde, oppervlakte, kans. De wiskundige beschrijving van deze activiteiten vindt plaats binnen de maat- en integratietheorie, een basisonderwerp van de moderne wiskunde. Elke student wiskunde komt hier in meer of mindere mate mee in aanraking. Dat geldt ook voor velen die zich bezighouden met toepassingsgebieden van de wiskunde.Dit boek geeft een elementaire inleiding in de Lebesgue-theorie zoals die zich in de loop van de twintigste eeuw heeft ontwikkeld. De klassieke Riemann-integratie komt overigens in een appendix aan de orde. Daarnaast is er aandacht voor motivering van uit de waarschijnlijkheidsrekening; als toepassing wordt in het laatste hoofdstuk voor een wet van grote aantallen een elementair bewijs gegeven. Met voldoende basiskennis van de analyse is dit boek geschikt voor zelfstudie.Dr. K. van Harn werd in 1948 geboren te Lunteren, studeerde wiskunde aan de Universiteit van Utrecht en promoveerde in 1978 aan de Technische Universiteit te Eindhoven. Hij is als universitair docent verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.Prof.dr. P.J. Holewijn werd in 1935 geboren te Utrecht, studeerde wiskunde aan de Technische Universiteit te Delft en promoveerde aldaar in 1965. Tot zijn emeritaat was hij als hoogleraar waarschijnlijkheidsrekening verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
De auteur gaat er vanuit dat wiskunde een speciale denkwijze en redeneertrant geeft, waarin overigens de Grieken ons zijn voorgegaan. Als ergens de dwingende macht van een denkwijze naar voren komt, is het in de wiskunde. Daarnaast is er de onmiskenbare schoonheid van het vak. In het onderwijs zouden, naast het nuttigheidsaspect, deze twee aspecten altijd tot hun recht moeten komen.Omstreeks 1900 legde Hilbert de grondslag voor de moderne meetkunde. Deze vraagt om enige algebraïsche kennis, waarmee dan op enkele toevoegingen na, dezelfde onderwerpen als in de oude vlakke meetkunde worden behandeld. Indien men zich deze nieuwe opzet jeunt, levert dit een duidelijke presentatie van de innerlijke structuur van de meetkunde. Tevens is er een veel ruimer gebied van geldigheid.Jan van IJzeren werd in 1914 geboren in Den Haag. na het behalen van het gymnasiumdiploma begon hij met de studie wiskunde in Leiden, maar zwaaide in verband met de werkgelegenheid om naar rechten. Een mooi resultaat betreffende de stelling van Morley was aanleiding om, als mr. in de rechten, een boek over meetkunde te gaan schrijven; dit werk verscheen in 1941. In de bezettingstijd ging hij werken in het levensverzekeringsbedrijf, maar raakte in een poging ter vermijding van te werkstelling door de bezetter, in een gevaarlijk avontuur in Duitsland verzeild.Na de Tweede Wereldoorlog werd hij wiskunde-assistent in Delft, deed doctoraal examen en ging een tiental jaren bij het Centraal Bureau voor Statistiek werken. Het vele ambtelijke werk was aanleiding om over te stappen naar de nieuwe TH te Eindhoven, waar hij tot zijn 65-ste in functie bleef. Uit onverwachte hoek - Boedapest - kwam in 1987 de mogelijkheid om te promoveren op een fundamenteel valutaprobleem dat hij bij zijn loopbaan bij het CBS had opgelost.Zijn blijvende interesse in de meetkunde leidde tot het onderhavige boek.
Het is moeilijk om te voelen wat normaal is, wanneer je normaal zo lang niet meer hebt gekend.Van haar veertiende tot haar zestiende lijdt Charlie aan een depressie. Na een moeilijke periode van pillen, psychologen, paniekaanvallen en een zelfmoordpoging belandt ze uiteindelijk in een kliniek. Na daar vijf maanden te zijn opgenomen moet ze het veilige, beschermde wereldje van de kliniek verlaten; haar behandelaren hebben besloten dat ze weer klaar is voor het 'echte leven'.Maar hoe pik je het 'normale leven' weer op na zo'n ervaring en wat is nu helemaal 'normaal'? Hoe ga je om met de angst weer terug te vallen in een depressie? En met het stempel 'gek' dat je al gauw krijgt opgeplakt door anderen? Rauw en eerlijk beschrijft Charlie hoe zij langzaamaan haar evenwicht hervindt.Een openhartig boek voor tieners, ouders en iedereen die beroepsmatig betrokken is bij de behandeling van depressieve jongeren. Charlie Bee (pseudoniem) studeert Toegepaste Psychologie aan de Fontys Hogeschool Eindhoven. Ze is van plan volgend jaar te beginnen aan de studie Psychologie aan de Universiteit van Tilburg. Eerder verscheen van haar 'En prozac is mijn paracetamol'.
Persoonlijkheidsstoornissen bij ouderen zijn pas sinds kort een serieus thema in de ouderenopsychologie en -psychiatrie. Dat is op zich vreemd, want de prognose van psychische stoornissen is vaak slechter als er eveneens sprake is van persoonlijkheidsproblematiek. Een inschatting van de aanwezigheid, aard en ernst ervan is dus van groot belang voor de hulpverlening.Persoonlijkheidsstoornissen bij ouderen is het eerste Nederlandstalige boek over diagnostiek en behandeling van persoonlijkheidsstoornissen bij ouderen. Door gerenommeerde deskundigen op dit terrein en onder redactie van Bas van Alphen is volgens de principes van evidence-based practice literatuuronderzoek gedaan. Daarnaast worden er op basis van consensus tussen Nederlandse en Vlaamse deskundigen en klinische impressies vakinhoudelijke aanbevelingen gedaan voor optimale zorg.Na een beknopt, maar gedegen overzicht van concept, etiologie, beloop en prevalentie van persoonlijkheidsstoornissen bij ouderen wordt uitgebreid ingegaan op de diagnostiek, indicatiestelling en behandeling. Daarbij is er speciale aandacht voor gedragsadvisering bij ouderen met persoonlijkheidsstoornissen: een relevante en veelvuldig toegepaste interventie in de ouderenpsychiatrie en de verpleeghuispsychologie. Tot slot worden aspecten van wetenschappelijk onderzoek bij ouderen belicht en aangevuld met onderwijsmogelijkheden in Nederland en Vlaanderen.Het boek is uitgebreid ge´llustreerd met inzichtgevende casussen en bovendien voorzien van uitgebreide literatuuroverzichten. Het onderzoek is verrichtvanuit het Expertpanel Persoonlijkheid & Ouderen (EPO).Over de auteurDr. Bas van Alphen is werkzaam als gz-psycholoog en senioronderzoeker bij de divisie Ouderen van GGZ-instelling Mondriaan te Heerlen. Daarnaast is hij hoofddocent ouderenpsychologie voor zowel de gz-opleiding als de psychotherapieopleiding bij RINO-Zuid in Eindhoven.
Denk aan je mensenDe praktijk van de dagelijkse gang van zaken op scholen is erg weerbarstig. Door de onderwijsgeschiedenis heen zijn er voortdurend initiatieven geweest tot vernieuwing, maar vrijwel altijd hebben enthousiasme en scepsis scherp tegenover elkaar gestaan. Hoe komt dit? Leraren bouwen aan een persoonlijk systeem van kennis, vaardigheden en houdingen. Bij voorstellen voor verandering ontstaan er confrontaties tussen dit persoonlijk systeem en de voorstellen, wat vaak leidt tot polarisatie en verdeeldheid. Dit is ernstig, want in vele gevallen zorgt dit voor onzekerheid, onmacht, angst, frustratie, zelftwijfel en gevoelens van isolement.Dit is echter te vermijden door een bijzonder leiderschap teontwikkelen. De grootste valkuil voor een manager is macht, de grootste uitdaging is oog hebben voor je medewerkers, In dit opzicht werd al veel historisch leergeld betaald. De auteurs geven vanuit een theoretische invalshoek en met praktijkvoorbeelden inzichten en manieren om deze weerbarstigheid te lijf te gaan.Dolf van den Berg is hoogleraar aan TiasNimbas –Business School, Tilburg University in association with Eindhoven University of Technology. Hij is emeritus hoogleraar onderwijsinnovatie/ verandermanagement aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. De mede-auteurs zijn verbonden aan OMO - Ons Middelbaar Onderwijs.
‘Neemt mijn buurman de kleur rood waar op dezelfde manier als ik?’ Om een vraag als deze te kunnen beantwoorden moet je weten wat een beeld, maar ook wat verbeelding is.Van licht tot zicht geeft een overzicht van wat de filosofie, natuurkunde, biologie, cognitieve psychologie, beeldtechnologie, informatica en kunstgeschiedenis ons leren over waarneming. De auteur gebruikt een 8-lagenmodel om op een interdisciplinaire en systematische manier beelden en het zien van beelden te benaderen. Na twee inleidende hoofdstukken volgt een hoofdstuk met algemene theorie over beeld. Vervolgens komen alle acht lagen van het model in een afzonderlijk hoofdstuk aan bod. Per laag stelt de auteur een vraag: Wat is licht? Hoe registreren we een beeld? Hoe zien we oppervlak? En vorm? Hoe is het mogelijk dat we diepte kunnen zien? Hoe weten we welk object we waarnemen? En hoe zien we relaties tussen objecten? Wat is betekenis?Van licht tot zicht geeft inzicht in waarneming en is geschikt voor alle hbo- en universitaire studies waarbij visuele communicatie van belang is. Voor studenten van exacte studies is een meer technische toelichting beschikbaar op de bijbehorende website.Kees van Overveld is natuurkundige en informaticus aan de TU Eindhoven. Binnen de universiteit zette hij de groep ‘Computer Graphics’ op en ontwikkelde hij het vak ‘Big Images’. Kees van Overveld is tevens gastdocent aan onder andere de Reinwardt Academie.
Will the free market solve our problems with regard to global resource depletion or will technology alone save us? Are total absolute quantities of resources more important than the accessible part of them that can be converted into production at meaningful rates and at affordable cost? On a global scale we are facing energy scarcity due to the fact that the growth in net energy production, which is largely based on fossil fuels, can no longer keep up with the growth in global population. Energy scarcity means metals scarcity, or more in general materials scarcity.Materials scarcity in turn aggravates energy scarcity. This book gives a comprehensive overview of our predicament, why and how we got here and how we might adapt with the least damage. Adaptation involves 'Managed Austerity' (amongst others using less), the 'Elements of Hope' (amongst others using nature's most abundant building blocks) and acknowledgement of the Second Law of Thermodynamics. About the authorAndrÚ Diederen graduated in 1987 from Eindhoven University of Technology as a mechanical engineer. He got his PhD in mechanical engineering in 1997 at Delft University of Technology after designing and testing a new type of separation equipment. He has worked in different technology fields related to applications of various materials.
Actieonderzoek staat volop in de belangstelling in zorg en welzijn. Het wordt steeds vaker en ook steeds meer gebruikt. Het lijkt soms wel of dat (bijna) iedereen actieonderzoek doet. Actieonderzoek wordt vaak gemakkelijk voorgesteld. Actieonderzoek is dubbel zo moeilijk als traditioneel onderzoek, maar tegelijkertijd dubbel zo effectief. Het is een krachtige onderzoeksbenadering die bruikbare kennis levert om gezamenlijk de praktijk van welzijn en zorg te verbeteren.Op dit moment is een praktisch georiënteerd boek toegesneden op actieonderzoek in zorg en welzijn niet beschikbaar. Dit boek voorziet in deze behoefte. Ferdie Migchelbrink wijst de weg in het adequaat gebruik van actieonderzoek in zorg en welzijn. Hij geeft handreikingen aan mensen die willen kennismaken met actieonderzoek en willen leren zelf actieonderzoek te doen. Actieonderzoek voor professionals in zorg en welzijn biedt een overzicht van opvattingen, ideeën en richtlijnen voor het opzetten, uitvoeren en begeleiden van actieonderzoek. Verder komen aan de orde achtergronden, grondslagen, modellen methoden en technieken van actieonderzoek en casuïstiek.Actieonderzoek voor professionals in zorg en welzijn wordt gevoed door inzichten en ervaringen opgedaan in een reeks van jaren in onderwijs en onderzoek en is daarmee uitermate geschikt voor studenten en hun begelieders en beroepsbeoefenaren in zorg en welzijn.Ferdie Migchelbrink is docent en onderzoeker aan Fontys Hogeschool Sociale Studies te Eindhoven. Vanaf 1986 is hij als projectleider en adviseur betrokken bij vele onderzoeken in zorg en welzijn.
De laatste jaren worden we overspoeld door zelfhulpboeken. Door het lezen van dergelijke boeken kun je je depressieve gedachten, stress, vermoeidheid, angst en gebrek aan zelfvertrouwen onder controle krijgen. Helaas lijkt dat vaak sneller gezegd dan gedaan. Hoe komt dat toch?Je weet door de nieuwe kennis immers wat je te doen staat. Wat maakt het proces van veranderen zo moeilijk? Kan je eigenlijk wel veranderen?Precies over deze vragen gaat dit boek. In het eerste deel bespreekt Jan Verhulst drie niveaus van verandering. Veranderingen kunnen plaatsvinden in gedrag, in denken en in voelen. In het tweede deel wordt ingegaan op de mogelijke problemen die zich kunnen voordoen bij verandering.Dit boek is bedoeld voor iedereen die serieus heeft besloten zichzelf te veranderen. De zeer heldere tekst laat zien waarom veranderen zo moeilijk is. De vele vragenlijsten en praktische voorbeelden bieden een handvat om je weerstand tegen verandering - hoe moeilijk ook - misschien toch te overwinnen.Dr. J.C.R.M. Verhulst is zelfstandig gevestigd als geregistreerd klinisch psycholoog en verzorgt adviezen en trainingen voor het bedrijfsleven. Hij is oprichter van het RET-instituut Zuid-Nederland, gevestigd in Eindhoven. Zie www.ret2000.nl.Andere uitgaven van Jan VerhulstRET-jezelf. Verstandig omgaan met problemen (8e druk 2005, ISBN 90 265 1765 3).Rationeel Emotief Management. Leidinggeven met gevoel en verstand (3e druk 2005, ISBN 90 265 1764 5).
Gilles W.B. Borrie, geboren 26 september 1925 te Bergen op Zoom, werkte bij de Dr. Wiardi Beckman Stichting en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en was burgemeester in een viertal gemeenten, laatstelijk in Eindhoven. Hij schreef biografieën van gemeentepolitici als Wibaut, De Miranda, P.L. Tak en Reinalda en gedurende vijftig jaar was hij lid
In Helend Handwerk. Herinneringen van een Rotterdamse chirurg blikt emeritus hoogleraar plastische en reconstructieve chirurgie Jacques van der Meulen van het Erasmus Universitair Medisch Centrum terug op zijn leven en werk. Hij groeide tijdens de Tweede Wereldoorlog op in Eindhoven, studeerde na de oorlog geneeskunde in Leiden en vestigde zich in 1961 als aanstaand plastisch en reconstructief chirurg in Rotterdam om daar nooit meer te vertrekken. Met veel illustraties, foto's, cartoons en archiefstukken worden verschillende aspecten van leven en werk aanschouwelijk en inzichtelijk gemaakt. De geschiedenis van het gemeenteziekenhuis aan de Coolsingel is onlosmakelijk verbonden met de plastische chirurgie omdat de Nederlandse pionier Jan Esser daar in 1914 zijn Franse ervaringen met de reconstructieve chirurgie mocht demonstreren om met een aanbevelingsbrief van Dr Willem Noordenbos op zak naar het oorlogsfront te vertrekken. De verhuizing van het in de oorlog beschadigde gemeenteziekenhuis naar het nieuwe ziekenhuis Dijkzigt en de overgang van gemeente naar universiteit wordt beschreven en gedocumenteerd. De introductie van talrijke nieuwe technieken bezorgde de Rotterdamse afdeling plastische en reconstructieve chirurgie, zowel plaatselijk als landelijk, maar ook internationaal een goede naam. Van een relatief onbekend vak ontwikkelde het specialisme zich in Rotterdam, net als de stad zelf, tot lichtend voorbeeld voor alles wat technisch mogelijk was op reconstructief gebied. Speciale aandacht ging in Rotterdam uit naar de ontwikkeling van de reconstructieve chirurgie van de hand, brandwonden, aangeboren afwijkingen, craniofaciale chirurgie en microchirurgie. Helend Handwerk is voor een breed en geïnteresseerd lezerspubliek geschreven, en is ook een aantrekkelijk beeldverhaal over een chirurgische loopbaan van een halve eeuw.Jacques van der Meulen (Eindhoven, 1929) studeerde geneeskunde aan de rijksuniversiteit van Leiden en werd opgeleid tot algemeen chirurg in Den Haag en tot plastisch chirurg i
"Wie denkt met dit boek in de hand op efficiënte wijze een einde te kunnen maken aan onze overgeorganiseerde samenleving, heeft het mis. Chaos heeft hier een totaal andere betekenis. Het staat voor een constructieve volgende stap in ons denken, waarbij niet minder maar méér orde wordt nagestreefd. Maar die orde is wel van een heel andere aard dan voorheen het geval was.Chaosdenken is de benaming voor een geheel nieuwe wijze van kijken die ontstaan is in de exacte wetenschappen, en nu ook binnen de bedrijfswetenschappen haar intrede heeft gedaan. In dit boek is het Chaosdenken specifiek van toepassing gemaakt op organisaties. Daarbij staat niet alleen de theorie, maar ook de praktijk centraal.Dit boek is bestemd voor mensen die al enige ervaring hebben opgedaan met het Chaosdenken, en hun modellen, aanpakken en toepassingen willen spiegelen aan anderen. 'Verdieping van Chaosdenken' is geschreven door auteurs die in hun werk dagelijks met Chaosdenken bezig zijn, en de voor- en nadelen ervan kennen. Het vormt een hulpmiddel voor al diegenen die de aansluiting op een wereld die steeds dynamischer en complexer wordt, niet willen verliezen.Dit boek vormt het tweede deel in de Chaosforum Boekenreeks. De Stichting Chaosforum.com wil een platformfunctie vervullen voor mensen die gefascineerd worden door het Chaosdenken. Zij wil contacten stimuleren tussen ondernemers, adviseurs, managers, professionals, organisatiewetenschappers en studenten. RedactieFrans van Eijnatten is verbonden aan de faculteit Technologie Management van de Technische Universiteit Eindhoven.Marian Kuijs studeerde in 1987 te Utrecht af in de ontwikkelingspsychologie.Julien Haffmans studeerde af in de psychologie en politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. "
Leeuwerikroutes bevatten de mooiste fietstrajecten in de regio op basis van knooppunten. De routes zijn tussen de 20 en 40 km lang en zijn geselecteerd op landelijkheid en rijgemak.
Suitable for undergraduate and graduate courses in organizational behaviour, this classic textbook has provided many generations of students with an exceptional introduction to organization, written by the masters of the subject. Now adapted to meet the needs of students in Europe, it offers real life examples drawn from a global range of organisations, and up-to-date insights into the latest research from across the world and hot topics The US edition of this book is one of the world's leading organizational behaviour texts because its content and organization consistently reflect the most recent developments in theory and in practice. This brand-new adaptation of Organizational Behaviour has been inspired by the original edition and explores organizational behaviour from a wider, European-centred perspective. Case studies and exercises have been re-written for European students and content draws on research and examples from across the world. Covering exciting new topics and offering the latest research, this text continues to be a leader in the field of organizational behaviour.New case studies and examples based on companies from across Europe and the rest of the world such as Ferrari, Dresdner Kleinwort, the Hilti Group, Google and more help to bring the subject alive. At last, there is an Organizational Behavior textbook that provides case examples from both sides of the Atlantic. This European edition of Robbins & Judge combines theoretical substance with practical relevance. It offers students in OB the unique opportunity to discover the diversity of Europe, and to put it in a more global perspective.' Frans M. van Eijnatten, Eindhoven University of Technology A cracking read for students of organizational behaviour in a European context. Real-world examples and thorough scholarship bring the text to life.' Alexandra Beauregard, London School of Economics
In 2011 is het honderd jaar geleden dat Frederick Winslow Taylor zijn ‘Principles of Scientific Management’ publiceerde. Daarmee werd management object van praktische toepassing van de uitkomsten van wetenschappelijke analyse van de praktijk van de bedrijfsvoering in industriële bedrijven. Er zijn in de voorbije honderd jaren verschillende managementtheorieën en -modellen ontwikkeld over de complexe werkelijkheid van organiseren, managen en rollen van managers. Managers moeten kunnen omgaan met onzekerheden, paradoxen en dilemma’s. Zij kunnen beschikken over kennis uit de organisatie- en managementwetenschappen die in de afgelopen honderd jaren vele paradigma’s, theorieën en scholen heeft opgeleverd. Desondanks is het een moeilijke opgave die kennis doeltreffend en doelmatig in te zetten om de problemen die zich dagelijks in en om hun organisatie aandienen te onderkennen, analyseren en op te lossen. Dit boek wil hen hierbij ondersteunen aan de hand van een drietal thema’s: (1) ontwikkelingen in verschillende disciplines van de organisatie en managementwetenschappen die aanleiding geven voor het ontstaan van nieuwe paradigma’s; (2) thema’s daaruit die morgen en overmorgen op de agenda van managers staan en (3) rollen die managers daarbij spelen in de praktijk van alledag.De auteurs, allen docenten aan TiasNimbas, de Business School van de Universiteit van Tilburg en de Technische Universiteit Eindhoven, willen bijdragen aan de verbetering van de kwaliteit van management. Zij zijn werkzaam in onderwijs, wetenschappelijk onderzoek en in consultancy en willen informeren over wat managementwetenschap vanuit hun vakgebied voor de praktijk van management kan betekenen. Zij hebben daarbij managers en zij die zich daarvoor bekwamen in (post-)hbo- en (post)academische opleidingen als doelgroep voor ogen.
It’s About TimeIn de eerste 10 jaar na de publicatie van Rajan Suri’s mijlpaalboek Quick Response Manufacturing, zijn de innovatieve uitgangspunten van QRM met indrukwekkende resultaten bij vele bedrijven, groot en klein, in uiteenlopende bedrijfstakken bewezen. Na een tiental jaren QRM workshops gegeven te hebben aan leidinggevenden, heeft Suri een duidelijke, beknopte en toegankelijke methode ontwikkeld om de QRM strategie samen te vatten in vier principes. 1 De kracht van tijd -- de enorme impact die tijd heeft op uw gehele onderneming2 Organisatiestructuur -- hoe uw organisatie te organiseren om doorlooptijd te reduceren3 Systeemdynamiek – begrijpen hoe interacties tussen orders en bronnen invloed hebben op tijd om betere beslissingen te nemen over capaciteit en seriegroottes.4 Bedrijfsbrede aanpak – QRM is niet alleen een strategie voor de werkvloer, maar voor de hele onderneming inclusief werkvoorbereiding, planning, inkoop, verkoop en productontwikkeling.Nieuwe cases over QRM implementaties in It’s About Time verduidelijken hoe QRM niet alleen de levertijd vermindert maar ook de kwaliteit verbetert, bedrijfskosten vermindert en het mogelijk maakt voor bedrijven om een substantieel marktaandeel te verkrijgen.Dit verklaart waarom fabrikanten in hoogontwikkelde landen de QRM strategie kunnen gebruiken om met lagelonenlanden te kunnen concurreren.Bovendien geeft het bruikbare suggesties voor het implementeren van QRM, inclusief de financiële administratie, een nieuwe baanbrekende aanpak voor kostentoewijzing en een stapsgewijs proces voor implementatie.LeanTeamLeanTeam uit Eindhoven is een specialist en de pionier in het trainen en toepassen van de QRM filosofie. Met het uitgeven van de Nederlandstalige versie van Suri’s nieuwste boek It’s about time, wil LeanTeam haar toonaangevende positie versterken door dit nieuwste werk toegankelijker te maken voor Nederlandstalige ondernemers en studenten. www.leanteam
Winnaar AKO Literatuurprijs 2008In Over de liefde wordt een vrouw verlaten: haar derde lange liefdesrelatie is stukgelopen, zonder dat zij een idee heeft waardoor, door wie of waarom.Voor de zoveelste keer in haar leven is zij alleen, in de steek gelaten, op de rand van een depressie. Dan overkomt haar een ernstig ongeluk, waaraan ze een gaatje in haar geheugen overhoudt: hoe gebeurde dat ongeluk? De zoektocht naar wat de hersenen voor haar versluierd willen houden, leidt haar terug naar haar jeugd, toen ze voor de allereerste keer verliefd was.Over de auteurDoeschka Meijsing (Eindhoven, 1947) schrijft verhalen, gedichten, essays en romans. Ze debuteerde in 1974 met De hanen en andere verhalen. Voor Tijger, tijger! (1980) ontving ze de Multatuliprijs. De tweede man (2000) werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs en betekende Meijsings doorbraak naar het grote publiek. Haar roman 100% chemie (2002) werd genomineerd voor de Libris Literatuur Prijs en kan worden gezien als een opmaat naar Moord, haar deel van de spraakmakende roman Moord & Doodslag (2005), die ze samen met haar broer Geerten schreef. In 2007 publiceerde ze de kleine roman De eerste jaren en in 2008 volgde haar veelgeprezen bestseller Over de liefde die bekroond werd met de AKO Literatuurprijs 2008. Doeschka Meijsing heeft een indrukwekkend oeuvre op haar naam staan, dat in 1997 werd bekroond met de Annie Romeinprijs.
"Max - een Joodse vluchteling" is het verhaal van de Duitse jongen die vlak voor de Tweede Wereldoorlog uit Duitsland naar Nederland vlucht om aan de terreur van nationaal-socialisme te ontsnappen. Zijn verhaal staat voor hetzelfde lot - en dezelfde vluchtroute! - van zo'n 10.000 kinderen.<br/>Max was dus één van de kinderen uit Duitsland en Oostenrijk die werden ondergebracht in Nederland en Engeland. De kinderen die naar Engeland gingen hadden geluk: er is hen verder niets overkomen. De kinderen die in Nederland werden opgevangen, wachtte een zeer divers lot: sommigen slaagden er uiteindelijk in om Palestina te bereiken, anderen bleven de hele oorlog ondergedoken, maar er zijn er ook in concentratiekampen geëindigd. Veel van de kinderen die uit Duitsland zijn gevlucht zijn omgekomen. Van de kinderen die op het Hof van Moerkerken hebben gewoond - de vrienden van Max - hebben zeven de oorlog niet overleefd. Max wordt achtereenvolgens in Eindhoven, Amsterdam, Mijnsheerenland, Loosdrecht, weer Amsterdam, Friesland ondergebracht.<br/>Een groot deel van het verhaal speelt zich af in Mijnsheerenland, waar de kinderen werden ondergebracht in het Hof van Moerkerken (de plaats waar Frederik van Eeden een belangrijk deel van zijn oeuvre schreef).<br/>Het verhaal is natuurlijk echt gebeurd - met andere woorden: Max heeft echt bestaan en is er met veel hulp uiteindelijk in geslaagd om naar Palestina te ontsnappen. (In totaal zijn er 100 kinderen vlak voor en tijdens de oorlog erin geslaagd om vanuit Nederland via de Pyreneën naar Palestina te vluchten.)<br/>Het boek is voorzien van vele foto's en tekeningen - mede dankzij de medewerking van de (inmiddels volwassen) kinderen die op een oproep tot medewerking in een Israëlische krant hebben gereageerd.
Oud zink is de neerslag van jarenlang dichterschap. In zijn vaak autobiografische gedichten en ook in de stadsgedichten, die hij als stadsdichter van Venlo schreef, weet Koos van den Kerkhof feilloos de juiste woorden te vinden. Dicht op de huid schetst hij zijn omgeving met haast pijnlijke precisie. Naast deze, soms in parlando geschreven, poÙzie staat er ook meer experimenteel werk in deze bundel. Hier neemt de dichter de ruimte om de taal naar zijn hand te zetten. Experimenten die qua taal en vorm een heel ander soort poÙzie opleveren maar die in draagkracht even sterk is. Het gaat hierbij vooral om het spel en de schoonheid, zowel wat betreft het onderwerp als de woordkeuze. Koos van den Kerkhof (Tegelen, 1946) is docent aan de schrijversschool van het Centrum voor de Kunsten in Eindhoven. Hij publiceert over schrijven, literatuur en kunst. Hij was vanaf september 2002 twee jaar stadsdichter van Venlo.'Ontegenzeggelijk een eigen taal(gebruik), een eigen talige wereld en een sterke waarneming.' - Ton Lemaire
Een humoristisch boek over dieren in de zee, in de stijl van Toon Tellegen, met prachtige illustraties van Martijn van der Linden.'Allemaal keken ze met open mond naar het vreemde dier dat in hun midden dobberde.Een olifant, fluisterde Freddy de papegaaivis. Ik zweer het, het is een olifant. Onzin, zei Benny het sardientje. Olifanten bestaan niet. Jawel, zei Boris de haai. Maar olifanten zwemmen niet. Ze vliegen.Nonsens, sputterde Jacques de walvis. Olifanten leven onder de grond. Dit is een reuzenschildpad.Iedereen begon nu iets anders te roepen, en iedereen dacht precies te weten hoe het zat. Al snel liep de discussie zo hoog op dat niemand meer naar de olifant omkeek. Totdat de olifant heel hard zuchtte en zo bijna een vloedgolf veroorzaakte. Toen viel het stil.'Op een heel normale dag, ergens midden op zee, drijft Olifant. Alle zeedieren zijn verbaasd en vragen zich af waar Olifant vandaan komt, en zelfs of hij eigenlijk wel bestaat. Als na enkele dagen blijkt dat Olifant niet van plan is om verder te drijven, nemen ze hem maar voor lief en bekommeren ze zich weer om hun eigen leven. Saartje de zeeslang zoekt iemand die haar kan vertellen of ze wel in zee thuis hoort. Karel de kikker haat het in zee, totdat hij verzeild raakt in een wedstrijdje verspringen met een stel vrolijke slijkspringers. En dan is er nog die vervelende vliegende vis, die alleen maar kan opscheppen over hoe goed hij kan vliegen en steeds moppert hoe traag alle andere dieren zijn. En al die tijd dobbert Olifant aan de oppervlakte, zuchtend, de rimpels in zijn voorhoofd bij iedere deining van het water steeds een beetje dieper.Over de auteurHenk van Straten (1980) woont en werkt in Eindhoven. Hij debuteerde in 2007 met het kinderboek Zwarth, het donker ontwaakt. Het jaar daaropvolgend verscheen zijn romandebuut, Ik ben de regen. Dat boek werd tien maanden later - louter uit commerciÙle overwegingen - herdoopt tot Kleine stinkerd. Samen met Miriam van Om
De bewezen principes en ongeschreven, soms ludieke ervaringsregels van management zijn gevangen in talloze managementwetten. Er zijn beroemde wetten, zoals de wet van de remmende voorsprong, maar ook minder bekende, zoals de wet van Bolwijn. Om als manager de excellente organisatie te ontwikkelen en te besturen, is het handig dat u deze managementwetten goed begrijpt, en dat u weet hoe u er uw voordeel mee kunt doen.Het managementwetboek geeft een overzicht van de tachtig managementwetten die iedere manager hoort te kennen. Elke managementwet wordt geanalyseerd, waarbij ook de relatie tot andere managementwetten en de kritiek erop aan bod komen. U leest hoe u met de wetten om kunt gaan, zodat ze praktisch toepasbaar worden.De tachtig wetten zijn ingedeeld in tien managementdisciplines, waaronder:strategisch management, met onder meer de wet van Gresham, de wet van Porter en de wet van Calimero;leiderschap en verandermanagement, met de wet van penny-wise and pound-foolish, de wet van Stephen R. Covey en de wet van effect;marketing- en salesmanagement, bijvoorbeeld de wet van de varkenscyclus, de wet van de lerende klantrelaties en de wet van Maister.U kunt niet onder managementwetten uit, maar u kunt er wel zo goed mogelijk mee omgaan. Ken uw wetten!Over de auteurMarcel van Assen is senior managing consultant bij Berenschot, waar hij verantwoordelijk is voor advisering over Operational Excellence. Daarnaast is hij docent aan de Technische Universiteit van Eindhoven en de Universiteit van Tilburg. Eerder schreef hij onder meer Het groot managementmodellenboek.
Design Academy Eindhoven was founded in 1947, at which time it was called (in Dutch) the Academy of Industrial Design Eindhoven. Today the school has a reputation, at home and abroad, as a highly contemporary and virtually unequalled design institute. Programmes offered cover a wide range of design-related disciplines – from product, graphic, new-media and automotive design to city planning and trend forecasting. The position taken by students and alumni within this spectrum of creative activities is considerable.The publication, House of Concepts, casts a light – through words and pictures – on the 60-year history of the academy. In the pages of this book, the reader will find the work of nearly every important Dutch designer, as most of them have studied at the academy. House of Concepts also offers a philosophical and critical view of design as a whole, and of Dutch design in particular, set in an international context.
Iedereen is wel eens gek van liefde: iedereen kent de maniakale begeerte die met grote hartstocht gepaard gaat en de dwaze haat die met het voorbijgaan van de passie komt - maar niet iedereen kan die gekte goed onder woordenbrengen.In Gek van liefde beschrijft Francine Oomen gevoelens van verlangen, verliefdheid en liefdesverdriet. Haar gedichten bieden troost aan wie afscheid moet nemen van een oude liefde en herkenning voor wie hunkert naar een nieuwe.In heldere taal en zonder pathetiek analyseert ze haar eigen liefdeleven: vallen en opstaan, sadder and wiser - dat is de kern van deze aangrijpende bundel liefdespoÙzie.De auteurFrancine Oomen (1960) volgde de Design Academy Eindhoven en debuteerde in 1990 met een boek voor kleuters. Grote bekendheid verwierf ze met de Hoe overleef ik-cyclus voor oudere kinderen, die diverse malen bekroond werd door de Nederlandse Kinderjury. Van haar hand verscheneneveneens de veelgeprezen jeugdboeken met Lena Lijstje, Ezzie en Sam, Beer en Pip in de hoofdrol. Gek van liefde is haar eerste boek voor volwassenen.
Heb je mazzel nodig om een fatsoenlijke praktijk op poten te zetten? Wat kan ik per uur vragen? Hoe bescherm ik mijn ideeën? Hoe duurzaam wil je zijn? Moet ik gaan twitteren? Hoe bespaar je tijd?Als zelfstandige mis je soms een leermeester, een oude rot die je praktische adviezen geeft. Omdat Tijs van den Boomen niet met iedereen kan gaan lunchen voor een gesmeerd advies, schreef hij Eigen baas. Zijn antwoorden op de 108 vragen waarmee elke zelfstandige te maken krijgt, zijn soms hilarisch, soms streng, maar altijd concreet en pragmatisch. Weinig theorie, veel inside informatie.Eigen baas is nuttig voor mensen die net voor zichzelf beginnen, maar vooral bedoeld voor wie al als eigen baas werkt en zich afvraagt of het niet beter of anders kan.Over de eerste editie:‘Voor iedere ZZP’er aan te bevelen.’ - Het Financieele DagbladTijs van den Boomen (1960) studeerde bedrijfskunde aan de TU Eindhoven en begeleidde als zelfstandig adviseur jarenlang freelancers en startende bedrijven. Nu werkt hij als journalist voor onder andere NRC Handelsblad en Intermediair. Hij is bovendien auteur van ZZP 2010 en het Handboek Freelancen, dat al dertien jaar geldt als het standaardwerk voor de eigen praktijk.
"Uitgave in samenwerking met Stichting Management StudiesDit boek is genomineerd voor de Managementboek van het Jaarprijs 2006. Een prijs die door Manager & Literatuur wordt uitgereikt. Op 13 maart 2007 zal de prijs voor het Managementboek van het Jaar 2006 uitgereikt worden door juryvoorzitter Rudy Kor.Allianties zijn een niet weg te denken fenomeen. Steeds meer bedrijven gaan over tot het opzetten van samenwerkingsverbanden met andere organisaties om in te spelen op de snel veranderende omstandigheden in de kenniseconomie. De variëteit aan besturingsmodellen is echter groot. Dit boek helpt managers hun weg te vinden in de vele keuzes die zij moeten maken om tot effectieve allianties te komen.De kern van het boek is de vraag hoe besturing van allianties kan plaatsvinden door middel van vertrouwen en control. Op basis van een aantal diepgravende case studies van allianties van Nederlandse bedrijven laat Ard-Pieter de Man zien wanneer meer control moet worden uitgeoefend in samenwerkingsverbanden en wanneer besturing gebaseerd op vertrouwen relevant is. Daarbij worden onder meer de Senseo-alliantie van Philips en Douwe Egberts besproken en de vergaande samenwerking tussen KLM en Northwest Airlines. Ook samenwerking in de financiële sector, de bouw en het innovatieve Westland komen aan bod.Een kritieke succesfactor voor allianties is dat zij continu moeten worden aangepast aan gewijzigde omstandigheden. De wijze waarop met deze dynamiek van allianties moet worden omgegaan, wordt in dit boek uitgebreid besproken. Daarmee vormt het de perfecte handleiding voor iedereen die allianties in wil zetten om een concurrentievoordeel te bereiken en te behouden.Prof. dr. Ard-Pieter de Man is hoogleraar Technische Bedrijfskunde aan de Technische Universiteit Eindhoven.
Van het analyseren van zogenaamde precedenten - ontwerpen en bouwwerken uit het verleden en het heden - valt veel te leren. Hoe zijn de vorm en indeling van het gebouw tot stand gekomen? Wat is de invloed hierop geweest van het programma van eisen, de stedenbouwkundige context en financiële en juridische randvoorwaarden? Welke ontwerpmiddelen heeft de architect toegepast om een gebouw te maken dat functioneel en technisch goed in elkaar zit, het milieu niet onnodig aantast en architectonisch aanspreekt? Hoe is het proces verlopen van initiatief tot gebruik en beheer?Dit boek beantwoordt deze vragen voor het DynamischKantoor in Haarlem. Dit kantoor van de Rijksgebouwendienst is in 1997 in gebruik genomen en huisvest verschillende overheidsdiensten. Het is een van de eerste kantoorgebouwen in Nederland met een innovatief kantoorconcept. De medewerkers hebben geen vaste werkplek, maar maken gemeenschappelijk gebruik van en diversiteit aan activiteitgerelateerde werkplekken: open plekken met veel mogelijkheden voor sociale interactie, concentratieplekken, plekken voor formeel en informeel overleg, aanlandplekken om even de email te checken etc. Verder wordt het kantoorgebouw gekenmerkt door veel aandacht voor duurzaam bouwen.Het boek maakt deel uit van een reeks integrale plananalyses van gebouwen, uitgevoerd door de faculteit Bouwkunde van de TU Delft. Het is primair bedoeld voor studenten aan de bouwkundige opleidingen in Delft en Eindhoven, en ook interessant voor studenten van andere bouwkundige opleidingen en professionele plananalisten en architectuurcritici.
Tegenwoordig kijktniemand in organisaties meer opvan de aanwezigheid van interim-managers.Interim-management biedt dé flexibiliteit om het management van organisaties aan te vullen.Maar wat maakt interim-managementopdrachten succesvol?Daarover gaat Scoren met interim-management: de weg naar tevreden opdrachtgevers. Wat levert bijvoorbeeld betrokkenheid van interim-managementbureaus op in termen van klanttevredenheid? Wat is het effect van een uitgebreid selectieproces? En hoe belangrijk zijn de leiderschapsstijl en het profiel van de interim-manager? Deze en andere vragen beantwoordt Jaap Schaveling op basis van uitgebreid wetenschappelijk onderzoek onder ruim 140 opdrachtgevers en interim-managers. Het boek bevat een checklist waarmee kan worden gemonitord of interim-managementtrajecten goed verlopen.Scoren met interim-management is een praktijkgids rond het fenomeen van ‘vertijdelijking’ van organisaties. Het boek helpt om betere beslissingen te nemen over de inzet van interim-management en is bedoeld om interim-managers, hun bureaus en opdrachtgevers beter te laten samenwerken.Jaap Schaveling (www.jaapschaveling.nl) is verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit en is zelfstandig organisatiecoach. Zijn vakgebied is organisatiedynamiek en leiderschap. Hij verzorgt lezingen en publiceert regelmatig op zijn vakgebied.Hij is gepromoveerd op het onderzoek waarop dit boek is gebaseerd.Anderen over het werk van de auteur“As far as we know, this is the most extensive and current research of its type.”Nick Diprose, executive director BIE Interim Executive Ltd. (London) “Een goed en waardevol onderzoek met herkenbare en nieuwe items, interessant voor opdrachtgevers”. Dr. Piet Batenburg, voorzitter Raad van Bestuur Catharina Ziekenhuis Eindhoven
"Elk zichzelf respecterend bedrijf heeft tegenwoordig een gedragscode of een ethisch programma. Dat is mooi, maar daarmee is nog niets gezegd over de je ervoor dat de medewerkers van een bedrijf zich eigenaar voelen van een ethisch programma?In Verantwoord gedrag op de werkvloer analyseren Maarten Verkerk en Frank Leerssen de verschillende problemen die bij het implementeren van gedragscodes en ethische programma’s kunnen optreden. Ook geven ze antwoord op de vraag welke organisatiestructuur, organisatiecultuur en stijl van leidinggeven nodig zijn om te komen tot verantwoord gedrag op de werkvloer. Ter illustratie wordt de implementatie van een gedragscode in een technische organisatie beschreven. De sleutel tot verantwoord gedrag op de werkvloer blijkt gelegen te zijn in participatieve processen en structuren. Er bestaat een complexe dynamiek tussen de participatie van medewerkers, het vertrouwen dat medewerkers en management in elkaar hebben en de effectiviteit van een gedragscode of ethisch programma. Met behulp van de reeds bestaande literatuur over dit onderwerp en gesteund door bevindingen uit de praktijk formuleren Verkerk en Leerssen een strategie om te komen tot een optimale implementatie van gedragscodes en ethische programma’s.De auteursDr. Maarten J. Verkerk werkte jaren als manager in de industrie. Hij is nu als directeur verbonden aan een psychiatrisch ziekenhuis. Hij is tevens bijzonder hoogleraar reformatorische wijsbegeerte aan de Technische Universiteit van Eindhoven. Ir. Frank M.L. Leerssen heeft Technische Bedrijfskunde gestudeerd aan de Universiteit Twente. Als afstudeerproject heeft hij een jaar lang gewerkt aan het samenstellen en implementeren van de bedrijfscode zoals beschreven in de case van dit boek. Hij is momenteel werkzaam als corporate management trainee bij Nuon.De reeks Management & Ethiek behandelt uiteenlopende bedrijfsethische thema’s met als doel bestuurders en managers praktische ondersteuning te bieden. De reeks is ontstaan
"Chaos is een scheldwoord dat we gebruiken als zaken helemaal uit de hand dreigen te lopen. Het is zowat het laatste dat je elkaar toewenst. Chaos is slecht, en moet ten koste van alles worden vermeden. Tegenover chaos staat orde. Orde is goed en vormt de basis van alle vooruitgang in onze samenleving. Maar niet voor lang meer.De nieuwste inzichten tonen aan dat dit standpunt dringend aan herziening toe is. Langzaam maar zeker dringt het besef door, dat chaos en orde geen tegenstellingen zijn, waaruit moet worden gekozen. Chaos en orde zijn twee kanten van eenzelfde medaille, en vormen samen een bron van creativiteit.In dit boek wordt het Chaosdenken zo eenvoudig en kernachtig mogelijk over het voetlicht gebracht, en van toepassing gemaakt op organisaties. Daarbij staat niet alleen de theorie, maar ook de praktijk centraal. Dit boek is geschreven door auteurs die in hun dagelijks werk deze nieuwe bril met succes gebruiken om anders naar de werkelijkheid te kijken. Zij beschrijven fascinerende patronen van zelforganisatie.'Inleiding in Chaosdenken' is bestemd voor eenieder die op beginnersniveau kennis wil maken met het Chaosdenken als nieuwe richting binnen de organisatiewetenschappen.Dit boek vormt het eerste deel in de Chaosforum Boekenreeks. De Stichting Chaosforum.com wil een platformfunctie vervullen voor mensen die gefascineerd worden door het Chaosdenken. Zij wil contacten stimuleren tussen ondernemers, adviseurs, managers, professionals, organisatiewetenschappers en studenten.RedactieFrans van Eijnatten is verbonden aan de Faculteit Technologie Management van de Technische Universiteit Eindhoven. Anne-Marie Poorthuis werkt als zelfstandig gevestigde organisatieadviseur en vindt haar inspiratie in de complexiteit van systemen en de kunst van het loslaten. Jaap Peters studeerde Bedrijfskunde in Delft en is sinds 1995 partner bij Overmars Organisatie Adviseurs."
Dialect leeft. En dat is de reden dat BN/DeStem al geruime een rubriekse in de krant heeft over het West-Brabantse dialect. Een rubriek van, voor en door lezers. Met aardige anecdotes. Verzameld en beschreven door redacteur Rosé Lokhoff, die in de jury zat van Brabants Mooiste. Dit boekje, zeg gerust boekske, bevat een selectie van de rubriekjes,van september 2005 tot en met februari 2008. Met als een van de eerste ondeugende inzendingen die van Henk Konings uit Roosendaal: ‘Mijn vrouw, geboren en getogen in Eindhoven, leerde ik zeventien jaar geleden kennen. Vraag ik haar op een hooikoortsdag haar hand op mijn stui te leggen. Voor ons vanzelfsprekend mijn voorhoofd. Maar dat wist ze schijnbaar niet en ze legde haar hand daar waar ik het zeker zo fijn vond. En dan meude gij raaien waar…’
Elsevier-redacteur Eric Vrijsen volgt de ontwikkelingenop het gebied van veiligheid in de luchtvaart al jaren op de voet. Crash is een selectie van zijn beste stukken, met onder meer reconstructies van de vliegrampen in de Bijlmer, met de Hercules in Eindhoven en het Air Afriqiyah-vliegtuig in Tripoli. Daarnaast leest u over de zwanezang van de Concorde,files in de lucht, veiligheidsmaatregelen sinds de aanslagen op de Twin Towers en tien manieren om een crash te overleven.
Rugklachten zijn volksziekte nummer één, maar de oorzaken zijn nog grotendeels onbekend en daardoor tast men voor de behandeling nog in het duister. Dit boek geeft inzicht in de diagnose, hoop op herstel en vertrouwen in de toekomst.Eén op de vijf Nederlanders heeft nú last van zijn rug! De oorzaken voor het krijgen van rugklachten zijn talrijk, maar specifieke oorzaken treffen we maar in 5-10% van alle gevallen aan. Maar liefst 90-95% van álle rugklachten is dus op grond van diagnostisch onderzoek niet in te delen. Op basis van deze twee typen rugklachten, spreken we van specifieke en aspecifieke rugklachten.In de loop van de tijd is de behandeling van rugklachten veranderd. In plaats van bedrust zal de huisarts zo nodig medicijnen tegen pijn, ontsteking of spierspanning voorschrijven en kan hij zeer kortdurend bedrust adviseren. Maar de klemtoon ligt toch op gerusstelling en het stimuleren om in beweging te blijven en zo mogelijk te blijven werken. Immers, het is niet bewezen dat dit slecht of niet verantwoord zou zijn en er zijn aanwijzingen dat het zelfs goed zou zijn.Na tien jaasr huisartsgeneeskunde is Dr. Leo van Deursen in 1982 begonnen als manueel geneeskundige aan de Polikliniek voor Manuele Geneeskunde in Eindhoven. In 2993 promoveerde hij aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op het thema Lage rugklachten en dagelijkse activiteiten.Een uitgave in samenwerking met de'Nederlandse Vereniging van Rugpatiënten "de Wervelkolom".
Een onderzoek naar waarom personen ophouden radicaal te zijn, door Froukje Demant, Willem Wagenaar en Jaap van DonselaarKan een proces van de-radicalisering worden gestimuleerd of ondersteund? Geïnspireerd op buitenlandse ervaringen is in de gemeentes Winschoten en Eindhoven gedurende twee jaar geëxperimenteerd met een de-radicaliseringsaanpak voor rechts-radicale jongeren. Deze rapportage is de weerslag van een studie die door de Universiteit Leiden en de Anne Frank Stichting werd verricht naar de aanpak in beide gemeentes. Er is onderzocht in hoeverre lokale instellingen een actieve rol kunnen spelen bij het tegengaan en terugdraaien van radicaliseringprocessen. Informatie over de Monitor Racisme & Extremisme en alle verschenen rapportages zijn te vinden op www.monitorracisme.nl.