Rekken is een dorp binnen de gemeente Berkelland in de Achterhoek, provincie Gelderland. Rekken ligt op een steenworp afstand van de Nederlands-Duitse grens. Rekken bestaat uit twee verschillende kernen, gescheiden door het riviertje de Berkel, dat enkele honderden meters oostelijk Nederland binnenstroomt. In het buitengebied tussen de dorpen Eibergen en Rekken staat deze fraaie groepsaccommodatie. In een bosrijke en rustige omgeving aan een stromend visrijk beekje (de Ramsbeek) en aan het einde van een doodlopende weg. Deze sfeervolle boerderij is comfortabel ingericht en door de ruime opzet geschikt voor ca. 2 / 12 personen, een prima plek voor een ( korte) vakantie, lang weekend, familieweekend ook bij minder fraai weer. De living en de slaapkamers zijn smaakvol ingericht. Op de begane grond is een slaapkamer met een tweepersoons bed. Op de begane grond is ook een badkamer met douche, toilet en wastafel aanwezig. Op de eerste verdieping zijn twee slaapkamers met tweepersoons bedden + een een slaapkamer met een stapelbed.Ook is er op de eerste verdieping een saunaruimte (infrarood cabine) met toilet en wastafel aanwezig en een tweede badkamer met douche en bad. Op de tweede verdieping is een slaapruimte met 4 eenpersoons bedden.Voor degene die er met de fiets op uit willen trekken zijn er mooie routes langs weiden, boerderijen, en door leuke kleine dorpen. Bossen in de nabijheid met mooie wandelmogelijkheden. Voor de kinderen is er een trampoline aanwezig in de tuin. De huurprijs is op basis van 6 personen. Voor extra personen wordt er 8,50 euro p.p.p. nacht in rekening gebracht.Kinderbedje + kinderstoel aanwezig.HUISDIEREN EN ROKEN NIET TOEGESTAAN.
Rekken is een dorp binnen de gemeente Berkelland in de Achterhoek, provincie Gelderland. Rekken ligt op een steenworp afstand van de Nederlands-Duitse grens. Rekken bestaat uit twee verschillende kernen, gescheiden door het riviertje de Berkel, dat enkele honderden meters oostelijk Nederland binnenstroomt. In het buitengebied tussen de dorpen Eibergen en Rekken staat deze fraaie groepsaccommodatie. In een bosrijke en rustige omgeving aan een stromend visrijk beekje (de Ramsbeek) en aan het einde van een doodlopende weg. Deze sfeervolle boerderij is comfortabel ingericht en door de ruime opzet geschikt voor ca. 2 / 12 personen, een prima plek voor een ( korte) vakantie, lang weekend, familieweekend ook bij minder fraai weer. De living en de slaapkamers zijn smaakvol ingericht. Op de begane grond is een slaapkamer met een tweepersoons bed. Op de begane grond is ook een badkamer met douche, toilet en wastafel aanwezig. Op de eerste verdieping zijn twee slaapkamers met tweepersoons bedden + een een slaapkamer met een stapelbed.Ook is er op de eerste verdieping een saunaruimte (infrarood cabine) met toilet en wastafel aanwezig en een tweede badkamer met douche en bad. Op de tweede verdieping is een slaapruimte met 4 eenpersoons bedden.Voor degene die er met de fiets op uit willen trekken zijn er mooie routes langs weiden, boerderijen, en door leuke kleine dorpen. Bossen in de nabijheid met mooie wandelmogelijkheden. Voor de kinderen is er een trampoline aanwezig in de tuin. De huurprijs is op basis van 6 personen. Voor extra personen wordt er 8,50 euro p.p.p. nacht in rekening gebracht.Kinderbedje + kinderstoel aanwezig.HUISDIEREN EN ROKEN NIET TOEGESTAAN.
* Jumbo box 3007.* Oersterke gemeente archiefdoos met verlijmde zijkanten.* Vervaardigd van 100% gerecycled en recyclebaar massief 900 grams karton.* Lijm en inkt bevatten geen schadelijke stoffen.* Uitgevoerd met 1-2-3-4 bodemsluiting.* Deze archiefdoos heeft een aangehechte extra bodemlegger, die u via de perforatierand kunt afhalen (is geen extra sluitklep!).* Dit zorgt voor onbeschadigde documenten gedurende de archieflooptijd.* Gecertificeerd met milieu- en kwaliteitslabel Offilabel.* Afmeting 370x255x115mm.
* Absoluut stofvrije en ruimtebesparende opbergplek voor documenten die van het werkarchief naar het bewaararchief kunnen.* Zelfs het grijpgat is voorzien van een afdichting.* Zuurvrij, robuust pH-neutraal kraftkarton (850gr) dat tweezijdig is beplakt.* Gemakkelijk in elkaar te zetten.* Nuttige capaciteit van 11,5cm.* Inclusief nippels en rugetiketten.
* Absoluut stofvrije en ruimtebesparende opbergplek voor documenten die van het werkarchief naar het bewaararchief kunnen.* Zelfs het grijpgat is voorzien van een afdichting.* Zuurvrij, robuust pH-neutraal kraftkarton (850gr) dat tweezijdig is beplakt.* Gemakkelijk in elkaar te zetten.* Nuttige capaciteit van 11,5cm.* Inclusief nippels en rugetiketten.
* Absoluut stofvrije en ruimtebesparende opbergplek voor documenten die van het werkarchief naar het bewaararchief kunnen.* Zelfs het grijpgat is voorzien van een afdichting.* Zuurvrij, robuust pH-neutraal kraftkarton (850gr) dat tweezijdig is beplakt.* Gemakkelijk in elkaar te zetten.* Nuttige capaciteit van 11,5cm.* Inclusief nippels en rugetiketten.
Dit boek is een pleidooi voor een Parlementair onderzoek dat handelt over frauderende of incompetente hoogleraren, artsen, dienaren van overheid en media. Deze deskundigen spelen een centrale rol in de hogere morbiditeit en sterfte onder zwarten dan onder blanken in Amsterdam Zuidoost, bij ieder bekend als de Bijlmer. Hun indirecte rol en belang in het doelbewust laten mislukken van het Epidemiologisch Onderzoek onder bewoners naar aanleiding van de Bijlmervliegramp wordt blootgelegd. De stopzetting van dit wetenschappelijk onderzoek onder de Bijlmermigranten was een gevolg van de voor het publiek onzichtbare innige onderlinge banden tussen het bedrijfsleven, de universiteiten en de politiek. Bij het Parlementair onderzoek naar de moord op de moslimbaby in het OLVG zou het KNMG-lid prof.dr.R.Hirasing (Vrije Universiteit Amsterdam) kunnen getuigen. Prof.dr.B.P.R.Gersons (afdeling psychiatrie, Academisch Medisch Centrum Amsterdam) en prof.dr.J.T.V.M. de Jong (directeur GGD Amsterdam) zullen tijdens het onderzoek naar fraude verzocht moeten worden hun werkzaamheden gedurende het Parlementair onderzoek op te schorten. Ik ben ervan overtuigd dat dit onderzoek door de Tweede Kamer zal leiden tot een kwalitatief adequaat epidemiologisch onderzoek onder de bewoners van de Bijlmer, dit naar aanleiding van de vliegramp (1992). Het zal ook een aanzet zijn naar de ontwikkeling van kleinere gezondheidsverschillen tussen niet-westerse migranten en autochtonen. De banden tussen bedrijfsleven, universitaire wereld, politiek en media zullen transparant en hierdoor losser worden. Uiteindelijk zal dit leiden tot een gelijkwaardige morbiditeit en sterfte tussen zwarten en blanken.
'Vileine hippocraten'. Geneeskunde in dichtvorm door Constantijn Huygens (1596-1687) bestaat uit twee delen. Een samenvattende verklarende inleiding en een bloemlezing van ruim zevenhonderd geneeskundige gedichten. Huygens heeft opvallend veel geneeskunde in zijn oeuvre - dagboek, brieven en gedichten - verwerkt. Dit is bij het grote publiek vrijwel onbekend gebleven. Er is in dit boek nader onderzocht hoeveel en hoe frequent geneeskunde in zijn gedichten voorkomt, waar dit uit bestaat en hoe dit waarschijnlijk tot stand is gekomen. De zeventiende-eeuwse geneeskunde wordt nader belicht en alle geneeskundige gedichten zijn nu voor het eerst gezamenlijk, in een tiental rubrieken, gepubliceerd. Waar nodig zijn zij in het Nederlands vertaald.Een aantal registers van personen, geneeskundige zaken, medisch netwerk en gedichten per rubriek completeert dit boek, waardoor snel en efficiënt diverse zaken kunnen worden nageslagen. Beide delen, deinleiding en de gedichtenbundel, kunnen door een korte introductie per rubriek in de bloemlezing apart gelezen worden.Barend Haeseker (Amerongen, 1942) studeerde na zijn Haarlemse middelbare schooltijd geneeskunde aan de Gemeente Universiteit van Amsterdam. Na een loopbaan als huisarts, tropenarts en plastisch chirurg besloot hij zich toe te leggen op de studie van de geschiedenis van de geneeskunde. De basis daarvoor werd in 1983 in Rotterdam gelegd met een proefschrift over de ontwikkeling van de plastische en reconstructieve chirurgie in de Eerste Wereldoorlog, gecentreerd rondom de Nederlander dr J.F.S. Esser.In 2007 verscheen bij Erasmus Publishing in Rotterdam, De geschiedenis van het HagaZiekenhuis 1823-2007, in samenwerking met prof.dr M.J. van Lieburg en in 2008 'Pylers van het bouvallig leven'. Vier eeuwengeneeskunde in Den Haag.
Iedere Nederlander, jong of oud, vindt het boeiend iets over plaatselijke wapens te horen. Het interesseert hem niet alleen hoe het wapen van zijn eigen gemeente er uitziet en hoe het historisch is ontstaan, maar hij stuit ook dikwijls op wapens van andere gemeenten die hem opvallen en zijn belangstelling wekken. Er ligt in die wapens veel traditie, veel geschiedenis besloten en de oude symboliek heeft voor de mens in de moderne technische wereld veel aantrekkelijks. Is het misschien daardoor te verklaren dat er tegenwoordig zo veel aandacht wordt besteed aan de heraldiek en de genealogie? In de eerste helft van dit boek staan alle wapens afgedrukt van rijk, provincies en gemeenten. De kleuren van de wapens zijn door arcering en punctuering aangegeven. De wapens zijn consequent alfabetisch gerangschikt, met dien verstande dat eerst die van rijk en provincies zijn gegeven en daarna die van de gemeenten van a tot z. In de tweede helft van het boek staan in dezelfde volgorde alle officiële omschrijvingen van de wapens, zoals die bij Koninklijk Besluit zijn vastgesteld en in de registers van de Hooge Raad van Adel worden bewaard, gevolgd door korte historische verklaringen. Zo is een boek ontstaan, uniek van 'inhoud en uniek van prijs. Deze tweede druk is met addenda bijgewerkt volgens de laatste gegevens.
Herstructurering van achterstandswijken is in volle gang. Er wordt gerenoveerd, gesloopt en nieuw gebouwd. Wat de jongeren die in deze herstructureringswijken wonen hiervan vinden, blijft onderbelicht. Hoe vinden zij het om in de wijk te wonen? Wat vinden ze mooi en wat kan er beter? Wat vinden zij van de veranderingen? Welke invloed heeft de herstructurering op hun activiteiten, hun vriendschappen en hun toekomst? Jongeren vinden hun wijk gezellig. Hun beelden van de wijk zijn positiever dan die van de publieke opinie waarin deze wijken worden geassocieerd met criminaliteit en onveiligheid. Jongeren zijn gewend aan de goede, maar ook de slechte kanten van de wijk. Toch willen veel van hen later liever in een betere wijk wonen. Dit boek laat zien hoe toekomstdromen van jongeren verschillen van de plannen die gemeente en woningcorporaties hebben met herstructureringswijken. Dit zet aan tot een kritische discussie over de bestaande plannen.Dr ir Martijn Koster (antropoloog, Universiteit Utrecht) en Dr Karel J. Mulderij (pedagoog, Hogeschool Utrecht) schreven dit boek voor iedereen die zich interesseert in de problematiek van jongeren in herstructureringswijken. Zij deden onderzoek onder jongeren tussen 12 en 19 jaar oud in de Utrechtse wijk Overvecht.
Het belang van het gemeenterecht voor het dagelijks functioneren van de gemeente wordt nogal eens onderschat. Feit is in ieder geval, dat de organisatie van de gemeente zoals wij die kennen grotendeels is terug te voeren op de Gemeentewet.Inleiding gemeentewet, van wet naar praktijk geeft inzicht in de betekenis van de Gemeentewet voor de gemeentelijke organisatie en haar uitvoeringspraktijk. Op een gemakkelijk leesbare manier wordt de gemeentewet toegelicht aan de hand van voorbeelden, om een bepaling uit de Gemeentewet in de dagelijkse praktijk herkenbaar te maken.
"Groninger Historische Reeks, 12De problemen met betrekking tot de vestiging en het verblijf van migranten staan de laatste jaren in het brandpunt van het politiek en maatschappelijk debat. De historische dimensies worden in dit debat wel eens uit het oog verloren. Immers, ook in vroegere tijden hebben veel migranten om uiteenlopende redenen hun heil in de Nederlanden gezocht. In dit boek van E. Schut wordt de vestiging en het verblijf van een bepaalde groep migranten, nl. de joden in de stad Groningen behandeld. Het idee dat Nederland in het verleden een tolerant land was, dat open stond voor de vestiging van nieuwkomers, maakte lange tijd deel uit van het collectief bewustzijn van de Nederlandse natie. Dergelijke denkbeelden deden ook al aan het eind van de achttiende eeuw opgeld. Zo schreef in 1796 een commentator in het Groningse weekblad 'De Onverwachte Courier' dat de houding van het Groninger stadsbestuur ten opzichte van de vestiging en het verblijf van de joden in de stad Groningen werd gekenmerkt door een grote mate van verdraagzaamheid. De laatste jaren is deze 'mythe' van de Nederlandse verdraagzaamheid echter in toenemende mate ter discussie gesteld. Maar ook in deze discussie wordt de historische dimensie vaak uit het oog verloren. In dit boek onderzoekt de auteur hoe de vestiging van de joden, de vorming van de Joodse Gemeente en de appreciatie van de joden door de verschillende bevolkingsgroepen in de stad Groningen verliepen. Was er werkelijk sprake van een verdraagzame houding ten opzichte van de joden? De schrijver wil met deze studie een bijdrage leveren aan het onderzoek naar de vestiging en appreciatie van de 'afwijkende' groepen in de Nederlandse samenleving ten tijde van de Republiek."
Dit dubbelnummer van de Doopsgezinde Bijdragen is gewijd aan allerlei doopsgezinde jubilea. Zo wordt er aandacht besteed aan het 150-jarig bestaan van het tijdschrift, aan 200 jaar Algemene Doopsgezinde Sociëteit en aan het feit dat 100 jaar geleden voor het eerst in Nederland een vrouw op de kansel stond, en wel in een doopsgezinde gemeente. Daarnaast zijn er artikelen over rijkdom en armoede onder doopsgezinden, en over de invloed ervan op de geloofsgemeenschap. Ook bevat dit jubileumnummer een groot aantal biografische schetsen van illustere doopsgezinden, zowel afkomstig uit de wetenschap als uit disciplines als de politiek, de zakenwereld, kunst en cultuur. Tenslotte treft de lezer artikelen aan over uiteenlopende onderwerpen als bruiloftsgedichten, een achttiende-eeuwse rondreis door Nederland, doopsgezinden in de vroege zeventiende eeuw, dopers in Duitsland en wat dies meer zij. Dit bijzondere jubileumnummer verschijnt in februari 2011 bij de opening van een tentoonstelling rond bekende negentiende-eeuwse doopsgezinden. Inhoud: JELLE BOSMA/PIET VISSER, Inleiding. Over ketters en kerkvolk, notabelen en nieuwe rijken, socialisten en liberalen, vrijzinnigen en orthodoxen, heterodoxen en homoseksuelen, lesbo’s en ander ongeregeld Artikelen: JAMES URRY, De beleving van rijkdom en armoede door Nederlandse en Russische doopsgezinden PETER KRIEDTE, Bescheidenheid, zakelijke soberheid en vroeg-industrieel kapitalisme. Geloof en handel in de Krefeldse doopsgezinde gemeente (1600 tot ca. 1830) JAMES W. LOWRY, 350 jaar lang gezag en zeggingskracht. De receptiegeschiedenis van Van Braghts Martelaers spiegel bij de Amish ANNA VOOLSTRA, 150 jaar Doopsgezinde Bijdragen. Over de vraag waar de Bijdragen aan willen bijdragen Biografische artikelen: DAAN DE CLERCQ, Jan Kops (1765-1849) PIET VISSER, Matthijs Siegenbeek (1774-1854) ANNA VOOLSTRA, Maria Aletta Hulshoff (1781-1846) BONNY RADEMAKER-HELFFERICH, Joost Hiddes Halbertsma (1789-1869) ANNA VOOLSTRA, Pieter Huidekoper (1798-1852) YME KUIPER
De eigen gemeente is het belangrijkste kader voor oordeels vorming over de overheid want een gemeente is dischtbij en verantwoordelijk voor veel taken die burgers raken. Gemmenteraadsverkiezingen lijken daarom de ware bestuurskrachttest. Burgers vatten een oordeel over inhoud, omvang en gevolgen van geleverde prestaties samen in een stem. Toch schiet die test tekort.Een gemeente heeft niet alleen met kiezers van doen maar met burgers in verschillende gedaanten en rollen, zoals bijvoorbeeld die van onderneme; weggebruiker; huisvuilproducent; aanvrager van een paspoort, een uittreksel uit een register of een vergunning; grondeigenaar; woningeigenaar of huurder; bezoeker van een bedat in een gemeenschapshuis, sporter, muziekbeoefenaar; of bibliotheekbezoeker. Daarom zijn aanvullende terugkoppelingsmechanismen nodig die iets zeggen over kwaliteit van overheidshandelen: van burgerpanels tot benchmarking.Het nieuwste fenomeen is de bestuurskrachmeting waarbij het gemeentebestuur in de volle breedte van het takenpakket de maat genomen wordt door een adviesbureau of visitatiecommissie. Bestuurskrachtmeting als vorm van spiegelen is het thema van dit boek. Voldoen bestuurskrachtmetingen? De auteurs verkennen de opzet, kwaliteit en betekenis van bestuurskrachmeting in tal van gemeenten in ons land.Verschillende methoden worden met elkaar vergeleken.Hoe verhouden de verschillende beoordelingen zich tot elkaar? Maken ze waar wat ze beloven? Beginselen van behoorlijke bestuurskrachtmeting passeren de revue.Het boek is bestemd voor burgemeesters, wethouders, raadsleden, gemeenteambtenaren, adviseurs en anderen met interesse in lokaal bestuur, zoals provinciebestuurders, toezichthouders, studenten bestuurskunde of overheidsmanagement aan een universiteit of hbo-instelling.Prof.dr. A.F.A.Korsten is hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Maastricht, drs. ing. K. Abma is adjunct-directeur van Littenseradiel en drs. J.M.L.R, Schutgens is gemeentesecretaris van Landg
In de afgelopen dertig jaar is er op sociaal en cultureel terrein veel beleid gedecentraliseerd van het rijk naar de provincies en gemeenten. Parallel daaraan ontwikkelde zich op het SCP een traditie van evaluatieonderzoek naar het verloop en de effecten van die decentralisatie. Zo zijn bijvoorbeeld het welzijnsbeleid, het onderwijsachterstandenbeleid, het jeugdbeleid en de Wet maatschappelijke ondersteuning door het SCP onder de loep genomen. Ter gelegenheid van het vertrek van Rob Gilsing, die dertien jaar op het SCP werkte en vooral dit type onderzoek uitvoerde, organiseerde het SCP op 25 augustus 2009 een symposium. Vier sprekers, twee van binnen en twee van buiten het SCP, reflecteerden op de bevindingen uit onderzoek, mede gericht op de toekomst van het SCP-onderzoek naar gedecentraliseerd beleid .
Dit boek wil een handleiding zijn voor wie (een deel van) de geschiedenis van de 12de tot en met de 1de eeuw van zijn of een Vlaamse gemeente in kaart wil brengen. Geen dorre opsomming van bronnen en vindplaatsen, maar een aangeven van mogelijke invalswegen tot het verre verleden van een plaatselijke samenleving.
Bedrijfsbladen vormen een essentieel onderdeel van de bedrijfscommunicatie, dat geldt zowel voor de interne als de externe communicatie. In Een bedrijfsblad maken wordt uiteengezet hoe die rol kan worden vormgegeven. In acht stappen wordt gewerkt van het eerste idee tot de uiteindelijke realisatie, waarbij de opdrachtgever, de doelgroep en de bladformule steeds het uitgangspunt blijven. Ook wordt uitgelegd welke keuzemogelijkheden er zijn bij het samenstellen van de inhoud van het blad.Aan bod komen alle praktische randvoorwaarden voor het bedrijfsblad, de meest gebruikte journalistieke genres en dilemma's rond openheid. Hiermee is dit boek praktisch studiemateriaal voor aankomende journalisten en communicatiedeskundigen, en een leidraad voor de professional die overweegt met een bedrijfsblad te beginnen of een bestaand blad te verbeteren.Over de auteurRob Visser heeft een eigen bedrijf, TekstinVorm Journalistieke Producties, en jarenlange ervaring als bedrijfsjournalist en bladenmaker bij uiteenlopende bedrijven, zoals Cliniclowns, gemeente Rotterdam en Microsoft.
In toenemende mate is er aandacht voor de aanpak van onveiligheid op het leefniveau van de burger. De politie speelt hierop in door gebiedsgebonden politiezorg. De twee pijlers van deze aanpak zijn probleemgericht werken en samenwerking met andere partners in de lokale veiligheidszorg. Gebiedsgebonden houdt niet alleen een geografische benadering in, het kan ook een doelgroepbenadering of een persoonsgerichte benadering omvatten. Ook steeds meer gemeenten kiezen voor een wijkgerichte aanpak, waarbij verschillende gemeentelijke diensten, hulpverleningsinstellingen en de politie op wijkniveau samenwerken. De groeiende interesse van veel gemeenten en politieregio's voor cameratoezicht in het publieke domein past in de roep om meer veiligheid op straat. Deze interesse sluit tevens aan bij de gebiedsgebonden aanpak van de politie en de wijkgerichte aanpak van de gemeente. Steeds meer gemeenten in Nederland hebben plannen om cameratoezicht in te voeren of gaan over tot het uitbreiden van bestaande cameralocaties. Met deze groeiende vraag en interesse in cameratoezicht rijst ook de vraag of het middel het doel heiligt. Cameratoezicht tast immers bij niet-integer gebruik al snel de grondrechten aan van de burger in het publieke domein. Daarnaast is het moeilijk een eenduidig antwoord te geven op de vraag of cameratoezicht effectief is in de bestrijding van overlast en criminaliteit.Uit onderzoek blijkt dat cameratoezicht een positieve bijdrage kan leveren aan de veiligheid op straat mits er wordt voldaan aan bepaalde eisen. Beter in beeld biedt politiemedewerkers en gemeenteambtenaren die voor hun werk veel te maken hebben met cameratoezicht een uitgebreide toelichting over de juridische aspecten rond cameratoezicht. Daarnaast wordt uitgelegd wat de rollen en richtlijnen zijn voor de verschillende veiligheidspartners die betrokken zijn bij het cameratoezicht en verschaft het boek inzicht in een projectmatige opzet voor de implementatie en realisatie van cameratoezicht. Beter in beeld is ook een pleidooi voor een effe
Hoe effectief is Intensieve Orthopedagogische Gezinsbehandeling (IOG)? In de gezinnen die aangemeld worden voor IOG is er sprake van een disbalans tussen draagkracht en draaglast. Ouders voelen een hoge mate van opvoedingsstress en kinderen vertonen gedragsproblemen. Met ondersteuning van IOG versterken ouders hun opvoedingsvaardigheden. Gedurende het IOG- traject worden de krachten van de gezinsleden zichtbaar gemaakt en verder uitgebreid. Ook wordt er aandacht besteed aan (het uitbreiden van) het netwerk van de gezinnen. Ouders gaan zich daardoor weer sterker, ofwel empowered voelen.Uit de effectmeting die de auteurs in dit boek beschrijven blijkt dat IOG een effectieve vorm van hulpverlening is bij het verlagen van opvoedingsstress, het verminderen van gedragsproblemen van kinderen en het vergroten van empowerment van ouders. Gezinnen kunnen weer op eigen kracht verder en worden minder afhankelijk van de hulpverlening.Effecten van Intensieve Orthopedagogische Gezinsbehandeling is bestemd voor diegenen die op enigerlei wijze betrokken zijn bij een vorm van ambulante gezinsbehandeling: uitvoerend werkers, teamleiders en bestuurders van instellingen voor jeugdhulpverlening. Vaak zijn ook andere hulpverleners betrokken bij de gezinnen zoals medewerkers uit de gezondheidszorg, het onderwijs, van de politie of de gemeente. Voor hen is dit boek een uitstekend middel om vertrouwd te raken met de doelen en werkwijze van IOG. Voor studenten (hbo en wo) kan het boek als voorbeeld dienen hoe je praktijkonderzoek opzet en uitvoert.
100 dagarrangementen erbij en 1000 combinatiebanen in brede scholen, dat is het beleidsvoornemen van het kabinet anno 2004. Dagarrangementen zijn booming business geworden. Een dagarrangement is een samenhangend en doorlopend aanbod van onderwijs, opvang en vrijetijdsvoorzieningen waar schoolkinderen en ouders op basis van behoefte en eigen keuze gebruik van kunnen maken. Leuk voor kinderen en prettig voor ouders. In dit boek zijn de dagarrangementen van vijf verschillende locaties in Amsterdam, Oss, Heerenveen, Sluis en Groningen beschreven. Zij realiseerden een dagarrangement in de brede school. De ervaringen van deze voortrekkers leiden tot tal van aanbevelingen voor nieuwe dagarrangementen. U vindt in dit boek gegevens over de tussenschoolse opvang, over een naschools aanbod en over de ontwikkeling van een gezamenlijk pedagogisch klimaat en aan het einde een lijst van criteria waaraan een goed dagarrangement moet voldoen. Het is tijd om anderen op de hoogte te stellen van de mogelijkheden, ook al zijn nog niet alle knelpunten opgelost. Dit boek is geschreven voor de coördinator die een dagarrangement in het kader van de brede school wil opzetten. Veel organisaties zouden die coördinator kunnen leveren: de basisschool, het welzijnswerk, de buitenschoolse opvang of de gemeente, om de belangrijkste spelers in het veld maar eens te noemen. Deze coördinator krijgt met dit boek een handreiking bij de uitdagende taak om iets nieuws te creëren uit bestaand aanbod.
"Het percentage kinderen met overgewicht in uw gemeente stijgt schrikbarend. De plaatselijke bevolking maakt zich grote zorgen over de vestiging van een groot transportbedrijf vlakbij een woonwijk. De gemeenteraad heeft uitgesproken dat het nu maar eens afgelopen moet zijn met de overlast die hangjongeren veroorzaken. Herkent u dergelijke problemen? Wordt uw hulp wel eens ingeroepen om oplossingen te verzinnen? Om ‘integraal’ of ‘intersectoraal beleid’ te ontwikkelen? Om een Gezondheidseffectschatting (GES) uit te voeren?In Gezondheidseffectschatting: wetenschappelijke onderbouwing en beleidscoördinatie van intersectoraal gezondheidsbeleid wordt aandacht besteed aan allerlei zaken die spelen bij de praktische inzet van een Gezondheidseffectschatting, en dan met name aan de wetenschappelijke onderbouwing en de mogelijkheden tot effectieve beleidsinvloed. Voor de wetenschappelijke onderbouwing worden methoden voor kwantitatieve modellering beschreven. Beleidsinvloed kan worden uitgeoefend door buiten de traditionele grenzen van de gezondheidssector contacten te leggen met beleids- en uitvoerende instanties. Beide oplossingsstrategieën worden geïllustreerd aan de hand van inzichten verkregen uit de onderzoeksresultaten van de beide auteurs, afgewisseld met praktische aanbevelingenen rijk geïllustreerd met praktijkvoorbeelden.De uitgave is primair gericht op de verantwoordelijken voor de uitvoering van een GES: onderzoekers en beleidsmedewerkers bij gemeenten en GGD’en; en medewerkers van nationale instituten die met specifieke expertise gezondheidseffectschattingen kunnen uitvoeren, zoals het RIVM en het NIGZ. Daarnaast is het boek van belang voor gemeentelijke, provinciale of Rijksambtenaren in de gezondheidssector die betrokken zijn bij intersectorale projecten of commissies, en onderzoekers op het gebied van gezondheidsbeleid."
Vergroot€ 16,95Prijs per stukAantal: BestellenAllard van Gent (Amersfoort, 1966) woont en werkt sinds april 2011 als vertaler/journalist in Berlijn. Hij groeide op in Doorn, vertrok op zijn achttiende levensjaar naar Utrecht, verbleef kort in Antwerpen en verhuisde daarna naar Deventer. Na het propedeusejaar van de studie THW (Toegepaste Huishoud-wetenschappen) verliet hij de Hanzestad en ging als supervisor stewarding (chef zalen zetten en spoelkeuken) aan de slag in Grand hotel Krasnapolsky. In 1992 volgde hij de opleiding Tekstschrijven aan de Hogeschool Holland in Diemen, die hij in 1996 met succes afrondde. Om die studie te bekostigen werkte hij drie jaar lang parttime in het personeelsrestaurant van het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis in Amsterdam.In 1997 vertrok hij naar Mallorca. Op het Spaanse eiland richtte hij in 2001 het Nederlandstalige maandblad Mallorca Vandaag op, dat hij tot september 2006 uitgaf. Enkele maanden later keerde hij terug naar Nederland, werkte korte tijd als correspondent voor De Nieuwsbode, schreef teksten voor een reisbureau en belandde als webredacteur bij een gemeente in het oosten des lands. In 2010 won hij de eerste prijs bij de columnwedstrijd van uitgeverij aquaZZ.
Veiligheidskundigen krijgen in uiteenlopende situaties met economie te maken. Zij moeten in verschillende situaties de kosten van veiligheid in kaart kunnen brengen en de kosten van de maatregelen kunnen berekenen. De directeurgrootaandeelhouder van een onderneming en een veiligheidskundige van een gemeente hebben op verschillende manieren te maken met economische facetten van veiligheid.<br/><br/>Basisboek veiligheid en economie bevat een breed scala aan bedrijfseconomische begrippen waarmee veiligheidskundigen en andere beleidsmakers in het veiligheidsdomein te maken krijgen. De begrippen worden vanuit zowel een privaat als een publiek gezichtspunt behandeld en verduidelijkt. De auteur licht deze toe aan de hand van voorbeelden die betrekking hebben op het veiligheidsdomein. Ook in de opgaven wordt gebruikgemaakt van realistische voorbeelden uit de beroepspraktijk van veiligheidskundigen. <br/>
En dit is dan de biografie van een fabrieksdorp zoals ze er in Vlaanderen geen twee hebben. Een ruwe schets van een door het kanaal Gent-Terneuzen in tweeën gezaagd industrieel eiland. Het labyrintisch relaas van socialistische burgemeesters die van de vakbond zijn, van bezettingen en fabrieksstakingen, van gipsbergen en slibstorten, en van mémékes die weigeren gemeentetaks te betalen. Een relaas dat bijna een eeuw omspant.Centraal staat de komst van de Sidérurgie Maritime in de jaren zestig, die heel Zelzate de polonaise doet dansen. Sidmar stuwt het fabrieksdorp definitief op in de vaart der volkeren. Pistier Omer De Bruyder, die voor een bak trappist een stuur dubbel plooit; meneer Laureys van de RVA, die half Zelzate aan een job helpt bij Sidmar en actief is bij het ACW. Tina Turner die met haar Ike optreedt in zaal The Mercury; de jonge dokters Roland Van Acker en Frans Van Acoleyen die een groepspraktijk op het Groenplein openen; Rode Valk Freddy De Vilder die de coming man van de SP wordt; en een auteur die nog nooit in Zelzate geweest was en niet begrijpt hoe de Partij Van de Arbeid daar zes gemeenteraadsleden heeft: een handvol mensen, een gemeente, een kleine eeuw. "Thomas Blommaert is een nieuwe stem in de Vlaamse literaire non-fictie, bevlogen en verbolgen als Boontje, monkelend en vloekend als Walter van den Broeck, maar bovenal vurig en idealistisch als zichzelve." - David Van Reybrouck, schrijver van o.a. Congo, een geschiedenis en Pleidooi voor populisme.'Een trefzekere ontleding van de Zelzaatse microkosmos waarin ook de Grote Verhalen van deze tijd oplichten: de teloorgang van de oude sociaaldemocratie en de milieuverloedering. Gepassioneerde reportagejournalistiek.' - Pascal Verbeken, schrijver van Arm Wallonië en Humo-journalist.
In 1631 besloot de ‘Groote Vergadering’ van de Remonstrantse Broederschap om haar Gemeenten van ‘vaste leeraars’ te voorzien. Op 1 maart 2007 is het 375 jaar geleden dat deze belangrijke stap in het proces van consolidering van het remonstrantse gemeenteleven in de Maasstad werd ge ectueerd. In deze bundel wordt de geschiedenis van deze Gemeente en haar gedachtegoed beschreven, haar plaats in de Remonstrantse samenleving en daarbuiten.Daarnaast wordt aandacht gegeven aan de kerkbouw van de remonstranten.Uniek is de collectie predikantsportretten die de gemeente in de loop der eeuwen heeft gevormd. Voor het eerst wordt in deze bundel daarvan een wetenschappelijke beschrijving gegeven.Tenslotte worden de huidige positie en de toekomstperspectieven van deze vrijzinnige geloofsgemeenschap geschetst.
Een boek (Engelstalig) over de diverse stijl- en landschapstuinen van het 18e eeuwse Kasteel van Hex, in de gemeente Heers in Haspengouw (België)Het Kasteel van Hex, in de gemeente Heers in Haspengouw, werd gebouwd in de 18de eeuw en wordt omringd door diverse stijl- en landschapstuinen uit dezelfde periode. Het kasteel, een U-vormige constructie in classicistische stijl, werd rond 1770 opgetrokken als zomerverblijf en jachtslot voor Graaf Karel van Velbrück, prins-bisschop van Luik.Velbrück was een verlichte humanist, met grote voorliefde voor kunsten, wetenschappen én natuur. Het lusthof was zijn persoonlijke eigendom en ging over naar zijn erfgenamen, die het ook nu nog altijd in bezit hebben en met liefde en respect onderhouden.Ook de kasteeltuinen en beplanting zijn door de eeuwen heen bewaard gebleven en met zorg onderhouden. Een van de hoogtepunten vormt de collectie oude en wilde rozen, gedeeltelijk nog de originele 18de-eeuwse struiken. De moestuin van twee hectare, met bijbehorende traditionele groentekelder, nog steeds in gebruik, en een park in Engelse landschapsstijl vormen slechts enkele van de andere redenen om Hex in dit boek – of in het echt – een bezoek te brengen. De tuinen van Hex vormen een arcadisch landschap van grote schoonheid en authenticiteit.Ook verkrijgbaar in het Nederlands 'Hex - Het prinselijk domein ontsluierd' 9789061537441. En in het Frans
In dit boek wordt in de eerste plaats het positieve Nederlandse staatsrecht behandeld. Daarnaast wordt echter aandacht geschonken aan de historische ontwikkeling en aan de grondbeginselen die aan onze democratische rechtsstaat ten grondslag liggen. Ook de veranderingen van de laatste jaren in het functioneren van het parlementaire stelsel en de nieuwe wetgeving en jurisprudentie zijn verwerkt.Ondanks het feit dat dit geen boek over bestuursrecht is, komen toch tal van onderdelen daarvan min of meer uitvoerig aan de orde. Bij de bespreking van de decentralisatie wordt aandacht besteed aan de dualisering van het gemeente- en provinciebestuur en de wetsvoorstellen inzake directe verkiezing van de burgemeester. Vanzelfsprekend wordt ook plaats ingeruimd voor een bespreking van de grondrechten, zowel die van de nationale als die van internationale oorsprong.Ten slotte is een afzonderlijk hoofdstuk gewijd aan de plaats van Nederland binnen de Europese Unie, de uitbreiding van de Unie en het verdrag over de Grondwet van Europa.
De Nederlandse taal leren en vertrouwd raken met de Nederlandse samenleving. Daarover gaat het bij inburgering.Deze Kleine Gids Inburgering is geschreven voor vreemdelingen die (moeten) inburgeren, maar ook voor mensen in hun omgeving en voor mensen die professioneel bij inburgering betrokken zijn, zoals medewerkers van gemeenten of maatschappelijke instanties. Het boekje behandelt in begrijpelijke taal alles wat er bij inburgering komt kijken, compleet herzien en aangepast op alle wetswijzigingen die per 1 januari 2010 zijn doorgevoerd. Wie moet of mag er inburgeren? Wat zijn de rechten en plichten van vreemdelingen die inburgeren? Wat doet de gemeente? Op deze en andere vragen vindt u in De Kleine Gids Inburgering het antwoord. In heldere taal, zonder ingewikkelde juridische termen, maar met handige voorbeelden, tips en overzichtelijke tabellen. Kortom: De Kleine Gids Inburgering. Moeilijke zaken, makkelijk uitgelegd.
Wie de werkelijkheid wil begrijpen, zal haar moeten onderzoeken.’Er is niets zo moeilijk als goed samenwerken vanuit een gedeelde werkelijkheid. Zeker wanneer het gaat om mensen te helpen die complexe problemen hebben. Deze bundel laat vanuit verschillende invalshoeken zien hoe er gewerkt wordt om afstemming te bereiken tussen hulp- en dienstverleners onderling en tussen de professionals en de cliënt. Vanuit een verschillende achtergrond, taal, cultuur en persoonlijke omstandigheden wordt er gezocht naar een gedeelde werkelijkheid om samen te kunnen werken. Waarbij de verschillen niet een probleem zijn, maar een uitdaging om de werkelijkheid van de ander beter te begrijpen. De auteurs laten vanuit het zoeken naar samenwerking zien hoe vanuit een maatschappelijk standpunt, vanuit de manier waarop mensen leren, vanuit een organisatorische visie en vanuit het standpunt van de professional en cliënt, die gedeelde werkelijkheid benaderd kan worden. Dit boek is bedoeld voor professionals in de psychiatrie, verslavingszorg, politie, woningbouwvereniging, maatschappelijk werk, opbouwwerk, reclassering, maatschappelijke opvang, justitie, gemeente-ambtenaren en politici die samen willen werken rondom mensen met complexe problemen. Wanneer ‘poëzie de hand is die zich over de pen verbaast’, dan is samenwerken het verbazen over de verhalen achter de gedeelde werkelijkheid.
‘Van stedelijke website tot digitale stad’ is een nuttig boek voor iedereen die betrokken is bij digitale communicatieprojecten. Politici en overheidsmedewerkers vinden er net zo goed hun gading in als wie actief is in het sociaal-cultureel werk. Ook communicatieprofessionals, marketeers en ICT-specialisten krijgen in dit boek een aantal actuele en tegelijk waardevolle internettrends gepresenteerd. Dit boek focust op de mogelijkheden van virtuele gemeenschappen binnen het e-governmentbeleid van lokale overheden. Vanuit Memori, het onderzoekscentrum van de Katholieke Hogeschool Mechelen, verrichte men onderzoek naar nieuwe e-government-benaderingen voor en door lokale overheden. Memorimedewerkers inventariseerden best practices van gevorderde digitale initiatieven in binnen- en buitenland. Met die knowhow realiseerden ze ook zelf enkele lokale experimenten. Het boek verkent aan de hand van talloze opmerkelijke grootschalige en kleinschalige voorbeelden hoe een digitale stad of gemeente vorm kan krijgen: met weblogs, jongerensites, seniorencommunities, buurtwebsites, softwaretools voor bedrijven en verenigingen, …. Dit is een heel tastbaar boek. Het toont aan dat e-government in het algemeen en de digitale stad in het bijzonder ook tot leuke, straffe en enthousiasmerende projecten kan leiden. Aandachtspunten hierbij zijn het inperken van technologische drempels, en het creëren van voldoende ruimte voor creativiteit en samenwerking. Van stedelijke website tot digitale stad
Met de komst van de Wet Werk en Bijstand (WWB) is een sterker accent komen te liggen op participatie, scholing en werk. Vanuit het uitgangspunt dat iedereen meedoet, wordt van mensen die in een uitkeringssituatie zitten gevraagd een bijdrage te leveren aan de samenleving met een zinvolle dagbesteding, vrijwilligerswerk of een betaalde baan. Wanneer we kijken naar de doelgroepen van mensen in de WWB die in aanmerking komen voor re-integratie op de arbeidsmarkt, dan zien we dat er regelmatig sprake is van een combinatie van problemen die vaak ook een belemmering vormt. Hoe dit kan worden aangepakt, is onderwerp van discussie. Dit boek gaat over de strategie van het verbinden van activering en zorg.Het boek heeft verschillende doelen:Ten eerste het bieden van inzicht in het ontstaan en de opzet van de methodiek voor activerende zorgcoaching. Deze methodiek wordt in de hele gemeente Rotterdam ingevoerd en mogelijk ook in andere gemeenten. Dit maakt het tot een praktijkgericht boek.Het tweede doel is, om een beeld te schetsen van enkele verwante programma's die activering en zorg willen koppelen. Daarbij wordt inzicht geboden in de werkzame elementen en factoren rond die programma's. Dit maakt het ook tot een informatief boek.En het derde doel is, de aandacht te vestigen op enkele interessante en recente ontwikkelingen. Daarmee wordt het ook een boek dat de dialoog wil uitlokken en wil bijdragen aan actuele discussies.Door deze gevarieerde doelen is het boek van belang voor een brede groep lezers, waaronder professionals in de uitvoeringspraktijk, beleidsmakers, onderzoekers, docenten en studenten.
Marijn Coenraet woont in de Bredase wijk Belcrum, op een steenworp afstand van het station. De gemeente is van plan om het station te vernieuwen en er omheen vijfduizend woningen en tienduizend arbeidsplaatsen te laten verrijzen. Het boek beschrijft het dubbele gevoel van Coenraet: aan de ene kant raakt hij steeds meer verknocht aan zijn wijk, terwijl aan de andere kant de ontwikkeling van de Spoorzone geleidelijk steeds meer zijn leven gaat beheersen. Door zijn groeiende verbondenheid met zijn wijk en zijn toenemende aversie tegen het stadsbestuur, wordt hij voortdurend heen en weer geslingerd tussen vechten en vluchten. Uiteindelijk is er voor hem geen weg meer terug en wordt hij langzaam maar zeker ondoorgrondelijke inspraakprocedures ingezogen.Het spoor bijster beschrijft op een treffende manier de logica van betrokken burgers en is daarmee ook illustratief voor andere stedelijke vernieuwingsprojecten in Nederland. Het houdt bestuurders, politici, ambtenaren en andere professionals een spiegel voor, in de hoop dat ze zich meer bewust worden van de impact van hun handelen. Voor burgers draagt het boek ervaringen aan, waarmee ze zich beter kunnen voorbereiden op overleg met overheden en op eventuele inspraakprocedures. Maar bovenal schetst het boek een mooi en actueel tijdsbeeld: een rustige Bredase volkswijk uit de jaren dertig van de vorige eeuw aan het begin van een transformatie naar een ‘Euregionaal zakencentrum’.
Woonbegeleiding is een belangrijke schakel in het proces van herstel en reïntegratie van cliënten die – vanuit de maatschappelijke opvang en vrouwenopvang – op weg zijn naar zo zelfstandig mogelijk wonen. Deze publicatie verkent de woonbegeleiding in Utrecht. Aspecten van woonbegeleiding worden beschreven en woonbegeleiders en medewerkers van woningcorporaties komen aan het woord. Zo geven woonbegeleiders aan vaak solistisch te opereren, veel energie te moeten steken in het onderhouden van het contact met de cliënt en vaak niet precies te weten waar hun taken beginnen en waar deze ophouden. Als belangrijkste opbrengst van hun inspanningen zien zij dat cliënten door de begeleiding hun zelfstandigheid terugkrijgen. De Utrechtse woningcorporaties zijn positief over de samenwerking met de woonbegeleiding. Zij constateren dat woonbegeleiding kwetsbare mensen in staat stelt om de stap naar zelfstandig wonen te zetten. Cliënten met woonbegeleiding blijken geen extra overlast te veroorzaken in de buurten waar zij wonen. Woonbegeleiding in Utrecht is bedoeld voor mensen werkzaam in de opvang en andere zorginstellingen, en voor gemeenten, provincies en woningcorporaties. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de gemeente Utrecht en de provincie Utrecht en maakt onderdeel uit van de lokale OGGz monitor Utrecht (uitgevoerd door het UMC St. Radboud).
Duurzame woningverbetering. Daarmee redt u zich als projectleider wel. Bouwen en verbouwen is uw vak. Maar hoe zit het met de communicatie met bewoners? Weet u ook hoe u dat aanpakt? Hoe betrekt u huurders, huurdersorganisaties en bewonerscommissies op constructieve wijze bij de renovatieplannen? Hoe enthousiasmeert u uw huurders, zodat ze instemmen met de voorgestelde maatregelen, ook als deze een huurverhoging met zich meebrengen? En, bij duurzame woningverbetering heel belangrijk: hoe zorgt u ervoor dat bewoners de nieuw aangebrachte, moderne voorzieningen op de juiste manier gaan gebruiken, zodat een optimaal wooncomfort samengaat met een minimale energierekening? Deze vragen laten zich niet met standaardoplossingen beantwoorden. Net als de renovatie zelf, vraagt communicatie om maatwerk. Maatwerk dat afhankelijk is van factoren als:- het karakter van de buurt- leeftijd, gezinssamenstelling, opleidingsniveau en leefstijl van de bewoners- omvang en complexiteit van de ingreep- wel of geen huurverhoging?- de vraag of de huidige huurders/bewoners ook de bewoners van de toekomst zijn- de relatie tussen verhuurder en huurders(organisaties)- de reputatie van de verhuurder op het gebied van onderhoud en communicatie- de relatie tussen gemeente en verhuurders/corporaties.Het handboek Bewonerscommunicatie bij duurzame woningverbetering is een praktische gids voor het systematisch, tijdig en zorgvuldig opzetten van de communicatie met bewoners. Met behulp van het CommunicatieKompas bepaalt u uw basisstrategie. Daarna bepaalt u aan de hand van adviezen, checklists en praktijkvoorbeelden hoe u die basisstrategie uitwerkt in communicatiemiddelen en –activiteiten. Voorbeelden en tips voor de bewonerscommunicatie zijn per projectfase en per communicatiestrategie geordend.Bewonerscommunicatie bij duurzame woningverbetering is de communicatie’tool’ bij de Toolkit Bestaande Bouw. Het boek kan ook zelfstandig worden gebruikt. Het is een hulpmiddel voor corporaties
"In 1904 stelde Zaandam als eerste Nederlandse gemeente een schoolarts aan.Met de komst van deze nieuwe professional nam de invloed van medici op het leven van schoolkinderen toe, een proces dat wordt geduid als medicalisering. Zagen kinderen voorheen slechts een dokter wanneer zij ziek waren, schoolartsen onderzochten nu uit preventieve overwegingen alle aan hen toevertrouwde kinderen.Omdat zij werkzaam waren in de school, maakten schoolartsen tevens deel uit van het proces van pedagogisering. Zonder twijfel hebben zij bijgedragen aan de groeiende invloed van de school op het kind, onder meer door het propageren van gezondheidsleer, de strijd tegen hoofdluis en het helpen selecteren van kinderen voor het ‘zwakzinnigenonderwijs’. In 'Witte jassen in de school' beschrijft historisch pedagoog Fedor de Beer de rol van schoolartsen binnen beide processen aan de hand van cultuurhistorisch onderzoek. Hij laat zien dat de komst van de schoolarts geen gevolg was van medisch imperialisme, maar dat verschillende partijen – medici, politici én onderwijzers – diens aanstelling noodzakelijk achtten om kinderen te beschermen tegen de gezondheidsrisico’s van het schoolgaan. Bij de verspreiding van het beroep over het land en bij de ontwikkeling van het takenpakket speelden die partijen, waaronder de rijksoverheid, eveneens een voorname rol. Hoewel alle partijen het schoolartsenwezen op andere wijze wilden invullen en de artsen werkzaam waren in een pedagogische setting, bleef de beroepsgroep zelf trouw gericht op datgene waar het hen in wezen om ging: de gezondheid van het Nederlandse schoolkind."
Ymere is een maatschappelijke onderneming met een lange en rijke traditie in wonen. Met de tweejaarlijkse Ymere Stimuleringsprijsvraag voor architectuur, beeldende kunst, landschapsarchitectuur en stedenbouw, daagt Ymere (landschaps)architecten, stedenbouwkundigen en beeldend kunstenaars uit mee te denken over een complexe, maar niet op zichzelf staande opgave. Hierbij vraagt ze speciale aandacht voor zowel leefbaarheid en cultuurhistorische waarden als voor groen en water. In de prijsvraag van 2005 werkte Ymere nauw samen met de gemeente Almere.De Ymere Stimuleringsprijsvraag 2005 leverde uitgewerkte, krachtige en uitvoerbare ontwerpen op voor woningbouw in de Stadstuinen als een nieuw type openbaar groen. Op deze bijzondere plek was dat gekoppeld aan de archeologische vindplaatsen in Almere Hout, het jongste stadsdeel van Almere. Janine Schrijver maakte speciaal voor deze publicatie foto's. Haar opnamen verbeelden het kader waarbinnen de vier genomineerden werkten: het prachtige, lege landschap van Almere Hout waarin archeologische vondsten verborgen liggen. Daarnaast toont ze een kleurrijke afspiegeling van de bewoners van Almere. De foto's en de vier genomineerde plannen geven samen een beeld van de opgave en de uitkomsten, van het nu en de toekomst.
Het Marietje Kesselsproject is in 1990 in Tilburg van start gegaan als een project zelfverdediging voor meisjes van groep 7 en 8 van de basisschool. Vanaf 1994 behoren ook jongens tot de doelgroep. Het project bestaat uit een reeks van twaalf lessen waarin wordt gewerkt aan de vergroting van weerbaarheid bij kinderen in situaties van machtsmisbruik. Het programma is er allereerst op gericht slachtofferschap te voorkomen, en in tweede instantie ook daderschap. Na een intensieve aanloopfase is het programma in Tilburg uitgegroeid tot wat het nu is: een preventieproject voor meisjes en jongens van groep 7 en 8, structureel gesubsidieerd door de gemeente. Meer dan veertig basisscholen in Tilburg en omstreken namen er al aan deel. Het inspirerende Marietje Kesselsproject vindt nu op andere plekken in Nederland navolging. Aan de hand van het Tilburgse model zijn alle aspecten van het project in dit boek samengebracht, zodat het ondersteuning biedt bij de voorbereiding en uitvoering van een dergelijk project. Om de verschillende activiteiten goed te onderscheiden is de informatie verdeeld over drie delen: beschrijving van de activiteiten die voor, tijdens en na een lessenreeks aan de orde zijn; het opzetten van een project en de lessen zelf. De drie delen vormen samen een geheel; van initiatief tot organisatie en uitvoering.
Kan de gemeenteraad een roofzuchtige kater verplichten zich uitsluitend op zijn eigen erf te bevinden? Mag een kustgemeente het varen met jetskiLs op zee verbieden? En kan het fotograferen van de woning van het kroonprinselijk paar in een verordening strafbaar worden gesteld? Deze en andere vragen komen aan de orde in dit boekje over de verordenende bevoegdheid van gemeentebesturen. Verordeningen zijn er te kust en te keur. Zelfs een kleine gemeente kent al gauw tientallen verschillende regelingen. Naast de APV (Algemene Plaatselijke Verordening) zijn er talloze andere verordeningen zoals de belasting-, de drank- en horeca, de kap- de inspraak-, de leefmilieu-, de subsidie-, de monumenten- en de bouwverordening. Aan de hand van rechtspraak en praktijkvoorbeelden worden de grenzen van de regelgevende bevoegdheid van gemeentebesturen op inzichtelijke wijze in kaart gebracht. Mr. A.E. Schilder is hoofd van de Afdeling Constitutioneel beleid bij de directie Constitutionele Zaken en Wegeving van het Ministerie van BZK en tevens hoofddocent staats- en bestuursrecht aan de universiteit van Leiden.Mr. J.G. Brouwer is hoofddocent algemene rechtswetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen. Beide auteurs zijn daarnaast rechter-plaatsvervanger.
Geweld op straat staat voor velen gelijk aan zinloos geweld; iedereen kan ‘zomaar’ slachtoffer worden. Inmiddels is duidelijk dat huiselijk geweld met veel meer recht aanspraak kan maken op het predikaat ‘zinloos geweld’. Balthazar Beke en Marieke Bottenberg deden op verzoek van de gemeente Rotterdam onderzoek naar de aard, omvang en achtergronden van huiselijk geweld. Een op de vijf aangiften van geweld valt onder de noemer ‘huiselijk geweld’. Op jaarbasis wordt een regio als Rotterdam-Rijnmond geconfronteerd met circa vierduizend geweldsincidenten in de huiselijke sfeer. Dat is slechts het topje van de ijsberg. Uit landelijk onderzoek blijkt dat slechts zes procent van de slachtoffers aangifte durft te doen. Een van de belangrijkste bevindingen is dat huiselijk geweld zich afspeelt volgens drie karakteristieke geweldsscenario’s. Deze worden bepaald aan de hand van het profiel van de dader en het slachtoffer, de aanleiding en het exacte verloop van het geweldsincident en de kenmerkende geweldspatronen. De scenario's worden met concrete voorbeelden geïllustreerd. Het eerste scenario is extreem huiselijk geweld. Er is sprake van excessief, aanhoudend en onvoorspelbaar geweld. Een aanleiding ontbreekt. Plegers zijn meestal ‘goede bekenden’ van de politie, onder hen vinden we ook vaak daders van geweld op straat. Het tweede scenario is cyclisch huiselijk geweld. Geweldsexplosies worden afgewisseld met periodes van ‘het weer goed maken’. Vaak is er sprake van (obsessieve) jaloezie. Als de dader al een strafblad heeft, dan betreft het meestal lichtere misdrijven. Het derde scenario is plotseling huiselijk geweld. Hier zien we een korte, hevige geweldsexplosie die ontstaat door een combinatie van spanningen en gevoelens van machteloosheid en frustratie. Deze daders hebben zelden een strafblad. Deze scenario’s én de verbanden die er bleken te zijn met geweld op straat leiden tot een andere aanpak van huiselijk geweld. Deze wordt uitvoerig beschreven. Voor politie, O
Sociaal kwetsbare mensen die moeite hebben zich in de samenleving op eigen kracht te handhaven worden, vooral in de grote Nederlandse steden, steeds zichtbaarder. Met behulp van gegevens van het AWBZ-indicatieaanvraagformulier is in Utrecht onderzocht hoe kwetsbare mensen er aan toe zijn en of, en in welke mate, groepen kwetsbare mensen in profiel en functioneren onderling verschillen. Deze uitgave presenteert de resultaten. Aan de orde komen onder meer de leef- en woonsituatie, problemen, middelengebruik, zorgmijding en woonoverlast, en de op basis van de indicatieaanvraag toegewezen AWBZ-zorg. De gegevens bieden handvatten voor maatwerk in de maatschappelijke opvang en voor beleidsontwikkeling. Indicatiestelling bij sociaal kwetsbare mensen in Utrecht is bedoeld voor mensen die werkzaam zijn in de maatschappelijke opvang en bij andere zorginstellingen, en voor gemeenten, provincies, zorgverzekeraars en zorgkantoren. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de gemeente Utrecht en de GG&GD Utrecht en maakt onderdeel uit van de lokale OGGz monitor Utrecht (uitgevoerd door het UMC St. Radboud).
Een bundel van brieven, essays, columns, een sprookje, beschouwingen, herinneringen, dialogen en fotoreportages van veertig vrouwelijke auteurs en beeldmakers van diverse komaf en generaties; zoals Halleh Ghorashi, Sawitri Saharso, Baukje Prins, Marjo Buitelaar, Sarah van Walsum, Trees Pels en Doutje Lettinga, Ouafila Essaya, Nora Kasriou, Diana van Bergen, Ferdows Kazemi.Zes jaar nadat minister De Geus de voltooiing van de emancipatie van 'autochtone' vrouwen afkondigde en de bevrijding van de 'allochtone' vrouwen aankondigde, maken zij een andere balans op. Niet met achterstandspercentages, want emancipatie is geen rechte weg met voorlopers en achterblijvers. WÚl met verhalen over verschillende levensroutes en over onverwachte dwarsverbindingen tussen groepen vrouwen. En dwars door de veronderstelde tweedeling tussen geÙmancipeerde autochtone vrouwen en onderdrukte allochtone vrouwen heen.Autonomie is het sleutelwoord. Wat betekent autonomie voor een excuus top-truus, vastberaden moslima, alleenstaande bijstandsmoeder, een net aangekomen 'importbruid', kort gehouden tienermeisje en vrijgevochten Grieks-Nederlandse lesbienne. Hoeveel ruimte en vertrouwen krijgen zij van familie, media, gearriveerde feministen, professionals en politiek? Want dwarse denkers zijn niet tevreden met stereotiepe beelden en makkelijke antwoorden; zij willen sociale verhoudingen en ontwikkelingen doorgronden.Dwarse Vrouwen is een coproductie van de auteurs en Kosmopolis Rotterdam, mede mogelijk gemaakt door de gemeente Rotterdam (JOS) in het kader van het programma Dialogen Stadsburgerschap en uitgegeven door Uitgeverij Aksant. Redactie: Joke van der Zwaard, Janine Janssen, Saskia Keuzenkamp en Fouzia Outmany.
Iedereen heeft te maken met een omgeving met wie hij of zij ‘communiceert’. Voor een agrarisch ondernemer is dat bijvoorbeeld een gemeente of een waterschap. In toenemende mate zijn dat ook consumenten die vragen stellen over het agrarisch bedrijf of tijdens open dagen op het erf komen. Daarnaast starten steeds meer ondernemers met activiteiten naast hun agrarische tak, zoals een zorgboerderij, camping of boerderijwinkel. Voorwaarde voor het succes is dat bezoekers weten van het bestaan van het bedrijf en zich daar thuis voelen. Communicatie is daarbij een absolute noodzaak.Verrassend & inspirerend Communiceren met gezond boerenverstand ondersteunt agrarische ondernemers - met of zonder multifunctionele tak - bij effectieve communicatie en marketing. Niet met allerlei ingewikkelde theorieën, maar door het geven van praktische tips en adviezen. Het boek bevat interessante interviews met communicatiedeskundigen die actief zijn in de agrarische sector. Ook geven diverse ondernemers in reportages toelichting op hun eigen aanpak en hun ervaringen. Kortom, een boek voor ondernemers die verder kijken dan de grenzen van hun eigen erf!
Hoe breng je als adviseur bij de gemeente een helder juridisch advies uit? Wat is een goede manier om als medewerker schuldhulpverlening een cliënt slecht nieuws te brengen? Hoe bereid je je als juridisch medewerker op een advocatenkantoor voor op bemiddeling en mediation? Dit boek reikt handvatten aan om op dergelijke vragen een antwoord te vinden. Gespreksvoering in de juridische praktijk biedt een overzicht van de gespreksmodellen die een (sociaal)jurist tot zijn beschikking heeft. Het bespreekt naast de inleidende theorie ook de vaardigheden die horen bij de verschillende gesprekssituaties zoals vergaderen, solliciteren, adviseren, een slechtnieuwsgesprek, conflicthantering en interculturele communicatie. Ook komen thema’s als diversiteit, omgaan met lastige doelgroepen en motivatietechnieken aan bod.De juridische aspecten van het betreffende gesprekstype worden steeds in een specifieke paragraaf uitgelicht. Hierbij komen de wet- en regelgeving, afspraken en privacy van betrokken partijen aan bod, maar ook de verschillende juridische situaties waarin dat type gesprek gevoerd wordt.Aan de hand van voorbeelden uit zowel de harde (HBO-Rechten en MER) als de zachte (SJD) juridische praktijk bereidt dit boek studenten voor op de beroepspraktijk. Ieder hoofdstuk start met leerdoelen en wordt afgesloten met een checklist waarmee je eigen gesprekken kunt voorbereiden en evalueren.De auteurs zijn als docent communicatie verbonden aan de opleidingen Sociaal Juridische Dienstverlening en HBO-Rechten van de Hogeschool van Amsterdam.
Geschiedenis van de Antillen brengt de complete geschiedenis tot leven van de zes eilanden in de Caraïbische Zee, die tot 1986 een eenheid vormden onder Nederlands bestuur. Over de oorspronkelijke Indiaanse bewoners, de komst van de Spanjaarden en later van de Zeeuwen en Hollanders. Over de slavernij en de afschaffing ervan, over het komen en gaan van olieraffinaderijen. Uiteraard komen ook de ontwikkeling van kolonie tot rijksdeel en het verkrijgen van de ‘status aparte’ en de status van Nederlandse gemeente aan bod. Geschiedenis van de Antillen is de meest actuele uitgave over zowel de bekendste eilanden Aruba, Bonaire en Curaçao, als over de vaak verwaarloosde geschiedenis van de Bovenwindse eilanden Saba, Sint Maarten en Sint Eustatius. De gecompliceerde bevolkingssamenstelling, de onderlinge relaties tussen de zes eilanden en de betrekkingen met Nederland en andere landen worden belicht vanuit de Caraïbische context. In deze compleet herziene editie krijgen naast de economische, politieke en demografische aspecten ook andere kanten van de Antillen ruime aandacht, zoals de natuur en het sociale en culturele leven op de eilanden. Een rijk geïllustreerd en helder geschreven standaardwerk over een geschiedenis die eeuwenlang nauw met de Nederlandse verbonden is geweest. Un buki dushi pa un i tur.
De eerste brede scholen in Nederland dateren al van 1995 maar momenteel ontwikkelt de brede school zich in hoog tempo tot een basisvoorziening. Een voorziening waarin kinderopvang, onderwijs, peuterspeelzaal en andere instellingen samenwerken om te komen tot een kwalitatief goed en samenhangend programma voor kinderen en hun ouders. Het huidige kabinet stimuleert deze ontwikkeling met diverse maatregelen, waaronder de bekostiging van combinatiefuncties voor sport en cultuur en de verankering van de brede school in de kwaliteitsagendas voor het primair en voortgezet onderwijs.In relatief korte tijd is het aantal brede scholen, zonder noemenswaardige stimulerende of dwingende wet- en regelgeving, toegenomen van 450 in 2001 naar bijna 1.000 brede scholen in het primair onderwijs en ruim 350 in het voortgezet onderwijs in 2007. Hoewel brede scholen niet zonder slag of stoot en gemopper tot stand komen, duidt alles erop dat die groei zich de komende jaren verder door zal zetten. Dat vergt extra inzet van gemeenten, scholen, instellingen en rijksoverheid. De auteurs van deze bundel hopen aan die inspanningen een bijdrage te leveren.Zicht op de brede school 2007-2008 biedt een rijk overzicht van verschillende onderwerpen die in de brede school spelen: leiderschap en visie, rol gemeente, brede school op het platteland, brede school in een achterstandswijk, brede school in het voortgezet onderwijs, relatie met kinderopvang, ruimte en bouwtechnische aspecten, sport en cultuur, kortom (bijna) alles wat de brede school raakt.