Aan de dorpsrand staat het eerste woonhuis met een kleine trap naar de voordeur. Meerdere huizen van dit type staan langs de straat naar het volgende dorp. Klik verder voor meer info.
Een van deze huizen staat in de steigers en wordt momenteel opnieuw geverfd. Steigermateriaal meegeleverd. Faller-bouwpakket. Afm.: (l x b x h): 140 x 117 x 165 mm; 105 x 12... Klik verder voor meer info.
2 Kamers in een groot huis met tuin. Ik ben op zoek naar iemand die mede de verantwoording aan kan om het huis netjes en schoon te houden, en die in huis niet rookt. Gebruik van gezamenlijke douche en toilet en keuken. Er wonen nu 4 studenten maar 2 gaan aan het eind van dit schooljaar weg. Er blijven dan 2 studenten uit zwolle (artez en windesheim) en er zijn dan 2 kamers over.
IJsselmuiden ligt 900 m van station Kampen. Hiervandaan is een snelle verbinding naar zowel zwolle als dronten. (15 km) Het is dus een goed alternatief voor iemand die meer ruimte zoekt voor evenveel geld. Het huis is ook gelegen tussen een aantal maneges, Zelfs het houden van paard of pony is in overleg mogelijk. . Het is tijdelijk maar over de eind datum valt best te praten. Onze voorkeur gaat uit naar iemand die minstens tot het eind van het studie jaar wil blijven. Daarna valt te bezien of we het nog met een studie jaar verlengen. Dit hangt af of de huizen markt zo goed is dat het huis verkocht kan worden maar de verwachting is dat dit nog wel een paar jaar kan duren.
2 Kamers in een groot huis met tuin. Ik ben op zoek naar iemand die mede de verantwoording aan kan om het huis netjes en schoon te houden. Gebruik van gezamenlijke douche en toilet en keuken. Er wonen 2 studenten uit zwolle (artez en windesheim) maar er zijn nog 2 kamers over. IJsselmuiden ligt 900 m van station Kampen. Hiervandaan is een snelle verbinding naar zowel zwolle als dronten. (15 km) Het is dus een goed alternatief voor iemand die meer ruimte zoekt voor evenveel geld. Het huis is ook gelegen tussen een aantal maneges, Zelfs het houden van paard of pony is in overleg mogelijk. . Het is tijdelijk maar over de eind datum valt best te praten. Onze voorkeur gaat uit naar iemand die minstens tot het eind van het studie jaar wil blijven. Daarna valt te bezien of we het nog met een studie jaar verlengen. Dit hangt af of de huizen markt zo goed is dat het huis verkocht kan worden maar de verwachting is dat dit nog wel een paar jaar kan duren.
Aan de dorpsrand staat het eerste woonhuis met een kleine trap naar de voordeur. Meerdere huizen van dit type staan langs de straat naar het volgende dorp. Klik verder voor meer info.
Een van deze huizen staat in de steigers en wordt momenteel opnieuw geverfd. Steigermateriaal meegeleverd. Faller-bouwpakket. Afm.: (l x b x h): 140 x 117 x 165 mm; 105 x 12... Klik verder voor meer info.
Het villapark De Weerribben, met 80 riante vrijstaande villa’s, ligt net buiten het dorp Paasloo in de kop van Overijssel. Hier ligt het 3000 ha grote Nationaal Park 'De Weerribben'. U vindt Paasloo 50 km ten noorden van Zwolle en 30 km ten zuiden van Heerenveen. De natuurrijke omgeving van het villapark is ideaal voor wandelaars en fietsers. Een bezoek aan Giethoorn is zeker de moeite waard, maar ook een dagje naar een van de omliggende plaatsen zoals Steenwijk behoort tot de mogelijkheden. Het waterrijke natuurpark De Weerribben is een paradijs voor kanovaarders. De sfeervol ingerichte villa's liggen in een oase van rust en groen, tussen kabbelende waterpartijen en schaduwrijke houtwallen. Het park heeft een overdekt zwembad met apart kinderbassin. Tegen vergoeding maakt u tevens gebruik van sauna en solarium. Op het vakantiepark is een tennisbaan, tafeltennis, speeltuin en fiets- en skelterverhuur en een kleine supermarkt te vinden. De woningen zijn van particuliere eigenaren, zodat de inrichting onderling licht kan verschillen. Alle huizen op villapark De Weerribben staan op ruim eigen terrein en hebben Wifi-aansluiting.
Het villapark De Weerribben, met 80 riante vrijstaande villa’s, ligt net buiten het dorp Paasloo in de kop van Overijssel. Hier ligt het 3000 ha grote Nationaal Park 'De Weerribben'. U vindt Paasloo 50 km ten noorden van Zwolle en 30 km ten zuiden van Heerenveen. De natuurrijke omgeving van het villapark is ideaal voor wandelaars en fietsers. Een bezoek aan Giethoorn is zeker de moeite waard, maar ook een dagje naar een van de omliggende plaatsen zoals Steenwijk behoort tot de mogelijkheden. Het waterrijke natuurpark De Weerribben is een paradijs voor kanovaarders. De sfeervol ingerichte villa's liggen in een oase van rust en groen, tussen kabbelende waterpartijen en schaduwrijke houtwallen. Het park heeft een overdekt zwembad met apart kinderbassin. Tegen vergoeding maakt u tevens gebruik van sauna en solarium. Op het vakantiepark is een tennisbaan, tafeltennis, speeltuin en fiets- en skelterverhuur en een kleine supermarkt te vinden. In een aantal 8 pers. villa's is een 2e badkamer met douche op de 1e etage. (bij boeking als voorkeur opgeven). De woningen zijn van particuliere eigenaren, zodat de inrichting onderling licht kan verschillen. Alle huizen op villapark De Weerribben staan op ruim eigen terrein en hebben Wifi-aansluiting.
Het villapark De Weerribben, met 80 riante vrijstaande villa’s, ligt net buiten het dorp Paasloo in de kop van Overijssel. Hier ligt het 3000 ha grote Nationaal Park 'De Weerribben'. U vindt Paasloo 50 km ten noorden van Zwolle en 30 km ten zuiden van Heerenveen. De natuurrijke omgeving van het villapark is ideaal voor wandelaars en fietsers. Een bezoek aan Giethoorn is zeker de moeite waard, maar ook een dagje naar een van de omliggende plaatsen zoals Steenwijk behoort tot de mogelijkheden. Het waterrijke natuurpark De Weerribben is een paradijs voor kanovaarders. De sfeervol ingerichte villa's liggen in een oase van rust en groen, tussen kabbelende waterpartijen en schaduwrijke houtwallen. Het park heeft een overdekt zwembad met apart kinderbassin. Tegen vergoeding maakt u tevens gebruik van sauna en solarium. Op het vakantiepark is een tennisbaan, tafeltennis, speeltuin en fiets- en skelterverhuur en een kleine supermarkt te vinden. De woningen zijn van particuliere eigenaren, zodat de inrichting onderling licht kan verschillen. Alle huizen op villapark De Weerribben staan op ruim eigen terrein en hebben Wifi-aansluiting.
Het villapark De Weerribben, met 80 riante vrijstaande villa’s, ligt net buiten het dorp Paasloo in de kop van Overijssel. Hier ligt het 3000 ha grote Nationaal Park 'De Weerribben'. U vindt Paasloo 50 km ten noorden van Zwolle en 30 km ten zuiden van Heerenveen. De natuurrijke omgeving van het villapark is ideaal voor wandelaars en fietsers. Een bezoek aan Giethoorn is zeker de moeite waard, maar ook een dagje naar een van de omliggende plaatsen zoals Steenwijk behoort tot de mogelijkheden. Het waterrijke natuurpark De Weerribben is een paradijs voor kanovaarders. De sfeervol ingerichte villa's liggen in een oase van rust en groen, tussen kabbelende waterpartijen en schaduwrijke houtwallen. Het park heeft een overdekt zwembad met apart kinderbassin. Tegen vergoeding maakt u tevens gebruik van sauna en solarium. Op het vakantiepark is een tennisbaan, tafeltennis, speeltuin en fiets- en skelterverhuur en een kleine supermarkt te vinden. In een aantal 8 pers. villa's is een 2e badkamer met douche op de 1e etage. (bij boeking als voorkeur opgeven). De woningen zijn van particuliere eigenaren, zodat de inrichting onderling licht kan verschillen. Alle huizen op villapark De Weerribben staan op ruim eigen terrein en hebben Wifi-aansluiting.
Aan de dorpsrand staat het eerste woonhuis met een kleine trap naar de voordeur. Meerdere huizen van dit type staan langs de straat naar het volgende dorp. Klik verder voor meer info.
Een van deze huizen staat in de steigers en wordt momenteel opnieuw geverfd. Steigermateriaal meegeleverd. Faller-bouwpakket. Afm.: (l x b x h): 140 x 117 x 165 mm; 105 x 12... Klik verder voor meer info.
Dit comfortabele vakantiehuis bevindt zich in het welbekende Steenwijk, in de Kop van Overijssel. Buitenbos is gelegen op een buitengoed waar de natuurliefhebber en rustzoeker zich zeker thuis zullen voelen. Het buitengoed is gelegen in een prachtig gebied tussen Zwolle en Heerenveen. Een leuk detail is dat ieder huis een eigen unieke Friese naam heeft. De huizen liggen verspreid over het terrein, deels in het bos en deels aan de speelweide. Onderling verschillen de huizen iets van elkaar. Zo is een aantal rook- en huisdiervrij, beschikken enkele huizen over een infrarood-sauna of kindvriendelijke voorzieningen en zijn enkele geschikt voor mindervaliden. U kunt bij uw reservering uw voorkeur aangeven. Op de begane grond van elk van de vakantiehuizen vindt u een woongedeelte, een open keuken, een badkamer en een tweepersoonsslaapkamer. De andere twee persoonsslaapkamers zijn te vinden op de eerste verdieping. De huizen zijn sfeervol ingericht en hebben elk een ruim terras. Op het buitengoed zelf is genoeg te beleven. U heeft gratis entree tot het overdekte zwembad en kunt wandelen, fietsen, skelteren, klootschieten, GPS'en, mountainbiken en handboogschieten. Verder zijn er een jeu de boulesbaan en tafeltennistafels en kunnen de kinderen zich altijd vermaken met het bouwen van hutten. Mocht u zelf graag tot rust komen, dan kunt u terecht op het Inspiratiepad. Dit is een fraai vormgegeven pad met gezandstraalde teksten op glasplaten. In het sfeervolle restaurant kunt u terecht voor een kop koffie, een goed glas wijn of een compleet diner. Op een steenworp afstand van Buitenbos liggen schilderachtige stadjes, zoals Steenwijk, Meppel, Vollenhove en Sneek. U kunt ook een bezoek brengen aan het Venetië van het Noorden, Giethoorn, om hier een dagje te kanoën of punteren. Het buitengoed ligt te midden van drie prachtige natuurgebieden: de Nationale Parken Weerribben- wieden, het Drents Friese Wold en het Dwingelderveld. Mocht u meer zin in hebben in een uitje, dan kunt u een bezoekje brengen aan bijvoorbeeld de Orchideeënhoeve, IJsstadion Thialf, Attractiepark Slagharen of het Noorderdierenpark in Emmen.
Waterwolven gaat over stormvloeden, dijkenbouwers en droogmakers, over mensen die al eeuwenlang proberen te voorkomen dat Nederland door het water wordt opgeslokt. Het gaat over de Friezen die terpen bouwden in de Waddenzee, over monnik Willem van Saeftinghe die op blote voeten de Zeeuwse slikken in trok om klei op hopen te scheppen, en als ridder meevocht tijdens de Guldensporenslag. Het gaat over Andries Vierlingh, Brabants dijkgraaf en vader van zes kinderen, over molenmaker Jan Adriaanszoon Leeghwater, die valse kerkklokken voor de Amsterdamse Zuiderkerk ontwierp, over baggeraar Adriaan Volker, die voortijdig een boottocht met prins Frederik verliet, zodat hij gewoon thuis kon eten.Het gaat over Nicolaas Cruquius, een hopeloze hypochonder en vrijgezel die de gevaarlijke Haarlemmermeer wilde temmen. Net als Jan Anne Beijerinck, die het water werkelijk zag zakken en overblijfselen van huizen en kerken tevoorschijn zag komen die het meer in de loop der jaren had opgeslokt, als braaksel uit een maag. Cornelis Lely streed een leven lang voor een dijk dwars door zee, terwijl Johan van Veen niet alleen het Deltaplan maakte, maar ook voorganger werd van een sekte, terwijl hij toch echt atheïstisch was opgevoed. Een geloof in God, dat hadden de mannen gemeen, en anders wel een geloof in de maakbaarheid.Tot laat in de twintigste eeuw, totdat de samenleving seculariseerde, en de maakbaarheidsgedachte door postmodernisten opzij werd gezet. Totdat de dreiging van het water ernstiger werd dan ooit. Het wachten is op de volgende stormvloed. Deze verhalen maken Waterwolven tot een zeer rijke geschiedenis van Nederland.
Onze huizen staan vol met huishoudelijke apparaten. Stuk voor stuk handige huisgenoten die ons heel wat werk uit handen nemen en ons wooncomfort vergroten. Een mixer kost niet zoveel, maar een airconditioner of een wasmachine lopen in de papieren. Dan is het extra belangrijk dat men de juiste keus maakt.Dit boek is daarbij een onmisbare hulp, met aankooptips en praktische adviezen voor het juiste gebruik en onderhoud van ruim 30 apparaten, van afzuigkap tot waterkoker. Zodat de gebruiker er optimaal plezier van zalbeleven.
Dit boek - dat is geschreven vanuit ervaringen met buurtbemiddelingsprojecten in Zwolle en Rotterdam - gaat over het methodisch bemiddelen in kleinschalige conflicten tussen mensen in de privé-sfeer. Het behandelt bijvoorbeeld conflicten tussen buren of binnen persoonlijke relaties waarbij de partners een beroep doen op bemiddeling die buiten de (therapeutische) hulpverlening valt. Om effectief te bemiddelen is het noodzakelijk dat de bemiddelaar enig psychologisch inzicht heeft. In het eerste deel van het boek wordt daarom een beschrijving gegeven van een aantal basisprincipes die een rol kunnen spelen bij het ontstaan van verschillende soorten conflicten. In het tweede deel komen twee bemiddelingsmethoden aan de orde. Beide hebben als voorwaarde dat: * degene die bemiddelt geen macht gebruikt tijdens het bemiddelingsproces; * de deelnemers zelf verantwoordelijk zijn voor het resultaat.Het derde deel bestaat uit een overzichtelijke samenvatting van beide methoden.Dit boek is geschreven voor verschillende doelgroepen, die zich al dan niet vanuit hun beroep met bemiddelen bezig houden. Het richt zich, mede door de vele praktische voorbeelden, vooral op bemiddelaars die niet reeds vanuit hun opleiding de benodigde vaardigheden hebben geleerd. Uit hoofde van hun beroep zullen bijvoorbeeld politiemensen en juristen steeds vaker gaan bemiddelen in kleinschalige conflicten. Ook vindt in een aantal steden buurtbemiddeling plaats. Buurtbewoners die zich als vrijwilliger hebben opgegeven, bemiddelen desgewenst tussen buren die onderlinge conflicten hebben. Een methodische aanpak van het bemiddelingsproces vergroot de kans om het gewenste doel te bereiken.Liet de Vries - Geervliet studeerde psychologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en aan de Rijksuniversiteit van Leiden. Ze is als docente verbonden aan de faculteit Mens en Maatschappij van de Christelijke Hogeschool Windesheim te Zwolle. Ze heeft ervaring in het geven van trainingen en cursussen op HBO-niveau. Daa
Al zolang als ze praktizeert volgt Darby de astrologische Maan in al haar gedaanten en wisselingen. Ze weet als geen ander de peilloze diepten én de concrete duidingen van de Maan in de horoscoop weer te geven. Met het toenemen van haar grote praktijkervaring en haar inzicht in de vele gezichten van de Maan in de geboortehoroscoop is ze ook op steeds diepere betekenislagen gestoten, waardoor we in haar boek vaak roerende en boeiende filosofische beschouwingen zien, afgewisseld met heel praktische duidingen en uitwerkingen in het dagelijks leven.Met haar speelse en tegelijk serieuze aanpak neemt ze ons mee in een dans rond de Maan. De Maan die niet alleen aangeeft hoe we onze moeder hebben ervaren, maar ook wat we van haar wilden, ongeacht of ze dat in huis had. De Maan is echter niet de moeder alleen: door de Maan zijn we verbonden met het eeuwig moederlijke, en de Maan is niets minder dan de ziel die het tijdelijke op aarde met het eeuwige wil verbinden, eenvoudig door mee te geven met de ritmen die zij aangeeft. Darby probeert in de eerste plaats onze verbeelding te prikkelen. In deel 1 van het boek geeft ze aanzetten tot duiding van de Maan in de tekens en huizen, en aanwijzingen voor de aspecten. In deel 2 neemt ze de lezer mee op een innerlijke reis langs de secundair progressieve Maan.Ze illustreert haar ervaringen met sprekende en soms roerende voorbeelden. Dit boek geeft een unieke en geïntegreerde kijk op de metgezellin van onze Aarde, en is vernieuwend, warm en menselijk.Darby Costello is een geliefd spreekster op internationale astrologische congressen. Zij geeft les aan de Faculty of Astrological Studies en bij het Centre for Psychological Astrology in Londen. Al sedert dertig jaar heeft zij haar eigen astrologische praktijk.
De huidige onderwijsvernieuwingen roepen uiteenlopende reacties op. Dit heeft te maken met overtuigingen en idealen van de betrokkenen. Leraren hebben het gevoel dat ze de bezieling voor hun vak kwijtraken. Onderwijsvernieuwers krijgen het verwijt dat ze te weinig oog hebben voor het belang van kennis. Directies worstelen met de vraag welke koers ze moeten kiezen. Dit boek verheldert de achterliggende onderwijsidealen en zoekt naar bronnen voor bezieling vanuit de gedachte dat het in het onderwijs draait om de vorming van de leerling.Naast een historische en conceptuele analyse van het begrip 'vorming' worden beschouwingen gegeven over godsdienstige, morele, filosofische en culturele vorming. De redacteuren geven in een slotbeschouwing een vertaling van de inzichten uit deze bundel naar de huidige situatie in het onderwijs. Daarin wordt speciaal aandacht gegeven aan de lerarenopleidingen. De redacteuren van deze bundel stellen dat deze opleidingen moeten streven naar diep en breed gevormde leraren. Voor werkelijk bezielend onderwijs moeten leraren niet alleen kunnen reflecteren op wie zij als persoon zijn, maarzullen zij zich ook moeten verhouden tot de culturele traditie waarin het onderwijs staat.De teksten in deze bundel zijn bewerkingen van lezingen in een project van het lectoraat 'Onderwijs en Identiteit' van hogeschool Driestar educatief te Gouda in samenwerking met de Christelijke Hoge-school Ede en de Gereformeerde Hogeschool Zwolle.
Sociaal werk in Nederland gaat over de geschiedenis van mensen in de marge van de samenleving, en het ontstaan van de verzorgingsstaat en een geprofessionaliseerd maatschappelijk vangnet. De rode draad hierin is het 'verheffen' en 'verbinden', twee peilers van de verzorgingsstaat en de traditionele kerntaken van het sociaal werk. Verder staat in dit boek de ontwikkeling van visies en theorieÙn centraal. Studenten maken zo kennis met de grondvesten van hun toekomstig beroep en leren dat bepaalde dilemma's van alle tijden zijn. Ook worden zij gestimuleerd na te denken over de toekomst van de verzorgingsstaat.Dit boek is bedoeld voor studenten in het hoger onderwijs die worden opgeleid voor sociale beroepen, en voor alle sociaal werkers die willen weten in welke traditie zij met hun dagelijkse werk staan.Over de auteursJan Bijlsma is verbonden aan de School of Social Work van Hogeschool Windesheim te Zwolle.Hay Janssen is verbonden aan de lerarenopleiding maatschappijleer van de Fontys Lerarenopleiding Tilburg.
Mensen steken tegenwoordig hun mening niet onder stoelen of banken. Op internet kan iedereen zijn zegje doen, ook over artistieke prestaties van anderen. Maar het schrijven van een goed gestructureerde en onderbouwde recensie is een vak apart. In dit boek leer je hoe je kunstuitingen professioneel kunt beoordelen, of je nu schrijft voor kranten en tijdschriften of voor digitale media. In Leren recenseren wordt uitgelegd welke journalistieke stappen moeten worden gezet om voor een bepaalde doelgroep en een specifiek medium een recensie te schrijven. Daarnaast komen valkuilen aan bod die een recensent moet weten te vermijden tijdens het schrijfproces.De kunstvormen die in Leren recenseren aan de orde komen zijn divers: er wordt aandacht besteed aan muziek, toneel, musical, kleinkunst, dans, beeldende kunst, films, literatuur, cd’s en dvd’s, en daarnaast ook aan het recenseren van games.Leren recenseren bevat naast theorie ook opdrachten. Na het lezen van dit boek begrijp je niet alleen hoe een goede recensie is gestructureerd en onderbouwd, maar kun je ook zelf aan de slag met het schrijven van een beoordeling.Het boek is in de eerste plaats geschreven voor studenten journalistiek en voor andere studenten die mediavakken volgen. Maar het is ook een handige leidraad voor ieder ander die zijn recensies naar een hoger plan wil tillen.Hans Invernizzi en Tjeerd de Jong zijn beiden als docent verbonden aan de School of Media (opleiding journalistiek) van Hogeschool Windesheim te Zwolle. Hans Invernizzi is daarnaast werkzaam als recensent bij dagblad De Stentor.
Gert-Jan Hospers Krimp!---Je zou het misschien niet zeggen, maar de bevolking krimpt in sommige delen van Nederland. Dit komt door de vergrijzing en doordat gezinnen steeds minder kinderen krijgen. Hoewel krimp vaak als iets negatiefs wordt gezien – we zijn immers zo gewend aan groei – zitten er ook aantrekkelijke kanten aan: meer woonruimte bijvoorbeeld. In dit boek laat Gert-Jan Hospers ons de mogelijkheden van krimp zien. Limburg, Zeeland en Groningen hebben al te maken met bevolkingsdaling en vanaf 2025 zal dat ook gelden voor Overijssel en Noord-Brabant. Dit betekent dat huizen, winkels en kantoren leeg komen te staan en dat scholen, theaters en zwembaden moeten sluiten. Hier doemt een beeld op van ongezellige leegstaande panden, maar de vraag is of dat beeld reëel is. Gert-Jan Hospers ziet de krimp niet somber in. Hij pleit voor een creatieve aanpak en bespreekt in dit boek verschillende mogelijkheden van wonen in de natuur, aan het water, met of zonder eigen haven, in een park of in het bos, tot de terugkeer van de SRV-man en andere mobiele dienstverleners.AuteursinformatieGert-Jan Hospers is docent en onderzoeker Economische Geografie aan de Universiteit Twente en bijzonder hoogleraar City- en Regiomarketing aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Daarnaast is hij voorzitter van Stichting Jane, die het gedachtegoed van de Amerikaanse stadsactiviste Jane Jacobs propageert, en maakt hij deel uit van het wetenschappelijk comité van Cittaslow International.Andere titels door Gert-Jan HospersDe levende stad
Tussen omstreeks 1894 en 1923 werden de oorspronkelijke kaarten van de “Chromo Topografische Kaart van het Koninkrijk der Nederlanden” op schaal 1:25.000 gemaakt. Hiervan zijn de 112 kaartbladen (goed voor 224 pagina’s!) van de provincie Noord-Brabant afgedrukt in deze ‘Atlas van Historische Topografische Kaarten Noord-Brabant’. De schaal van de Atlas bedraagt 1 : 25.000. De kaartbladen zijn groot: 30 x 45 cm. Ieder kaartblad beslaat slechts 7 x 10 km. U ziet dan ook in detail het Noord-Brabant van toen. De nog piepkleine dorpjes, alle vrijstaande boerderijen en huizen, kronkelende landweggetjes, tramwegen, telegraaflijnen et cetera. Met grote precisie en helderheid hebben de lithografen alles met ragfijne lijntjes op papier gekregen. De kaarten zijn in full-colour. Wie het Noord-Brabant van toen ziet, wordt geraakt door de schoonheid van het landschap. Wat u direct zal opvallen, is de ruimte, de beslotenheid van de dorpen en steden, en de natuur die vaak nog vrij spel heeft. Geen wonder, want Noord-Brabant had in 1900 nog maar 390.000 inwoners. Nu zijn dat er een bijna 2,5 miljoen. Het is enorm leuk én leerzaam om de kaarten van nu naast die van ‘toen’ te zien. Als u met een scherp oog kijkt, zult u de kleinste bijzonderheden zien en steeds weer iets nieuws ontdekken in deze 'mijmeratlas'. De atlas biedt dan ook vele uren kijkplezier. Van Bergen op Zoom tot Cuijk. Voor nu en voor later.De Historische Atlas van Noord-Brabant bevat bovendien een uitgebreide inleiding met vele foto’s, een plaatsnamenindex en een handige bladwijzer. Uitgeverij 12 Provinciën heeft in deze reeks ook de Historische Topografische Kaarten van alle overige Nederlanse provincies uitgebracht. Meer info: www.12provincien.nl
Dit is een praktijkboek voor leraren die aan deslag willen gaan met deugden. Er is weer veelaandacht voor deugden, en terecht.Ook in onderwijs en opvoeding zijn de deugden terug van weggeweest. Ze zijn bij uitstek geschikt om vorm te geven aan morele vorming op school. Want uiteindelijk gaat het toch om het ontwikkelen van voortreffelijke houdingen bij leerlingen, zoals rechtvaardig, tolerant, vrijgevig, verantwoordelijk, eerlijk en respectvol zijn?Dit boek bevat veel lesmateriaal en kleurrijke voorbeelden die ontleend zijn aan de dagelijkse praktijk. Negen leraren werkten mee aan het boek. Het is allereerst voor leraren geschreven, maar ook ouders of verzorgers, jeugdwerkers en coaches kunnen er inspiratie uit putten.Drs. Gerrit van der Meulen is docent geschiedenis aan het Greijdanus College te Zwolle en lid van de kenniskring van het lectoraat Morele Vorming. Dr. Pieter Vos is lector Morele Vorming aan de Gereformeerde Hogeschool in Zwolle. Drs. Wilma van der Jagt is opleidingsdocent aan dezelfde hogeschool.
Deze omvangrijke bronnenpublicatie verhaalt het wel en wee van een kleine Utrechtse plattelandsgemeenschap, het dorp Overlangbroek, vanaf de veertiende eeuw tot ca 1800. Het eerste deel beschrijft de rechterlijke en bestuurlijke organisatie, het kerkelijk leven, het onderwijs, de land- en bosbouw, de bevolkingssamenstelling en het boerenbestaan. Deel twee is een repertorium van alle eigenaren en gebruikers van de grond tot aan de invoering van het Kadaster in 1832 en wordt voorafgegaan door een analyse van de historische ontwikkeling van het grondbezit en -gebruik en een beschrijving van veertien bijzondere hofsteden en riddermatige huizen. Het derde en laatste deel is gewijd aan de familie De Cruijff en hun verwanten, die als boer, schoolmeester, koster, secretaris, schepen, diaken of ouderling van generatie op generatie betrokken waren bij vrijwel iedere gebeurtenis in Overlangbroek. Het boek is voorzien van kaarten en een cd-rom die de schat aan gegevens optimaal toegankelijk maakt.
Beschrijving van de 267 verschillende edities van in Zwolle gedrukte boeken verschenen in de eerste helft van de eeuw, vanaf het eerste gedrukte boek in Zwolle (1477-1523). Alle 267 edities worden chronologisch geannoteerd en beschreven, en zijn gerangschikt op drukker (o.a. Johannes van Vollenhove, Pieter en Tymen van Os van Breda en Simon Corver).
Over het boek:In heel wat onderwijsvormen hebben leerkrachten te maken met kinderen die psychische en/of somatische problemen hebben. Het is niet altijd eenvoudig om te weten hoe met deze kinderen het beste wordt omgegaan, hoe ze het meeste kunnen worden ondersteund en geholpen.Praktische informatie is dan ook meer dan welkom. Dit boek bevat standaarden voor het werken in de onderwijspraktijk. Ze zijn een verzameling van handreikingen voor het werken in de praktijk met kinderen die ernstige problemen ondervinden. Ze zijn ook uit de praktijk ontstaan. Voor dezelfde problematiek is meestal eenzelfde basisrichtlijn voor het handelen in de klas te geven. Maar daarbij moeten per leerling aanpassingen gemaakt worden.Elk probleemgebied wordt op gelijke wijze beschreven. Eerst is er een casus, zodat de verschijningsvorm duidelijk is. Daarna volgt essentiële informatie, telkens in zeven rubrieken: beschrijving van de stoornis, verzamelen van gegevens, oorzaak en herkenning, didactische commentaren, pedagogische opmerkingen, training en therapie, tips voor thuis. Dan wordt de eigenlijke standaard gepresenteerd, in drie luiken: algemeen, didactisch, pedagogisch.Het resultaat van dit alles moet zijn dat de leerkracht beter kan omgaan met kinderen met een bepaalde stoornis. Zeker de leerkracht in het speciale/buitengewone onderwijs zal veel hebben aan dit boek. Maar ongetwijfeld zijn deze standaarden ook in hoge mate dienstbaar aan leerkrachten in het reguliere onderwijs met speciale onderwijszorg.Over de auteur(s):Drs. Marleen Haxe is als Gz-psycholoog verbonden aan de Ambelt-Herfte te Zwolle. Daarvoor was ze werkzaam in het ZMOK-onderwijs. Kitty Nijboer is groepsleerkracht in het vso (voortgezet secundair onderwijs) op de Ambelt-Herfte. Drs. Harrie Velderman heeft in het basisonderwijs gewerkt en later als groepsleerkracht en als onderwijskundige op de Ambelt-Herfte. Nu is hij als docent verbonden aan het Seminarium voor Orthopedagogiek in Utrecht.
Vanuit de professionaliteit van de social worker is het vanzelfsprekend dat hij kiest voor een methodische benadering. Deze benadering kan hij het best vormgeven door de regulatieve cyclus te volgen, van ori eren tot evalueren en bijstellen. Jos Kuiper beantwoordt in zijn boek de vragen: wat kan precies inhoud geven aan deze cyclus, op welke wijze kan een cli e begeleid worden en wat draagt bij aan een effectieve en effici e communicatie?<br>De auteur gaat uit van de methodiek van het handelingsplan, het ontwerp voor professionele begeleiding. Het boek leert doelen formuleren en ondersteunt een keuze- en planningsproces. Jos Kuiper reikt mogelijkheden aan zonder daartoe te verplichten. Daardoor is zijn boek uitermate geschikt om te gebruiken in persoonlijke beroepsontwikkeling of om de competenties van het Social Work een persoonlijke invulling te geven.<br>Leerboek communicatie Social Work is bedoeld voor studenten Social Work (SPH, MWD en CMV) en voor iedereen in de sociaal-agogische beroepspraktijk die werkzaam is binnen de vrijwillige of de verplichte hulpverlening. Vanuit zijn ervaring als gastdocent bij het Nederlads Instituut voor Criminaliteitsbeheersing en Recherchekunde meent de auteur dat politieorganisaties zijn boek kunnen gebruiken voor schooling en training van functionarissen die als taakaccent hebben gekozen voor een beroepsuitvoering met een hulpverlenend karakter.<br>Jos Kuiper is als kerndocent SPH en supervisor verbonden aan Hogeschool Windesheim in Zwolle. Ook werkt hij bij de Raad voor de Kinderbescherming, onder andere als intervisieco rdinator. Behalve deze werkzaamheden verzorgt hij vanuit zijn eigen bureau supervisie, intervisie en trainingen.
Waar vind ik een samenhangend en alomvattend boek over verpleegkundige zorgverlening aan ouderen? Een boek dat zich niet beperkt tot speciale geriatrische afdelingen in ziekenhuizen, of dat zich enkel richt op de zorg in verpleeg-huizen of verzorgingshuizen, maar een boek dat ook aandacht besteedt aan de beleving van de oudere zelf.<br>Dit boek, Verpleegkundige zorgverlening aan ouderen, bleek in deze behoefte te voorzien en vond al snel zijn weg naar de verpleegkundeopleidingen en de verpleegkundige praktijk.<br>Deze tweede, geheel herziene druk is vernieuwd op basis van de ervaringen met de eerste druk, maatschappelijke ontwikkelingen en nieuwe inzichten in de zorgverlening aan ouderen.<br>In Verpleegkundige zorgverlening aan ouderen worden vanuit een emancipatoire, belevingsgerichte invalshoek handvatten aangereikt. Hiermee kunnen verpleegkundigen en andere professionals in de gezondheidszorg zich breed oriënteren op veroudering en de gevolgen daarvan voor het individu en diens positie in de samenleving. Dit gebeurt in vijf thema's: de oudere als cliënt, de normale veroudering, de oudere in de maatschappij, gezondheidsproblemen bij ouderen en bestaansproblemen bij ouderen.<br>Verpleegkundige zorgverlening aan ouderen is primair geschreven voor de hbo-opleiding verpleegkunde op niveau 5. Vele hoofdstukken zijn echter ook geschikt voor het mbo-niveau verpleegkunde niveau 4 en voor de vervolgopleiding tot geriatrieverpleegkundige of verpleegkundig specialist ouderenzorg. Ook andere hbo-opleidingen, zoals ergotherapie, fysiotherapie, diëtetiek en maatschappelijk werk, kunnen gebruikmaken van onderdelen van dit boek. Tevens is dit boek geschikt als naslagwerk voor verpleegkundigen die werken met ouderen in de thuiszorg, de huisartsenpraktijk, verzorgingshuizen, verpleeghuizen en ziekenhuizen.
Bakken rommel in garages en opbergkasten, stapels paperassen op je bureau, massa's onbeantwoorde mail, kleding die je nooit meer draagt en cadeaus die je nooit hebt gebruikt. Al deze dingen worden door schaamte en schuld een steeds zwaardere last en krijgen zo een verstikkend effect op je geest en ziel.In Opgeruimd! toont Brooks Palmer hoe je de zaken die je leven overvol maken kunt loslaten. Door op te ruimen maak je je vrij van hun negatieve invloed en kun je je richten op positieve dingen. Dit verfrissende boek gaat uit van het idee dat niet de spullen om je heen belangrijk zijn, maar jijzelf. Palmer laat je aan de hand van heldere voorbeelden zien hoe je de weg kunt plaveien voor nieuwe en spannende dingen in je leven.Over de auteurBrooks Palmer helpt al bijna tien jaar mensen met het opruimen van de ballast uit hun huizen, garages, kantoren en levens. Hij geeft daarnaast lezingen en schrijft dagelijks een opruimblog met praktische tips en trucs.
Hulpverleners hebben in hun dagelijkse praktijk geregeld te maken met mensen die een ziekte of beperking hebben. Daarnaast spelen hulpverleners een rol bij de vroegtijdige onderkenning van ziekten. Hiervoor moeten zij beschikken over kennis van de verschillende aspecten van ziekte en gezondheid.Medische kennis voor hulpverleners biedt (aankomende) hulpverleners deze kennis. Naast medisch-technische informatie, biedt het boek ook inzichten in de persoonlijke en maatschappelijke aspecten van ziekten en beperkingen.In zes delen behandelt de auteur de normale ontwikkeling van de mens, de bouw en functie van de verschillende orgaansystemen, de oorzaken, aard en gevolgen van ziekten en beperkingen, gezondheidsvoorlichting en -opvoeding, en de transculturele gezondheidszorg.De vele illustraties en praktijkvoorbeelden maken het boek zeer toegankelijk. Dankzij het uitgebreide register is dit boek ook goed te gebruiken als naslagwerk. Op de website bij dit boek staan onder andere opdrachten en casuïstiek die kunnen dienen als verwerking van de stof of als kennistoets.Medische kennis voor hulpverleners is geschreven voor studenten aan sociaalagogische opleidingen binnen het hoger onderwijs.Martha van Endt-Meijling is arts en was verbonden aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle. Van haar verschenen bij Uitgeverij Coutinho eveneens Met nieuwe ogen – Werkboek voor de ontwikkeling van een transculturele attitude en Rituelen en gewoonten – Geboorte, ziekte en dood in de multiculturele samenleving.
In september 1944 werd Nijmegen bevrijd, maar al snel bleek dat de vrede nog enige tijd op zich zou laten wachten. De geallieerden strandden bij Arnhem, en Nijmegen werd frontstad. Zeven maanden onderging de stad in alle hevigheid de daarbij behorende verschrikkingen.Ook aan de vele kloosters die Nijmegen toen nog rijk was, gingen die verschrikkingen niet voorbij. In Laat ons nu eerst een Te Deum zingen doet Regina Mattens verslag van het leven van de dominicanessen van Neerbosch in de periode 1939-1946.De zusters werden gedwongen te evacueren, te vluchten of een veilig heenkomen te zoeken in de schuilkelders van hun huizen. Er was gebrek aan alles, vooral aan voedsel.Ondanks de ellende en ontberingen bleven zij iedereen bijstaan die een beroep op hen deed: kinderen en ouderen, passanten, buurtbewoners. Vooral bijzonder is het feit dat zij ook oog hadden voor de mens achter de bezetter. 'Staat niet in het evangelie: 'Hebt uw vijanden lief, doet wel aan die u haten'? En zijn wij, religieuzen, niet op de eerste plaats verplicht dit in beoefening te brengen? '- aldus een van de zusters in het boek. Twee zusters die na de bevrijding van Nijmegen enkele gedeserteerde, hongerige Duitse soldaten ontmoetten, zorgden ervoor - zonder de realiteit uit het oog te verliezen - dat deze 'vijanden' te eten kregen. En zo verleenden de zusters elders in de kerstnacht 1944 gastvrijheid aan ingekwartierde Duitse soldaten. Samen met hen baden zij om vrede.Deze bijzondere geschiedenis is te boek gesteld aan de hand van de kronieken die de zusters in die jaren schreven. Hun indringende verhalen brengen de lezer dicht bij de realiteit van toen. Niet alleen in Nijmegen, maar ook in de andere plaatsen waar de zusters huizen hadden, tot in IndonesiÙ aan toe: ook uit de jappenkampen krijgen we, bijna 65 jaar na dato, een indrukwekkend ooggetuigenverslag.
Wim H. DekkerRoel Kuiper (red.)Alle vogels hebben nestenNieuwe aandacht voor gezin en gezinshulpverleningHet gezin is weliswaar de belangrijkste samenlevingsvorm, maar de aan- dacht ervoor in politiek en samenleving was tot nu toe beperkt. Dat lijkt nu te veranderen. Nederland heeft nu zelfs een minister voor Jeugd en Gezin.Nieuwe aandacht voor gezin, opvoeding en gezinshulpverlening is hard nodig. In dit boek worden de vraagstukken verkend die hierbij niet gemist mogen worden. Behalve sociologische analyses is er aandacht voor de gevolgen van echtscheiding, de beleving van huwelijk en gezin in alloch-tone milieus, het gezin in het overheidsbeleid.Over de relatie tussen ouders en kinderen is vandaag veel te doen. De pro-blematiek van individualisering in de opvoeding, visies op veilige ouder-kind-hechting en oudercontact bij uithuisplaatsing komen in dit boek aan de orde.De titel van het boek verwijst naar een onontkoombaar sociaal feit: ieder mens heeft zijn of haar sociale basis in een gezinssituatie, alle begin van loyaliteit en identiteit.Dit boek is voortgekomen uit de kring van het lectoraat Samenlevings-vraagstukken van de Gereformeerde Hogeschool in Zwolle in samenwerking met de Christelijke Hogeschool Ede.
De waarheid over Raoul Wallenberg, de jonge Zweedse diplomaat die bij de bevrijding van Boedapest in januari 1945 door de Russen gevangen werd ge-nomen ... zal nooit aan het licht komen. Het is in theorie nog mogelijk dat er ooit een document zal opduiken dat inzicht geeft in wat er precies gebeurd is, maar die kans moet heel klein worden geacht. Wallenberg zou in de Moskouse Loebjanka-gevangenis op 17 juli 1947 aan een hartaanval zijn overleden. Er is een handgeschreven overlijdensverklaring door het hoofd van het gevangenis-hospitaal, meer niet.In juli 1944 zijn de grote deportaties van Hongaarse Joden naar de gaskamers van Auschwitz en Sobibor onder leiding van Adolf Eichmann voor meer dan de helft (ruim 400.000 mensen) voltooid. Als alleen nog de Joden in Boedapest over zijn, getergd en geknecht door zowel Duitsers als Hongaren, komen de diplomatieke vertegenwoordigers van neutrale landen in actie: Zweden, Zwitser-land, Spanje, Portugal, Turkije, de pauselijke nuntius. Ze geven op grote schaal beschermingspassen uit aan Joden die ook maar iets met hun land te maken hebben gehad en weten hiermee tienduizenden te redden. De Zweedse regering zendt Raoul Wallenberg naar Boedapest, telg uit een van Zwedens machtigste en rijkste families. Mede door Amerikaans geld van de door president Roosevelt opgerichte War Refugee Board kan hij ook huizen voor Joden in het bezit van zulke paspoorten kopen of huren, die exterritoriale bescherming genieten. Na een staatsgreep op 15 oktober 1944 treedt rijksregent Horthy af en nemen, met Duitse hulp, de Hongaarse fascisten, de Pijlkruisers, de macht over. De situatie voor de Joden wordt nog benarder. Er worden zelfs nog twee getto's ingericht, waarvan Raoul Wallenberg de vernietiging (met de bewoners erin) op het laatste moment weet te voorkomen. De slag om Boedapest duurt van eind december 1944 tot in februari 1945.Na Wallenbergs arrestatie, samen met zijn chauffeur Vilmos Langfelder, wordt zijn gevangenhouding door de Russen jarenlang ontkend. Pas in 1957 geven de Sovjet
Kabul ademt de sfeer van oorlog. Verwoeste gebouwen, oude kastelen en kleurrijke spandoeken van de nationale held Achmed Sjah Massoud tonen het verleden, duizenden politieagenten en beveiligers met Kalashnikovs het heden. Massoud vocht en versloeg de Sovjet-troepen en typeert daarmee de geschiedenis van Afghanistan. Alexander de Grote, Amerikanen, Britten, Russen, Perzen, IndiÙrs en vele anderen konden het land niet bedwingen. Altijd was er wel ergens in de provincies verzet tegen het centrale gezag, tot op de dag van vandaag. Nederland probeert de inwoners van ÚÚn van die provincies, Uruzgan, ervan te overtuigen de regering in Kabul te erkennen. Door wederopbouw moesten de harten van de bevolking voor het centrale gezag gewonnen worden. Maar de wederopbouwmissie werd al snel een vechtmissie. Kabul & Kamp Holland - over de stad en de oorlog is een boek met verhalen van mensen. Over Kabul na de Taliban, de geschiedenis van de stad met zijn vele oorlogen en over de Nederlandse strijd in het zuiden. Over de auteurPeter ter Velde (Zwolle, 1964) reisde als verslaggever van het NOS-Journaal naar diverse oorlogs- en crisisgebieden, zoals IsraÙl, de Palestijnse gebieden, Egypte, Libanon, Hait´ en IndonesiÙ. Daarvoor was hij van 1996 tot 2001 corespondent in IsraÙl voor het Radio 1 Journaal. Vanaf het begin van de Nederlandse missie in Uruzgan heeft hij zich gespecialiseerd in Afghanistan. Dit is het tiende deel van de reeks van NOS-correspondenten over hun stad.
Ondanks het feit dat insecten vaak een inspiratie vormen voor kunstenaars, filmmakers en componisten, worden ze niet op waarde geschat en dat komt omdat er enkele lastpakken zijn. Slechts 0,5 procent van alle insectensoorten levert echt problemen op, omdat ze verzot zijn op ons voedsel, onze kleren, onze huizen of, nog erger, onszelf. En eerlijk is eerlijk, sommige bloedzuigende insecten dragen inderdaad een van de ernstigste ziekten op aarde over: malaria. Wie is er dan niet blij met een dooie mug? Maar de insecten die ons steken en bijten verpesten het voor de overgrote meerderheid waar we wél plezier aan beleven, en dat is niet terecht.Marcel Dicke legt in Blij met een dooie mug op hilarische wijze uit dat we juist dolgelukkig moeten zijn met (bijna) alle insecten.Over de auteurMarcel Dicke is hoogleraar Entomologie en hoofd van het Laboratorium voor Entomologie van Wageningen University. In 2007 heeft Dicke de Spinozapremie ontvangen en in 2006 won hij samen met zijn team de Academische Jaarprijs, die werd gebruikt om het festival ‘Wageningen - City of Insects’ te organiseren.
Neef aan de overkant is een ontmoeting tussen een Palestijn uit Ramallah en een Isra i uit Tel Aviv. Ze delen hetzelfde land, zijn beiden in Nederland geboren maar wisten van elkaars bestaan niet af. Tot een Nederlands radioprogramma hen bij elkaar bracht.Er loopt een kloof door het land waar Joden en Palestijnen wonen. Fysiek, in de vorm van een hek of muur, maar ook onzichtbaar in de hoofden. Een kloof tussen twee werelden. Volgens de traditie stammen beide volken af van aartsvader Abraham; ze zijn dus verre familie van elkaar. In Neef aan de overkant schrijven twee 'neven' aan weerszijden van de kloof elkaar brieven over een uitzichtloze familieruzie in het Heilige Land.Mouin Rabbani (1964) werd geboren in Den Haag als zoon van Palestijnse vluchtelingen. Zijn vader was een bekende Palestijnse diplomaat en zakenman. Mouin studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen in de Verenigde Staten en Engeland. Hij vestigde zich in 1988, gedurende de Eerste Intifadah, in het land van zijn ouders om bij een mensenrechten-organisatie te gaan werken. Nu werkt hij als analist in Jordani n de Palestijnse Gebieden voor een internationale denktank.Gideon Soesman (1970) zag in Nij-megen het levenslicht als zoon van holocaustoverlevenden. Toen hij 18 jaar werd, maakte hij ge-bruik van het 'recht op terugkeer' en vestigde zich in Isra Hij studeerde economie in Jeruzalem en business administration in Beer Sheva. Gideon werkt nu als investeringsmanager bij een internationaal elektronicabedrijf.Begin 2002 is de Tweede Intifadah twee jaar oud; een periode van bomaanslagen, belegerde steden, moord en qebulldozerde huizen. Tegen deze achtergrond lanceert de EO in het programma De Ochtenden een nieuwe rubriek op Radio 1: Neef aan de overkant. Op 23 mei 2002 halen twee mensen diep adem: "Beste neef...", klinkt het die morgen twee keer door de ether, 's Middags eist een aanslag in Rishon leTsion 22 slachtoffers, waaronder drie dodelijke.De briefwisseling zou vijf keer worden uitgezonden, maar het con
Er is vermoedelijk geen onderwerp in de geschiedenis waarover meer is geschreven dan de Republiek der Verenigde Nederlanden en de Hollandse Gouden Eeuw. Toch toont dit boek een heel ander land dan de vertrouwde koopmansnatie met haar steedse allure, propere huiselijkheid en idyllische landschapjes. Rob van der Laarse kantelt dit beeld door te kijken naar de manier waarop aristocratische families elkaar in alle gewesten beconcurreerden met monumentale huizen, voorname heerlijkheden en luisterrijke kunstcollecties.Op zoek naar de 'makers' van dit land raken we verzeild in een wereld van adel, hof en buitenplaats. De Nederlandse aanzienlijkheid werd beheerst door virtus, smaak en distinctie, ofwel door feodaliteit en classicisme.ArcadiÙrs van de Republiek is daarmee ook een duiding van een allang vergeten droom: het ideaal van een herboren Rome. In contrast met de vrijwel permanente staat van oorlog waarin de Republiek verkeerde, veranderde dit verlangen naar ArcadiÙ het land in de mooiste tuin van Europa.Over de auteurRob van der Laarse (1956) is als cultuur-en-erfgoedhistoricus werkzaam aan de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceert regelmatig over de Nederlandse en Europese cultuurgeschiedenis, over cultureel erfgoed en herinneringsculturen en over elites en buitenplaatsen.
Midden in het hart van Rotterdam aan het einde van de negentiende eeuw lag er een wirwar van sloppen en stegen waar duizenden mensen leefden. Waar nu het stadhuis en het postkantoor staan, waren toen 631 huizen, 127 pakhuizen en 35 cafés bekend als de Zandstraatbuurt of de Polder. Het was een uitgaansbuurt voor de duizenden zeelieden die de stad jaarlijks aan deden. Deze plek is bewoond en bezongen door Maupie Staal, Louis en Heintje Davids. Kunstenaars zoals Kees van Dongen, Isaac Israëls, Koos Speenhof, Brusse, Bersenbrugge en Breitner deden hier hun inspiratie op.Deze uitgave is een facsimile van de brochure uit 1903 van Hendrik Spiekman, het eerste Rotterdamse gemeenteraadslid voor de Sociaal-Democratische Arbeiders Partij (SDAP), en de journalist Louis Schotting, waarin verslag wordt gedaan van hun onderzoek naar de woonomstandigheden van de armste Rotterdammers. Deze heruitgave is voorzien van een inleiding van Sjaak van der Velden en een cd-rom gemaakt door Marijke van der Woude, met daarop dezelfde plekken die in de brochure aan de orde komen.“Ga en zie!”, zo spoorden Spiekman en Schotting hun lezers aan, omdat zij meenden dat de meer welgestelde Rotterdammers met eigen ogen moesten zien in welke omstandigheden hun medeburgers moesten leven. Met de cd-rom en een beetje fantasie kunt u deze aansporing opvolgen. U kunt aan de hand van een digitale plattegrond de ligging van de sloppen en stegen opzoeken, met foto’s, ansichtkaarten en tekeningen een beeld vormen van de binnenstad zoals die er moet hebben uitgezien. U kunt zelf op bezoek gaan bij de mensen die in de brochure zo levendig worden beschreven, om te zien hoe het ze verder is vergaan. Kortom: Ga en zie!
In het midden van een stad ligt vaak een groot plein.Op een plein gebeurt van alles:- Mensen komen elkaar tegen en zitten op een terrasje.- Bussen, taxi’s en auto’s komen en gaan.- Af en toe is er een markt, kermis of concert.Op pleinen zie je mooie, oude huizen. Of grote kerken, of moskeeën. Soms zijn ze meer dan 600 jaar geleden gebouwd. Toen leefden er al monsen op het plein.Plein M is een methode:- voor actief leren- met aardrijkskunde, geschiedenis, economie en levensbeschouwing- in thema’s en in chronologische volgorde- met veel mogelijkheden op de computerPlein M kent de volgende onderdelen:- leer-werkboeken BK- leer-werkboeken KGT- methodesite met veel extra’s- docentenhandleiding
CATALOGUS STADSPOSTUITGIFTENVoorwoordAlle zegels in deze catalogus zijn uitgegeven door functionerende postdiensten en instanties, bedrijven en particulieren die ook daadwerkelijk post bezorgd hebben.Hieronder vallen ook kerstpostzegels van kerken, zegels van scoutinggroepenen administratiezegels. gebruikt door postzegelhandelaren, gebruikt voor het frankeren van correspondentie tussen de samenwerkende bedrijven en naar hun klanten.Ook zegels waar nog weinig bewijsstukken van bekend zijn dat ze gebruikt zijn voor frankering maar waarvan wel aannemelijk is dat ze daarvoor uitgegeven zijn, zult u ook in deze catalogus aantreffen.Uitgiften die niet in deze catalogus staan kunt u dan ook beschouwen als cinderella’s, waarvan we zeker weten dat ze niet zijn uitgegeven voor bezorging van post.Omschrijving:De uitgiften staan alfabetisch op plaatsnaam vermeld, van Alkmaar t/m Zwolle.Omdat in diverse plaatsen meerdere postdiensten gefunctioneerd hebben,zijn die te onderscheiden door een nummer achter de plaatsnaam.Postdiensten waarvan de juiste (bedrijfs) gegevens nog niet van bekend zijn,kunt u herkennen aan een 0 achter de plaatsnaam.Uitgiften die door diverse postdiensten gebruikt zijn, staan vermeld onder de noemer:Gezamenlijke uitgiften.ZegelwaardenDe zegelwaarden zijn omschreven zoals ze ook op de zegels vermeld staan.t/m 31-12-2001 zijn de zegelwaarden vermeld in Nederlandse guldensen vanaf 01-01-2002 in euro’sAdviesprijzen1e kolom: postfrisse zegels - getand of doorstoken2e kolom: postfrisse zegels - ongetand3e kolom: gebruikte zegelsDe prijzen voor echt gelopen stukken met zegel en stempel zijn vaak 3 -20x kolom 3Alle prijzen zijn vermeld in euro’sIn de catalogus vindt u veel prijs verhogingen ,vooral voor motief series ,die vaak eengeringe oplage hebben.
Dit boek gaat over deugden. Nadat ze een tijdlang geassocieerd werden met braafheid en burgermansfatsoen, mogen deugden weer: ze zijn zelfs in. Deugden worden gezien als dat wat ze vanouds zijn: voortreffelijke eigenschappen die het nastreven waard zijn. Ook in opvoeding en onderwijs worden de deugden herontdekt. Want welke opvoeder wil niet dat zijn kind een geduldig, betrouwbaar, zorgzaam, rechtvaardig, vrijgevig en verdraagzaam mens wordt? Je leert deugden door ze te doen. Dit boek laat zien hoe dat kan. Het is een praktijkboek dat ontstaan is in samenwerking met leerkrachten van diverse basisscholen. Iedereen die bezig is met de morele vorming van kinderen in de leeftijd van vier tot twaalf jaar kan zich erdoor laten inspireren. Leerkrachten en Pabo-studenten, maar ook ouders of verzorgers en medewerkers in de buitenschoolse opvang kunnen er direct mee aan de slag. De kleurrijke voorbeelden uit de praktijk en de heldere lesideeÙn maken het boek boeiend en toegankelijk.Over de auteursDrs. Wilma van der Jagt is opleidingsdocent aan de Educatieve Academie van de Gereformeerde Hogeschool te Zwolle en lid van de kenniskring van het lectoraat Morele Vorming aan dezelfde hogeschool. Dr. Pieter Vos geeft als lector Morele Vorming leiding aan het lectoraat.
Na een onderzoek van bijna tien jaar verschijnt er thans een opvolger van het boek van de eerste familiechroniqueur J.A. Heuff Azn., dat dateert van het eind van de negentiende eeuw. 'Van linie en stamme Hueff' bevat onder meer een uitgebreide inleiding, met daarin een korte geschiedenis van Avezaath en Zoelen, een uiteenzetting over de geschiedenis van en een toelichting op de genealogie van het geslacht Heuff en natuurlijk de genealogie zelf, die het hoofdbestanddeel van het boek vormt. Van begin tot eind passeren alle leden van het geslacht Heuff de revue. Ook de heraldische aspecten van het geslacht Heuff worden in het boek belicht. Om het boek zo toegankelijk mogelijk te maken, is het voorzien van genealogische schema's en van een uitgebreide index op familienaam. Tevens is een aantal biografische schetsen opgenomen en wordt aandacht besteed aan huizen waarin leden van de familie Heuff hebben gewoond. Het boek is rijkelijk geïllustreerd.
De wereldwijde recessie is aan de Nederlandse woningmarkt niet voorbijgegaan. Het vertrouwen in de woningmarkt is gedaald en huizen zijn moeilijk te verkopen. Menig woningeigenaar houdt de adem in bij de onzekerheden over het vervolg van de crisis. Daar komt de aanzwellende discussie over de houdbaarheid van subsidies voor de eigen woning nog eens bij. Maar hoeveel huishoudens lopen eigenlijk grote risico’s? Was er voor de crisis al een groep financieel kwetsbaar, en heeft de recessie daaraan wat veranderd?In dit onderzoek wordt een inschatting gegeven van de risico’s. Er wordt gekeken hoeveel huiseigenaren hoge woonlasten hebben en het risico lopen na verkoop van de eigen woning met een restschuld te blijven zitten, zowel voor als tijdens de crisis.
Sinds het begin van dit millennium is er veel veranderd in medische vervolgopleidingen. Van het traditionele meester-gezel-model is er een overgang geweest naar een gemengd model waarbinnen veel aandacht is voor competentiegericht leren. Elke medisch specialist wordt tegenwoordig volgens dit nieuwe stramien opgeleid. Ook de bachelor- en masteropleidingen van medisch studenten zijn op deze leest geschoeid. Lijvige stukken en ambtelijke nota's over het nieuwe opleiden zijn er inmiddels genoeg. Een praktisch handboek ontbrak nog. En dat is precies wat Klinisch onderwijs en opleiden in de praktijk is: het geeft een overzicht van de kennis over het nieuwe opleiden en bevat talloze praktische adviezen voor het succesvol toepassen ervan in de drukke dagelijkse klinische praktijk.Ieder rijk ge´llustreerd hoofdstuk heeft een vaste structuur die goed aansluit bij de wensen van opleiders:LeerdoelenCasu´stiekAchtergronden en theoriePraktijkadviesKlinisch onderwijs en opleiden in de praktijk is niet alleen gericht op medisch specialisten die zich bezig houden met klinisch onderwijs, maar ook op co-assistenten en AIOS. Zij zijn, veel meer dan vroeger, zelf verantwoordelijk voor de inhoud en de kwaliteit van hun opleiding. Ook huisartsen zullen veel situaties die in deze uitgave worden beschreven herkennen en gebruik kunnen maken van het praktisch advies waarin dit boek excelleert.Over de auteursProf. dr. Paul L.P. Brand (1961) is kinderarts en opleider op de Amalia kinderafdeling van de Isala Klinieken in Zwolle, een van de grootste opleidingsziekenhuizen van Nederland. In 2007 werd hij benoemd tot honorair hoogleraar klinisch onderwijs aan het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Dr. Peter M. Boendermaker (1952) is huisarts-opleider geweest in Coevorden, en heeft daarna jarenlang gewerkt bij de huisartsopleiding van de Rijksuniversiteit Groningen. Sinds 2005 is hij senior stafmedewerker op de Postgraduate School
Opgroeien in veilige wijkenCommunities that Care (CtC) is een van oorsprong Amerikaanse aanpak voor de ontwikkeling van systematisch preventief jeugdbeleid. CtC richt zich op het voorkomen van probleemgedrag bij kinderen en jongeren van nul tot achttien jaar. Aan de aanpak ligt een analyse ten grondslag van risico- en beschermende factoren die hierbij een rol spelen.Eind 1998 werd CtC in Nederland ge roduceerd. Het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn (NIZW) heeft het Amerikaanse programma toepasbaar gemaakt voor de Nederlandse situatie. Sinds 1999 kent Nederland drie CtC-pilots: Amsterdam-Noord, Rotterdam Oude Noorden en Zwolle-Zuid. Twee jaar later kwamen Almere-Buiten en Leeuwarden-HASW. Inmiddels hebben ook enkele gemeenten in Zuid-Holland CtC ge roduceerd.Het Verwey-Jonker Instituut heeft op verzoek van de ministeries van VWS en Justitie een proces- en effectevaluatie uitgevoerd naar CtC in vijf gemeenten. In dit boek zijn de bevindingen daaruit uitgebreid beschreven. Ook zijn conclusies getrokken over de bruikbaarheid van de aanpak voor de lange termijn. De ervaringen met CtC als bijdrage aan een gezonde en veilige omgeving voor kinderen, zijn overwegend positief. CtC heeft de samenwerking verbeterd tussen de organisaties die zich inzetten voor een effectiever jeugdbeleid. De evaluatie laat zien dat CtC gemeenten in staat stelt een gedegen probleemanalyse te maken. Dat geeft houvast bij het concreet richting geven aan een preventieve aanpak voor jongeren in hun regio. Bovendien zijn voorzichtig positieve lokale verschuivingen zichtbaar: het probleemgedrag en de risicofactoren nemen af.
Voor professionals in de bouw is wiskunde onmisbaar. Wiskunde in de bouw bereidt studenten voor op de belangrijkste wiskundige vraagstukken die een ingenieur in de bouwnijverheid tegenkomt. Het leert je om procesmatig en in modellen te denken en het helpt je het technisch inzicht te ontwikkelen dat je als bouwer nodig hebt. Daarbij komen vaardigheden aan de orde als berekenen, specificeren en het beoordelen van (technische) adviezen van specialisten in de bouw. Probleemstukken die je met behulp van wiskunde kunt oplossen zijn bijvoorbeeld: Voor hoeveel kinderen moet een stad over vijftien jaar klaslokalen bouwen? Welke invloed heeft een boekenkast op de doorbuiging van een houten vloer? Hoe ver moeten huizen van een drukke snelweg gebouwd worden om de geluidsoverlast binnen aanvaardbare normen te houden? In dit boek staat de toepassing van de stof centraal. Aan de hand van voorbeelden en oefeningen wordt de student door alle onderdelen van het vak geloodst. Deze praktische benadering maakt het onderwerp tastbaar.Dit boek is geschikt voor studenten die een bouwkundige studie aan het hoger onderwijs volgen. Over de auteursIr. Jos AriÙns is sinds 1996 werkzaam als docent aan de Hoge school Utrecht waar hij onder andere meewerkt aan de vormgeving van het bouwkunde- en wiskundeonderwijs.Ing. DaniÙl BaldÚ heeft veel ervaring opgedaan in de bouw, zowel aan de voorbereidende als aan de uitvoerende kant. Momenteel is hij zelfstandig ondernemer in de bouwnijverheid en geeft hij parttime wiskundeles.
In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 werd Nederland door een van de grootste natuurrampen uit zijn geschiedenis getroffen. Een springvloed zette Zeeland, een deel van Noord-Brabant en Zuid-Holland onder water. 1836 mensen en tienduizenden dieren verdronken, 4500 huizen en gebouwen werden verwoest en 200 000 hectare grond kwam onder water te staan.In De ramp gaat Kees Slager in op de oorzaken en de gevolgen van de tragedie. Hiervoor deed hij uitvoerig onderzoek in archieven en sprak hij met ruim 250 ooggetuigen. Zo is een aangrijpend en onthullend verslag ontstaan van wat er zich in die noodlottige dagen in de winter van 1953 van uur tot uur en van plaats tot plaats heeft afgespeeld. Verder onthult hij niet eerder gepubliceerde feiten over vergeefse waarschuwingen tegen de te zwakke zeewering, verwaarloosde dijken en slecht toegeruste hulporganisaties.Kees Slager (1938) werkte als journalist voor Het Vrije Volk, de vara en de vpro. Hij publiceerde een aantal boeken gebaseerd op overlevering, zoals over het leven van landarbeiders en over de hongerwinter. Eerder verscheen van zijn hand het succesvolle Het geheim van Oss. Een geschiedenis van de sp.'Een indrukwekkend oral history-boek.' - de Volkskrant'Slager schrijft in een ongelofelijk spannende filmische stijl, met zinnen die zich door hun kracht en inhoud nauwelijks binnen de leestekens laat houden - geen boek is in ÚÚn adem uit te lezen, maar bij De ramp lijkt het maar vier of hooguit vijf happen lucht te kosten.' - Haagsche Courant
In mijn koffer op zolder is een boek barstensvol verhalen over vroeger. Zevenentwintig ouderen schreven over gebeurtenissen en ervaringen uit hun eigen leven. Verhalen over lentes en liefdes van toen, de eerste auto, een baljurk en het badhuis. Verhalen over huizen en geuren van vroeger. Verhalen over zakgeld, zondagmorgens en zomeruitstapjes. Verhalen over oorlog en bevrijding, vaders en moeders, feesten en verdriet. Verhalen die eigen herinneringen op zullen roepen. In aanvullende interviews vertellen de ouderen wat het schrijven van die levensverhalen voor hen betekend heeft. Ouderen willen hun verhalen doorgeven, de balans opmaken, terugblikken op het geleefde leven, orde scheppen in hun eigen herinneringen of met zichzelf in het reine komen. In mijn koffer op zolder is een leesboek voor op het nachtkastje, in de luie stoel en aan de ontbijttafel. Verhalen ván ouderen vóór ouderen en ook voor degenen die belangstelling hebben voor hun geschiedenis.Maar het is ook een voorleesboek: als we verhalen voorlezen aan geliefden, vaders, moeders en oude mensen die we kennen, worden nieuwe verhalen wakker en komen we in gesprek met elkaar over vroeger. Een boek voor zowel mensen die op zoek zijn naar hun eigen herinneringen áls voor diegenen die beroepsmatig werken met ouderen en hun levensverhalen: activiteitenbegeleiders, verzorgenden, pastores en geestelijk verzorgers, hulpverleners, schrijfdocenten, ouderenadviseurs en welzijnswerkers.