Vele Amsterdammers dachten in de herfst van 1983 hetzelfde. Ze zagen zijn foto in de krant en riepen uit: 'HÚ? Wimpie?' Dat Willem Holleeder tot zoiets in staat was. Van de andere drie gefotografeerden hadden ze het misschien voor mogelijk gehouden dat ze achter de ontvoering van Freddy Heineken zaten, maar niet van onze Willem. Later, na zijn straf, kwam Holleede opnieuw in de publiciteit, als vermeende bendeleider en sluwe afperser van zakenlieden. 's Lands meest beruchte crimineel zou weer voor vele jaren 'voor schut gaan', zoals ze in zijn bakermat, de Jordaan, zeiden. Maar wat ging nou precies aan zijn misdaden vooraf? Hoe kwam hij zover? Auke Kok voerde talloze gesprekken met klasgenoten, leraren, vrienden, buren en familieleden. Dit is het verhaal van Wimpie, van de arme volkswijk de Jordaan waar goed en kwaad door elkaar liepen, van het gezien dat aan de achterkant niet zo vredig was als aan de voorkant, van de driftige, drankzuchtige vader Holleeder die voor ... Heineken werkte.Over de auteurAuke Kok is historicus, schrijver, journalist en columnist voor Vrij Nederland en Het Parool. Van zijn hand verschenen onder meer De verrader. Leven en dood van Anton van der Waals. Samen met Dido Michielsen schreef hij Lisa & Lin - Vijf weken terug in China. In 2010 verscheen Oorlogsliefde.
Het zijn net mensen beleefde sinds verschijning in 2006 al 26 drukken en ging meer dan 250.000 keer over de toonbank. Luyendijk won er de NS Publieksprijs 2007 mee.Vijf jaar lang was Joris Luyendijk correspondent in de Arabische wereld. In Het zijn net mensen probeert hij de kloof tussen wat hij als correspondent met eigen ogen zag, en wat hij daarvan kon laten zien op radio, tv en in de krant te dichten. Met pakkende voorbeelden en vol humor legt hij uit waarom nieuwsmedia slechts een klein deel van de werkelijkheid kunnen weergeven en waarom het voor ons zo moeilijk is om iets van het Midden-Oosten te begrijpen.
Waarom krijgen vrouwelijke obers grotere fooien dan hun mannelijke collega's? Wat is het nut van pijn? Zijn wij allen homo's? Discrimineren wij onze kinderen? En waarom klapt een tevreden publiek overal ter wereld in de handen?In Darwin in de supermarkt toont gedragsbioloog Mark Nelissen met veel humor aan dat de evolutietheorie om elke hoek loert. Op straat en in de winkel, in de krant en in e-mails: de sporen van Charles Darwin duiken overal op. In dit licht verteerbare, maar wetenschappelijk stevig onderbouwde boek opent Mark Nelissen onze ogen voor Darwins indrukwekkende erfenis en weet hij zo menselijk gedrag te verklaren. Waardoor je de persoon voor je aan de kassa nooit meer op dezelfde manier zult bekijken...
Elke donderdag, al vijf jaar lang, schrijft voormalig fotograaf Hans Aarsman in de kunstbijlage een column naar aanleiding van een opmerkelijke foto die hij aantrof in een krant of tijdschrift, op een tentoonstelling of website. Met een loep struint hij de foto af. Welk verhaal schuilt er achter de eerste indruk? Is er geposeerd? Zijn de varens echt of van plastic? Waarom dragen die vrouwelijke ME'ers strakke rokjes? Hans Aarsman ziet dingen op foto's die je in eerste instantie over het hoofd ziet. En stelt onverwachte vragen bij onopvallende beelden. In Ik zie ik zie zijn de mooiste bijdragen van de afgelopen jaren uit 'De Aarsman Collectie' gebundeld.
Psychiatrische diagnoses als ‘depressie’, ‘schizofrenie’, ‘borderline’, ‘anorexia’, lijken vanzelfsprekende concepten in ons alledaagse taalgebruik. Dagelijks worden we via tv, krant, radio, muziek, films, gesprekken op het werk of op straat geconfronteerd met diagnostische termen. Ondanks de bewering dat de DSM geen mensen, maar enkel stoornissen classificeert, is het in de dagelijkse praktijk altijd zo dat een diagnose wordt toegekend aan iemand, aan een ‘ik’ van vlees en bloed. In dit boek gaat de auteur na hoe die iemand, dat ‘ik’, kan omgaan met een diagnose die op haar/hem van toepassing wordt verklaard. Door in te gaan op vragen als ‘Wat is een psychiatrische diagnose?’, ‘Wie is dat subject, dat ‘ik’ dat gediagnosticeerd wordt?’ en ‘Hoe interageert een subject met een aan haar/hem toegekende psychiatrische diagnose?’ stelt zij de dominante objectivistisch-reductionistische manier van ‘kijken’ naar de gediagnosticeerde mens in vraag. De gediagnosticeerde mens is niet één maar velen en kan niet gevat worden in één diagnose. Om dit duidelijk te maken, maakt zij gebruik van de metafoor van het rizoom. Door het subject/zelf op te vatten als een rizomatisch verhaal, biedt zij een vernieuwende en alternatieve kijk om het gediagnosticeerde subject in al zijn facetten te beschouwen. JASMINA SERMIJN is klinisch psychologe en systeemtherapeute. Zij doctoreert aan de afdeling Psychologie en Educatiewetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Daarnaast is zij als systeemtherapeute ook verbonden aan Hestia, centrum voor psychotherapie. Zij is ook de auteur van Scènes uit een ontmoeting. De relatie tussen mens en psychiatrische diagnose (Acco, 2007).
Op 10 januari 2001 wordt Job Cohen ge´nstalleerd als burgemeester van Amsterdam. Op de marmeren trappen van het stadhuis zingen ambtenaren: 'Bij ons in het stadhuis zing je van hela hola Job-falderee.'Amper zit Cohen in het zadel of hij voelt de terreuraanslagen in Amerika natrillen in zijn stad. In de jaren die volgen moet hij een antwoord vinden op rellende Marokkaanse jeugd, wordt hij overvallen door de moord op Theo van Gogh en ziet hij de ene na de andere wethouder sneuvelen. Verguisd door rechts en geadoreerd door links wordt hij na negen jaar burgemeesterschap door zijn eigen PvdA naar voren geschoven als de volgende premier van Nederland.Wie is Job Cohen? Hoe gaat hij te werk? Hoe ging hij om met zijn wethouders en met politie en justitie? En heeft hij 'de boel bij elkaar gehouden', zoals hij bij zijn aantreden beloofde?Op basis van gesprekken met ruim honderdzestig politici, (top)ambtenaren, vrienden en andere direct betrokkenen reconstrueren de journalisten Hugo Logtenberg en Marcel Wiegman het burgemeesterschap van Job Cohen.Over de auteursHugo Logtenberg (1974) is freelancejournalist en schrijft onder meer voor Het Parool. Eerder werkte hij als politiek redacteur bij het weekblad Intermediair en NOVA.Marcel Wiegman (1964) is chef verslaggeverij bij Het Parool. Van 2001 tot 2007 was hij voor de krant stadhuisverslaggever in Amsterdam.
Ontdekkingen en uitvindingen zijn altijd boeiend. Zelfs zogenaamd "bekende" uitvindingen zijn dat wanneer ze duidelijk beschreven worden, want in vele gevallen weet de gemiddelde lezer als puntje bij paaltje komt er maar bitter weinig van. Maar wat dit boek zo bijzonder waardevol maakt, is dat het zoveel aandacht besteedt aan het vele dat momenteel nog in ontwikkeling is of binnen afzienbare tijd tot ontwikkeling zal komen. Het thema "energie en energiebronnen" (voor onze moderne wereld van vitaal belang) neemt in dit boek een ruime plaatst in. Besproken worden o.a. de energie in de praktijd van het leven, de kernenergie, andere krachtbronnen, het benutten van de zonneenergie; verder komen aan bod allerlei vervoermiddelen en motoren, speciaal de vele typen moderne motoren die in de luchtvaart gebruikt worden. Daarnaast krijgen interessante onderwerpen als automatisering, ontdekking van het heelal, ultrasonisch geluid, meteorologie en vele andere de aandacht die ze verdienen. Alle zijn ze met voorbeelden uit de praktijk toegelicht. Vele nieuwe ontdekkingen die de lezer in zijn krant alleen maar vermeld vindt, krijgen hier een duidelijke bespreking.Velen voelen hun gebrek aan kennis in dit opzicht als een gemis, maar vinden niet gemakkelijk goede informatie in één boek overzichtelijk bijeen. Daarom zal dit boek uitermate welkom zijn.
Journalist Robert Fisk verblijft al dertig jaar in het Midden-Oosten, waarvan de meeste tijd als oorlogscorrespondent voor de Britse krant The Independent. Hij was getuige van cruciale historische momenten, waaronder de inval van de Sovjet-Unie in Afghanistan, een gasaanval van Saddam Hoessein in de oorlog met Iran, de burgeroorlog in Libanon, de inval in Koeweit, de beide Golfoorlogen, het Israëlisch-Palestijnse conflict en de val van Bagdad. Fisk is bovendien een van de weinige journalisten die Saddam Hoessein, Osama Bin Laden, Khadafi, Arafat en Moebarak meerdere malen heeft gesproken. Meer dan eens is hij aan de dood ontsnapt.
Ze zien er zo simpel uit, die nieuwsberichten in de krant, op websites en op teletekst. Maar een goed nieuwsbericht schrijven is verre van eenvoudig. Wat is nieuws? Hoe kom je er aan en hoe schrijf je het kort, bondig en duidelijk op? Nieuwsberichten schrijven is een praktijkgericht boek waarin al deze vragen aan de orde komen. Verschillende soorten nieuwsberichten voor diverse media worden uitgebreid behandeld. De nadruk ligt op berichtgeving over 'hard nieuws', maar ook het 'zachte nieuws' en aankondigingen komen aan bod. Een apart hoofdstuk is gewijd aan het persbericht. Daarnaast besteden de auteurs aandacht aan zaken als embargo's en hoor en wederhoor.
Hoogbegaafd van nul tot achttienSlim zijn? Heerlijk. Makkelijk mee kunnen op school, in de winkel snel het wisselgeld kunnen berekenen? Hartstikke handig. Maar wat als je IQ stukken hoger is dan dat van je leeftijdsgenoten? Als je thuis de krant leest terwijl de klas ik-maan-roos-vis leert? Als je uitgemaakt wordt voor studiebol terwijl je eigenlijk niets uitvoert? Dan blijkt slim zijn lang niet altijd een pretje.In dit boek vertellen vader en moeder van de hoogbegaafde Ellen over haar leven van geboorte tot eind middelbareschooltijd. Over de voortdurende zorg om op school voldoende uitdaging te krijgen en verveling tegen te gaan. Over onbegrip en ergernissen. Maar ook over de leuke kanten van hoogbegaafd zijn. Ellen schrijft zelf over haar ervaringen in de klas, boeken lezen, de motivatie verliezen en over hoe ze haar eigen identiteit ontdekt. Ze sluit af met een hoofdstuk over het – in haar ogen – ideale schoolsysteem. Naast ervaringen krijgt de lezer ook informatie mee over hoogbegaafdheid. Dat een hoog IQ vaak samengaat met faalangst bijvoorbeeld, dat veel hoogbegaafden een groot rechtvaardigheidsgevoel hebben, dat ze goed gedijen in niet-klassikale schoolsystemen en dat (vooral) meisjes niet willen opvallen in de klas.De titel IQ te koop! komt van Ellen zelf. Ze verzuchtte eens: ‘Als ik twintig IQ-punten zou kunnen verkopen, graag!’ Want goed mee kunnen in de klas is fijn, maar goed mee kunnen mét de klas is nog fijner.
‘Met medewerking van alle specialisten en medewerkers vanMuziekkrant OOR werd een trein in gang gezet die in een dollemansvaartbinnen een tijdbestek van twee maanden al zijn stoommoest afblazen. Gekkenwerk over gekkenwerk: de wondere wereldvan de populaire muziek.’ In 1977 verrichtte de redactie van Muziek -krant OOR een historisch wonder: de Eerste Nederlandse Pop-encyclopedieverscheen en het boek zou – tweejaarlijks geactualiseerd – hetbest verkochte popboek aller tijden worden.Jarenlang was de eerste editie van deze klassieker een gewild collector’sitem en dat kwam niet voor niks: als je het boek openslaat,stap je in de wondere wereld van de popmuziek anno 1977. We sprekenhier over elpees – de komst van de cd en muziek downloadenzijn nog onvoorstelbaar. John Lennon leeft nog, de band van LedZeppelin is nog bij elkaar, Elton John is cool, Tom Waits krijgtmaar twintig regels (in de editie 2010 bijna een hele pagina) en bijhet maken van het boek wordt de redactie opgeschrikt door hetbericht dat Elvis Presley is overleden.Verschijningsdatum oktober 2009 | Uitvoering gebonden | Formaat 21 x 28 cmOmvang 320 blz. | Omslagontwerp Riesenkind | Prijs € 34,90 | NUR 669 | ISBN 978 90 488 0312 5Verschijningsdatum oktober 2009 | Uitvoering paperback | Formaat 21 x 28 cmOmvang 278 blz. | Omslagontwerp OOR | Prijs € 17,50 | NUR 666/669 | ISBN 978 90 488 313 2Muziekkrant OOR’s eerste Nederlandse Pop-encyclopedie van A tot Z – Duizend acts! Rijkgeïllustreerd! – verschijnt in een facsimile-uitgave tegelijk met de 2010-editie van dePop-encyclopedie. De prachtige teksten, aangevuld met schitterende fotografie makendit prachtige naslagwerk tot een must have voor de muziekliefhebber!
Dagelijks bereiken ons vele statistieken via de media. Allemaal staan ze bol van cijfers, feitjes, opinies en onderzoeksresultaten. Statistieken worden gebruikt door politici, beleidsmakers, reclamemakers, verkopers, collega's, vrieden en onszelf om een mening te vormen en beslissingen te nemen. Om een boodschap te onderbouwen of andermans boodschap te ontkrachten. We nemen aan dat cijfers niet liegen. Maar zijn die voorgeschotelde gegevens wel zo objectief en betrouwbaar? Welk gekonkel en gestuntel komen we allemaal tegen in media, politiek en reclame? En hoe zit het met ons eigen gestuntel? Dit boek geeft handvatten en tips waarmee iedereen zich een weg kan banen door het woud van statistieken. Via vele voorbeelden - soms hilarische, soms schokkende - laat Van tofu krijg je geheugenverlies zien waar de valkuiloen liggen. Een echte eye opener. Na het lezen van dit boekje blader je nooit meer op dezelfde manier door een krant.
Wie in Engeland wil wonen, werken, zakendoen of vakantie houden moet zich aan de gebruiksaanwijzing houden. Een eigenzinnig koninkrijk schetst een beeld van een land waar men links blijft rijden, alles afweegt in stones, geobsedeerd is door voetbal en cricket, The Beatles en Posh & Becks heeft gecre d en de euro niet wil.Hoe ga je met ze om, hoe begroet je ze, hoe krijg je een bankrekening, hoe doe je zaken, hoe leef je er, hoe reis je, hoe sport je, hoe proost je en hoe raak je verliefd in het Engeland van de eenen-twintigste eeuw? Drie termijnen van Margaret Thatcher en Tony Blair hebben het land herschapen, maar het volk niet veranderd.Met een voorwoord van Peter Brusse.‘Een eigenzinnig koninkrijk is vooral nuttig voor wie zich in Engeland wil vestigen, en voor de meer dan gemiddeld ge eresseerde vakantieganger. Maar ook de liefthebber van Britse films en sitcoms kan er zijn voordeel mee doen. De Waard schreef een gebruiksaanwijzing voor een volk dat er node een behoeft.’DE VOLKSKRANTPeter de Waard (1955) is sinds 1988 ver-slaggever van de Volkskrant en sinds 2000 correspondent voor deze krant in Groot-Brittanni Daarnaast is hij medewerker van Radio 1 en van de BBC-radio en -televisie.‘Weinigen weten vanuit een hollands perspectief zo’ n treffende en volledige typering van de Engelsen neer te zetten als schrijver/journalist Peter de Waard.’ GPD
Zeg '1969' en de gemiddelde toehoorder schetst een beeld van langharige hippies in een park die, stoned en halfnaakt, euforisch dansen op psychedelische muziek. Zeg '1962' en er komt een beeld op van keurige huiskamers, waar vader de krant leest en moeder in een schortje met zelfgebakken koekjes rondloopt. Hoe kunnen zulke uiteenlopende tijdsbeelden hun plek hebben in een en hetzelfde decennium?Seizoenen van de tijdgeest beschrijft de golfbewegingen in de tijd en stelt dat ontwikkelingen binnen de cultuur in grote lijnen te voorspellen zijn.Hazes, Madonna, Tarantino, Fortuyn of TiÙsto, de iconen van de cultuur geven als geen ander invulling aan de seizoenen van de tijdgeest. Ze passeren allen de revue in dit boek, dat een rode draad weeft door de Nederlandse cultuur tussen 1960 en het heden, en die doortrekt richting de toekomst. Langs voorbeelden uit de afgelopen decennia uit kunst, film, muziek en de maatschappelijke en politieke actualiteit van Nederland. Want wie even terugkijkt, kan daarna goed vooruitzien. Een combinatie van nostalgisch plezier en van toekomstverwachting. Een feest der herkenning dankzij de kleurrijke beschrijvingen, de sterke duidingen en de prachtige illustraties. Seizoenen van de tijdgeest geeft niet alleen het individuele verleden een plaats in de geschiedenis, maar plaatst ook de maatschappelijke actualiteit binnen een kader en schetst lijnen voor de toekomst.En biedt de revolutionairen hoop
De necrologie mag zich in een levendige belangstelling verheugen. De doden dienen journalisten, schrijvers en biografen onverminderd tot inspiratiebron. Het leven van een doodsbericht laat zien hoe hecht necrologie en biografie met elkaar verweven zijn. Moet in een necrologie een oordeel worden geveld over het leven van een overledene? Hoe betrouwbaar zijn doodsberichten in de krant, die heet van de naald zijn geschreven? Waarom haakte de biograaf van Joop den Uyl af? En hoe lang blijven fouten en oneffenheden in necrologieen de dode achtervolgen? Waarom is in de Britse pers de 'obituary' zo populair?Het zijn prikkelende vragen waarop in Het leven van een doodsbericht een antwoord wordt gezocht door journalisten en wetenschappers als Peter Brusse, H.J.A. Hofland, Henk te Velde, Sophie Levie en Doeko Bosscher.
Wie naar het ziekenhuis moet, betreedt een heel andere wereld: een maatschappij in een maatschappij, met haar eigen wetten en regels. Een bezoek aan het ziekenhuis is als een reis naar een vreemd land, die nogal tegenvalt ook: het eten is er anders, je kent de mensen niet en ze spreken je taal niet, bellen naar huis is nogal duur, je moet op je spullen letten, je moet televisiekijken of een krant kopen om iets van het thuisfront mee te krijgen, je hotel is niet zoals in de folders en er zijn weinig leuke dingen te doen.Of je nu naar het ziekenhuis moet voor een poliklinische afspraak of voor een langer verblijf, deze survivalgids biedt volop informatie over de wereld waar de witte jassen het voor het zeggen hebben. Serieuze informatie over o.a. onderzoeken, opname, second opinions maar ook herkenbare en vaak hilarische stukjes over ziekenhuisbureaucratie, de beste wachtkamerstrategieën, onnavolgbare artsenhumor en de onbegrijpelijke logica van de bewegwijzering. De gang naar het ziekenhuis blijft een noodzakelijk kwaad, maar met deze gids verveel je je in elk geval niet tijdens je reis.Yvonne Prins is sociaal psycholoog en coach, en was in 2006/2007 webcolumnist voor Opzij.
De Iraanse revolutie van 1979 vormt zonder twijfel een van de belangrijkste omwentelingen van de twintigste eeuw. Deze politieke en sociale omslag hield niet alleen de internationale gemeenschap bezig, maar kon ook op de interesse van vele intellectuelen rekenen. Zo reisde de Franse filosoof Michel Foucault tot tweemaal toe naar Iran om met eigen ogen de opstand van het Iraanse volk waar te nemen. Over zijn Iraanse ervaringen publiceerde Foucault een tiental bijdragen voor de Italiaanse krant Corriere della Sera. Geïnspireerd door deze artikelen van Foucault reisden Peter Van Goethem en Pieter Verstraete vijf weken lang door Iran. Ze onderzochten op welke manier hedendaagse Iraanse kunstenaars met de door het Islamitische regime opgelegde censuurmaatregelen omgaan. Is verzet nog mogelijk in een politiek repressief klimaat dat het culturele landschap dicteert en definieert, of geeft de strenge censuur net aanleiding tot nieuwe vormen van creativiteit? Op basis van hun eigen ervaringen en tientallen interviews met Iraanse kunstenaars onderzoeken de auteurs in vier indringende essays het spel van censuur en verzet in de Iraanse republiek.PIETER VERSTRAETE is doctor in de Pedagogische Wetenschappen en werkt als postdoctoraal medewerker (FWO-Vlaanderen) aan het Centrum voor Historische Pedagogiek van de K.U.Leuven. Hij is tevens mede- oprichter van het productiehuis Fresh Water Films.PETER VAN GOETHEM is werkzaam als producent en regisseur bij het productiehuis Fresh Water Films en als filmredacteur en -auteur verbonden aan het cultuurtijdschrift rekto:verso.
Hoe deel je een overlijden mee op een kaart of een krant? Naast de feitelijke gegevens zoek je naar woorden die iets zeggen over de overledene. De taal van de poëzie is dan bij uitstek geschikt.Een veel geciteerd dichter in dit verband is Hans Bouma. In deze bundel staan 100 gedichten die hij zelf in dit opzicht relevant acht. De eerste afdeling, Licht dat mij koos, bevat meer algemene gedichten. De tweede afdeling, Voor eeuwig uw mens, bevat religieuze poëzie.Aansprekende gedichten voor een rouwkaart of advertentie.
Opperwezens wereldwijd hebben diepe sporen nagelaten: vooral bloedsporen en sporen van verbrande mensenbeenderen. Met God en zijn demonen schreef de Amerikaanse schrijver Parenti een vlammend J’accuse.God, Allah, de dalai lama, Moeder Teresa en allerhande sekteleiders: ze krijgen er allemaal van langs. 'God en zijn demonen is even baanbrekend als eerder werk van de auteur over geschiedenis, media en democratie', schreef een Amerikaanse krant. En Parenti zou Parenti niet zijn mocht hij geen aandacht besteden aan de politieke en economische verstandhouding tussen de hoogste religieuze en politieke kringen.'God en zijn demonen laat geen spaander heel van de religieuze theorie en praktijk. Geestig, humoristisch en scherp: Parenti op z'n best.' – Jacques R. Pauwels, historicus en auteur van onder andere De mythe van de 'goede oorlog' en Big business met nazi-Duitsland
De schappen in de boekhandels liggen vol: nooit eerder werden er zoveel tijdschriften gemaakt. Terwijl een blad als LINDA. een instantsucces wordt, zijn tijdschriften als Drift, Femme en Green voorspelbare zelfmoordacties. Hoe komt dat? Waarom kiest de consument nu juist voor dat Úne blad?In Pas op, u wordt verleid! schetst Rob van Vuure hoe tijdschriften de lezer verleiden. Hij laat zien wat een goede cover is, waaruit een succesvol zomernummer bestaat en hoe het inhuren van een gasthoofdredacteur de verkoop van een blad drastisch kan verhogen.Pas op, u wordt verleid! is een aanstekelijk boek boordevol ideeÙn, wetten, ervaringen, trends en tips, van de succesvolste bladenmaker van Nederland. Over kleurgebruik en vrouwen, over seks en Bekende Nederlanders, over twitteren en Zomergasten. Voor iedereen die wil verleiden: op internet, op televisie, via de krant of met reclame.
Geert, Mo, Sontje en Santino zijn rotjongens. Ze zitten alle vier veilig opgeborgen achter de hoge muren van een jeugdgevangenis. Als je over ze leest in de krant denk je: fijn, die zijn we weer voor even kwijt. Achter die hoge muren,waar ze soms voor jaren zitten, lijken ze overgeleverd te zijn aan justitie, aan therapeuten en aan groepsleiders die er het beste van proberen te maken, maar in de praktijk zijn ze vooral overgeleverd aan zichzelf en aan elkaar. Er wordt veel over ontspoorde kinderen geschreven en gesproken, maar nooit hoor je hun eigen stem. Nooit hoor je wat zijzelf nu eigenlijk te zeggen hebben. Bibi Dumon Tak ging daarom aan het werk en zocht de jongens zelf op. Ze vertellen hun eigen verhaal met hun eigen woorden. Zo krijgen de weggeborgen kinderen een gezicht. En de hulpverleners staan voor één keer niet op de voorgrond. De gesprekken vinden plaats binnen de muren van verschillende inrichtingen, maar ook daarbuiten,want op een dag mogen de rotjongens weer naar huis. Kinderen die zijn ontspoord hebben niet van tevoren gedacht: ik ga mezelf eens lekker van de rails af rijden. Nee, het is ze overkomen, ook al waren ze er zelf bij. Het kon gebeuren omdat er thuis geen rugdekking was. Geen veilig station om van te vertrekken, of om aan te komen.
Naast zijn (cultuur)historische werken en biografieën heeft taalwetenschapper en sanskritist Johan Huizinga (1872-1945) zich vooral tegen het einde van zijn leven gewijd aan algemeen-culturele beschouwingen. Als een van de hoogtepunten geldt de uit 1938 daterende studie 'Homo Ludens'. Daarin gaat het Huizinga niet om de betekenis van het spel als cultuurverschijnsel, maar om het 'ludieke' als wezenlijk kenmerk van de menselijke beschaving. Dit gegeven werkt hij uit in beschouwingen over bijvoorbeeld taal, rechtspraak, oorlogvoering, filosofie, kunst en sport. Huizinga toont op briljante en onnavolgbare wijze dat de homo sapiens in wezen altijd een homo ludens is geweest. Speciaal voor deze nieuwe editie heeft fotograaf Vincent Mentzel uit zijn omvangrijke oeuvre een selectie gemaakt van beelden die de 'spelende mens' in al zijn facetten toont.Huizinga geldt als de belangrijkste Nederlandse historicus van de twintigste eeuw, vooral dankzij zijn studies 'Herfsttij der Middeleeuwen' (1919) en 'Homo Ludens'. Met zijn boek 'In de schaduwen van morgen' (1935) betoonde hij zich bovendien een invloedrijk cultuurcriticus van zijn eigen tijd. Dat Huizinga in de jaren dertig als een zeer serieuze kandidaat voor de literaire Nobelprijs gold, toont aan hoezeer hij excelleerde in de compositie en zeggingskracht van zijn interpretaties en opvattingen.Mentzel werkt sinds het begin van de jaren zeventig als staffotograaf voor NRC Handelsblad en heeft zich sindsdien ontwikkeld tot een van de bekendste Nederlandse fotojournalisten. Als staffotograaf bepaalde hij lange tijd het gezicht van de krant. Mentzel kreeg na een afgebroken studie aan de Rotterdamse kunstacademie zijn opleiding in de praktijk: van 1967 tot 1969 was hij assistent van de Amsterdamse theaterfotografe Maria Austria.
Gerrit Jan van Heuven Goedhart begon na zijn studie rechten een journalistieke carriÞre als hoofdredacteur van de vooroorlogse Telegraaf. Hij werd ontslagen en leidde daarop in de jaren dertig de belangrijkste actiebewegingen tegen de NSB en streed zowel in zijn krant het Utrechtsch Nieuwsblad als persoonlijk tegen de mishandeling van joodse burgers die nazi-Duitsland wilden ontvluchten. In de Duitse bezetting voerde hij een van de meest vooraanstaande verzetsgroepen aan en leidde de redactie van het illegale Parool. In opdracht van het verzet vertrok hij als boodschapper naar Londen. Daar werd hij op voorspraak van koningin Wilhelmina minister van Justitie in het oorlogskabinet. Hij moest opstappen omdat hij zich compromisloos tegen een Bijltjesdag in bevrijd Zuid-Nederland keerde.Na de bevrijding vroeg Het Parool hem om weer hoofdredacteur te worden en maakte hij die krant tot het meest toonaangevende naoorlogse dagblad. In 1951 vertrok hij naar de Verenigde Naties om te dienen als de eerste Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen. Gerrit Jan van Heuven Goedhart voerde vijf jaar strijd voor miljoenen ontheemden over de hele wereld, letterlijk tot hij er dood bij neerviel - 55 jaar jong. Te snel werd deze onverzettelijke persoonlijkheid daarna vergeten. Zijn biograaf Jeroen Corduwener brengt hem weer tot leven.
Het zijn barre tijden voor de kwaliteitsjournalistiek. (Dag)bladen zien hun lezersaantallen slinken en verliezen de strijd om het laatste nieuws; actualiteitenprogramma's op televisie worden weggesaneerd. Tot overmaat van ramp zijn de lezers en kijkers steeds ouder; wie neemt er nog een abonnement op de krant, als alles op internet staat? Of zijn het juist gouden tijden voor de kwaliteitsjournalistiek? Thomas van Aalten kiest voor de laatste optie. Hij laat in dit handboek zien waar de kansen liggen: in de crossmediale journalistiek. Daarvoor kunnen diverse kanalen (van 'tablets' tot iPhones en blogs) worden ingezet voor tekst, audio, video en foto, mits de eigenzinnigheid en kwaliteitseis van de journalist altijd de boventoon voeren. En dat is - op uitzonderingen na - nog niet het geval. Crossmediale journalistiek vereist een andere attitude.Van Aalten toont een vernieuwde hiërarchie en organisatie van de journalistiek, legt uit waarom goede journalistieke producten nooit 'af' zijn, behandelt andere verdienmodellen dan betalen-per-woord of subsidie. Hij laat zien dat crossmediale journalistiek meer verdieping geeft dan de paar papieren katernen of uniform gemonteerde reportages.
'Er heeft ten tijde van de zwaarste ogenblikken van het beleg van Sarajewo een foto in de krant gestaan waar ik heel lang naar heb gekeken. Een cellist zit te spelen op het kerkhof van Sarajevo. Hij draagt het zwarte kostuum, het witte overhemd en het strikje van de concertmusicus. Zijn positie deed me onmiddellijk denken aan die van een solist op het podium, met achter zijn rug de orkestleden, zerken in dit geval. Terwijl ik naar de foto keek, dacht ik niet: houden de sluipschutters nu soms op?Je kunt, door je handen. de oorlog geweld aandoen. Door je handen die spelen en door je handen die schrijven, daar, in die geïsoleerde kamer in je huis waar je je weleens heel dubbelhartig voelt en waar de term ivoren toren kan bovenkomen. Waar is je betrokkenheid?Dan is er die foto en die gaat domweg over integriteit. En over het feit dat de mens een verschrikkelijk schepsel mag zijn, maar wel zijn beste ogenblikken kent, ogenblikken die soms na een massa arbeid en geduld doorgetrokken kunnen worden in een kunst. een vak, een ambacht.'Margriet de Moor schrjft in Als een hond zijn blinde baas over schoonheid en passie aan de schrijftafel. Opgeleid als zangeres en pianiste, muzikaal denkend in beweging en toon, laat zij haar aanstekelijke plezier zien in de literaire dubbelwereld die de gewone wereld zo vriendelijk en hardnekkig vergezelt. Openhartig geeft ze inzicht in de manier waarop haar romans tot standDe pers over Margriet de Moor:'Margriet de Moor schetst de filosofische gisting uit die tijd op een lichte maar effectieve manier, met precies de juiste hoeveelheid politieke en historische details.' - JULIE GRAY, NEW YORK TIMES'Hier slaagt een verteller erin het onzegbare op een mild melancholieke wijze in taal over te brengen. Met een verbluffende trefzekerheid vertelt ze een gepassioneerde, liefdevolle, bezielde parabel over de eeuwige dood van de liefde.' - DIE ZEIT
Alice van der Pas legt in dit boek niet uit waarom het gaat bij ouderbegeleiding. In 45 prikkelende, korte hoofdstukken neemt ze de lezer gewoon mee in haar denken over soms onverwachte topics:- de broers en zusjes van de aangemelde kinderen - hoe maken die het?- maakt het iets uit in dit vak of je zelf kinderen hebt?- en sommige kinderen moet je hebben gezien om hun ouders te geloven.Gevestigde noties over ouders, opvoeding en hulpverlening worden bevraagd, maar vooral bevraagt Van der Pas zichzelf. Uitvoerige gevalsbeschrijvingen laten zien hoe zij werkt, denkt - en twijfelt. Soms gaat ze uit angst of ergernis de mist in; soms brengt ze met feilloze precisie een vicieus gezinsproces tot staan. Weg aanmeldingsklacht.Met vragen, voorbeelden en heldere theoretische betogen onderbouwt Van der Pas haar radicale keuze voor het perspectief van de ouder - en maakt zij begrijpelijk dat vicieuze processen aan de haal gaan met de aardigste ouders en de liefste kinderen.Op kleine schaal gebeurt dat in elk gezin.Over de grote schaal lezen we in de krant.Daartussen spelen zich de 'opvoedproblemen' af waarover dit boek gaat.Betwijfelt u of ouderbegeleiders kindvriendelijk kunnen denken, en of kinderdeskundigen oudervriendelijk mogen denken?Na lezing van dit boek bent u eruit. Beider perspectieven zijn onmisbaar - allebei - voor veilige hulpverlening aan kinderen en ouders.
Eeuwenlang was IJsland straatarm. Om het 'rijkste land ter wereld' te worden gingen de bewoners rond 2000 een financieel avontuur aan dat in 2008 uitliep op een ongekend fiasco: drie grote banken gingen ten onder. Het casino-kapitalisme van frauduleuze bankiers en ondernemers stortte 'het land van vuur en ijs' in een financiÙle en politieke afgrond. Icesave, het omstreden spaarsysteem van Landsbanki, is het bekendste onderdeel van de bankencrisis die een van de omvangrijkste is in de moderne geschiedenis.Ook het andere IJsland komt uitgebreid aan bod in IJsland ontploft: de eeuwenoude saga's, popster Bj÷rk, en de unieke ongerepte natuur. Met vulkanen zoals de Eyjafjallaj÷kull, die in het voorjaar 2010 miljoenen tonnen as over Europa spuwde en het luchtvaartverkeer lamlegde.Over de auteurJan Gerritsen was ruim 20 jaar redacteur bij NRC Handelsblad. Voor de krant was hij correspondent in Frankrijk en voor de Gemeenschappelijke Persdienst (GPD) werkte hij in Brussel. Sinds 2002 woont hij in IJsland.
'Man bijt hond' is een bekende uitdrukking sinds de Vlaamse BRT en NCRV het gelijknamige televisieprogramma uitzenden. Voluit luidt de uitdrukking 'Als een hond een man bijt, is dat geen nieuws; maar als een man een hond bijt, is dat nieuws.' Redacteuren van de New Yorkse krant The Sun bedachten die definitie al in 1882 en nog steeds is de hond hot in de media: als held, slachtoffer en dader.Dick van der Lugt knipt al jaren 'hond bijt man'-berichten uit kranten. Uit zijn verzameling van meer dan vierhonderd artikelen selecteerde hij de meest opvallende, ontroerende, maar ook afschuwelijke berichten. De wereld mag dan geteisterd worden door natuurrampen, oorlogen en andere ellende; onze huisvriend neemt tussen al dit belangrijke nieuws in de media een prominente plaats in. De opgenomen berichten spreken boekdelen: geniet of gruw ervan.Dick van der Lugt (Rotterdam, 1947) is journalist en docent journalistiek aan de School voor Journalistiek te Utrecht, onderdeel van de Hogeschool Utrecht.
Een chocoladefabriek wil bij een kwaliteitscontrole weten of het gewicht van hun repen inderdaad 100 gram is. Hoe kan men dit controleren? Als een bedrijf beweert dat de kosten tussen de € 100.000 en € 120.000 per maand liggen, hoe betrouwbaar is deze mededeling dan? En hoe vaak staat er niet in een krant dat een bepaald onderzoeksresultaat significant is? Wat is precies ‘significant’?In het boek Statistische toetsen in economische toepassingen behandelt de auteur basisbegrippen uit de statistische toetsingstheorie. De lezer leert statistische conclusies te trekken en te interpreteren, zoals die voorkomen in krantenartikelen, op internet en in vaktijdschriften. In de eerste drie hoofdstukken komen betrouwbaarheidsintervallen en statistische toetsen aan de orde. De vier daaropvolgende hoofdstukken zijn gewijd aan specifieke toetsen en/of toepassingen uit de economie: bedrijfseconomie, accountancy, logistiek en commerciële economie. Tevens besteedt de auteur ook ruim aandacht aan het gebruik van de grafische rekenmachine. Daarnaast toont hij hoe Excel behulpzaam kan zijn bij allerlei statistische berekeningen. Aan de hand van opgaven aan het eind van elk hoofdstuk kan de student de theorie toepassen in de praktijk. Statistische toetsen in economische toepassingen is geschikt voor hbo-opleidingen bedrijfseconomie, accountancy en logistiek. Ook in andere commercieel-economische opleidingen kan men met dit boek aan de slag. Bij dit boek hoort een ondersteunende website. Hierop staan de antwoorden en uitwerkingen van alle opgaven.De onderwerpen van dit boek sluiten aan bij die van het eveneens bij Coutinho verschenen Basisboek kwantitatieve methoden – Statistiek met Exceltoepassingen van Donald van As & Jaap Klouwen.Jaap Klouwen is verbonden aan de HvA-HES te Amsterdam. Hij houdt zich onder andere bezig met het geven van onderwijs in kwantitatieve toepassingen binnen de economie.
K’ranti! De Surinaamse pers, 1774-2007, wordt uitgegeven door KIT Publishers en het Persmuseum. Het initiatief voor een boek over de Surinaamse pers vanaf de allereerste krant in 1774 kwam van oud-journalist Archie Sumter (1936-2006), die overleed voordat hij dit kon afmaken. Tien Surinaamse en Nederlandse auteurs namen de fakkel over en leveren een bijdrage aan deze bijzondere uitgave. Het resultaat is een toegankelijk geschreven boek over de geschiedenis van de Surinaamse media vanaf de achttiende eeuw. Inhoud- 'Eerstelingen van Surinaamsche couranten'. De vroege Surinaamse pers, 1774-1816(Angelie Sens)- De publicatie K'ranti! De Surinaamse pers, 1774-2007 verschijnt begin 2008.'In een land van domheid en slavernij, passen geene denkbeelden van verlichting en vrijheid te worden ontwikkeld.' De Surinaamse pers, 1816-1863 (Francien Petiet)- Kranten tijdens de nieuwe verhouding met Nederland, 1863-1937 (Lila Gobardhan-Rambocus)- Pers, politiek en samenleving in Suriname. Van nieuwe staatsregeling tot Koninkrijksstatuut, 1937-1954 (Jerome Egger)- De Krant – Van propaganda-instrument tot informatiebron, 1954-1975 (Hans Breeveld)- De pers en de onafhankelijkheid, 1975-1980 (Henry Cameron)- De pers tijdens de militaire dictatuur, 1980-1987 (Nita Ramcharan)- Een nieuw spoor. Ontwikkelingen in de jaren tachtig (Chandra van Binnendijk)- De pers wederom op zonnige wegen, 1987-2007 (Deryck Ferrier)- Epiloog (Marc de Koninck)
Wie in Engeland wil wonen, werken, zakendoen of vakantie houden, moet zich aan de gebruiksaanwijzing houden. Een eigenzinnig koninkrijk schetst een beeld van een land waar men links blijft rijden, alles afweegt in stones, geobsedeerd is door voetbal en cricket, en de euro niet wil. Drie termijnen van Thatcher en Labour hebben het land herschapen, maar het volk niet veranderd.Maar is Engeland wel zo traditioneel als we denken? Of gaan de Britten langzaam mee met invloeden van het ‘vasteland’? Zo wordt er bijvoorbeeld in Engeland meer en meer gekust. Vroeger was een kus not done _ hoogstens een handkus. Nu kan in hip Londen probleemloos twee keer op de wang worden gekust. Maar één ding niet vergeten: Engelsen kussen eerst op de linkerwang.In deze nieuwe editie van Een eigenzinnig koninkrijk laat Peter de Waard de lezer delen in zijn pogingen om de Engelsen en hun gedrag te doorgronden tijdens zijn jarenlange verblijf op dit soms tegendraadse eiland.Peter de Waard (1955) is sinds 1988 verslaggever van de Volkskrant en was jarenlang correspondent voor deze krant in Groot-Brittannië. Daarnaast is hij medewerker van Radio 1 en van de bbc-radio en -televisie.‘Weinigen weten vanuit een Hollands perspectief zo’n treffende en volledige typering van de Engelsen neer te zetten als schrijver/journalist Peter de Waard.’gpd‘Verplichte kost voor alle Engelandvaarders.’peter brusse‘De Waard schreef een gebruiksaanwijzing voor een volk dat er node een behoeft.’de volkskrant
Nieuws was het product, het exclusieve domein van de nieuwsfabriek. De krant en de tv vertelden lezer en kijker wat 'het nieuws van vandaag' was. Nieuws was een product, de nieuwsconsument was klant. Het grootste compliment dat je een journalist kon geven, was het etiket 'nieuwsmaker'.Die tijd is voorbij. Nieuws is niet langer een product, maar een proces. Dat proces vindt steeds vaker plaats zonder tussenkomst van journalisten.Het (Nieuwe) Media Handboek is een volledig herziene en op de maat van de moderne kennismaatschappij toegesneden editie van het befaamde Media Handboek. Adviezen voor de perfecte persconferentie en tien verzekeringen voor het overleven van een interview worden afgewisseld door hoofdstukken over de impact van sociale media, do's en don'ts online, en de relatie tussen oude en nieuwe media en hoe die te gebruiken voor uw eigen communicatie. Het is een onmisbaar boek voor iedereen die zich vandaag de dag staande wil houden voor een microfoon of webcam.Charles Huijskens (1953) was onder meer politiek journalist voor De Telegraaf en het nos Journaal. Hij geeft als gastdocent les op verschillende universiteiten en hogescholen en regelmatig verschijnen columns of artikelen van zijn hand.Over Het Media Handboek:'Als u in de problemen zit, bel Huijskens.' vrij nederland'Vlot van toon, helder van opbouw en door de amusante praktijkvoorbeelden een feest om te lezen.' avanta'Het handboek behandelt alle belangrijke vragen.' pzc
Van de Eerste Wereldoorlog zijn de begraafplaatsen en loopgraven in Noord-Frankrijk en België de trieste en vaak naamloze getuigen. In het imposante en meeslepende Verzet en eendracht brengt Adam Hochschild de persoonlijke verhalen van deze gruwelijke oorlog opnieuw tot leven. De auteur voert namelijk behalve generaals en helden ook het lang genegeerde drama van de minder bekende critici van deze oorlog op. Hij vertelt de aangrijpende verhalen van een Britse onderzoeksjournalist, een toekomstige winnaar van de Nobelprijs voor de literatuur, en een redacteur die een krant op wc-papier uitgaf voor zijn medegevangenen, die allen vanwege hun verzet achter de tralies zaten. Deze mensen stonden vaak opvallend dicht bij hun oorlogszuchtige tegenstanders, zoals een prominente vrouwelijke pacifiste en activiste met een broer die commandant was aan het westelijk front; of twee zussen die het zo oneens waren over de oorlog dat ze ieder een eigen krant publiceerden waarin ze elkaar aanvielen. Door de persoonlijke beschrijvingen van de levens van deze historische personen leest Verzet en eendracht als een roman. Het geeft nieuwe inzichten in de gebeurtenissen aan het begin van de vorige eeuw toen een oorlog uitbrak die aan alle oorlogen een einde had moeten maken.
'Overal heengaan en dan rondkijken', zo omschrijft Aaf Brandt Corstius haar werk als columniste. Ze observeert te hippe vaders met jonge zoontjes in een restaurant, is gefascineerd door de Supersmoker en vraagt zich af waarom vrouwen Sarah Jessica Parker mooier vinden dan mannen. Deze Amsterdamse dertiger heeft overal een mening over. Zo maakt ze genadeloos korte metten met ordinaire Uri Geller-navolgers, conservatief Nederland en de Stout-beweging van Heleen van Royen. Als Aaf niet toegeeft aan bankhangen in haar grote-mensenhuis of haar CoffeeCompany-verslaving, bezoekt ze voor haar columns openingen, evenementen, herdenkingen en lanceringen in het hele land, waarbij vaak Bekende Nederlanders aanwezig zijn ('als je de B-categorie gaat herkennen, moet je op vakantie'). Met een fijne dosis zelfspot fileert Aaf Brandt Corstius in Dan ook maar meteen een jurk aan de Nederlandse samenleving en haar eigen leven. Een bundel voor de duizenden nrc.next-lezers die dagelijks pagina 2 van hun krant openslaan om als eerste haar column te lezen. Voor degenen die deze eigentijdse, frivole columniste nog niet kennen, is dit boek een vermakelijke eerste kennismaking.
De sollicitatiewaaierDe manier waarop mensen werk vinden, is de laatste jaren sterk veranderd. Ging je vroeger in de krant op zoek naar een advertentie geplaatst door potentiële werkgevers, nu is internet hét medium bij uitstek om een baan te vinden. Bijna elk bedrijf heeft tegenwoordig een website waar je informatie vindt over alle mogelijke vacatures. En er zijn talloze carrièresites die je op het juiste spoor kunnen zetten. Een passende vacature vinden is dus makkelijker geworden. Maar die baan krijgen blijft nog steeds afhankelijk van het sollicitatiegesprek: de indruk die je maakt, je voorbereiding, de antwoorden die je geeft en zeker ook vragen die je stelt. De sollicitatiewaaier is daarbij een prima hulpmiddel. De waaier staat boordevol tips en stelt je in staat om goed voorbereid een sollicitatiegesprek te voeren dat indruk maakt. Pieter en Ineke Tanis - waaier met 40 kaarten, enkelzijdig bedrukt - Gebaseerd op het succesvolle boek ‘Solliciteren nu’- Handige checklists in zakformaat- Onmisbaar voor iedereen die op zoek is naar een andere baan
Van Karel van het Reve zijn vooral portretfoto’s bekend. Zittend achter zijn bureau, ernstig kijkend in de camera, poserend voor krant of tijdschrift. Maar van het kind, de broer, de zoon, de pionier, de echtgenoot, de vader, de correspondent, de kameraad, de kampeerder Van het Reve, daarvan zijn nauwelijks beelden gepubliceerd.Uit familiealbums, openbare en particuliere collecties kwamen verrassende foto’s tevoorschijn. Foto’s die veel meer kanten en periodes van de schrijver documenteren: de vroege jeugd in Betondorp, het meedoen met Circus Elleboog, de fietstocht naar Parijs met zijn eerste vriendinnetje, de reizen naar Rusland, zijn vriendschappen en televisieoptredens.De lezer van het werk van Karel van het Reve zal veel scènes herkennen. Menige foto wordt toegelicht door middel van citaten uit het Verzameld werk.
Journalist Robert Fisk verblijft al dertig jaar in het Midden-Oosten, waarvan de meeste tijd als oorlogscorrespondent voor de Britse krant The Independent. Hij was getuige van cruciale historische momenten, waaronder de inval van de Sovjet-Unie in Afghanistan, een gasaanval van Saddam Hoessein in de oorlog met Iran, de burgeroorlog in Libanon, de inval in Koeweit, de beide Golfoorlogen, het Israëlisch-Palestijnse conflict en de val van Bagdad. Fisk is bovendien een van de weinige journalisten die Saddam Hoessein, Osama Bin Laden, Khadafi, Arafat en Moebarak meerdere malen heeft gesproken. Meer dan eens is hij aan de dood ontsnapt.
Hard Rain verbeeldt de mondiale problemen die regeringen zouden moeten aanpakken: grondstofverspilling door een happy few, massale armoede van veel anderen, bevolkingsgroei, vervuiling, natuurvernietiging, en tenslotte de klimaatverandering. Helaas bekijken ze hen meestal afzonderlijk en niet in samenhang. Alle premiers en presidenten van de hele wereld hebben een exemplaar van Hard Rain toegestuurd gekregen, met een aansporende brief om al die problemen pragmatisch en in samenhang te benaderen. Lees Hard Rain en meng je in het debat, schrijf de premier, schrijf naar topzakenlieden, schrijf naar de krant. Laat je niet van de wijs brengen door de media, die meestal het liefst leuke verhaaltjes noteren en amusante programmaatjes maken. Zonder een echte massale en langdurige opstand van de publieke opinie gaan de absoluut vereiste grondige veranderingen gewoon niet plaatsvinden. Het heruitvinden van de moderne wereld, zodat we duurzaam in harmonie omgaan met ons leefmilieu: dat is het doel. Laten we eraan gaan staan! De Hard Rain tentoonstelling is inmiddels op elk continent te zien geweest. Zo’n twaalf miljoen mensen hebben de tentoonstelling bezocht. Daarmee is het een van de meest succesvolle fototentoonstellingen ooit. Naast talrijke positieve reacties van de bezoekers heeft Hard Rain ook veel losgemaakt bij een aantal politieke leiders en milieuorganisaties. “Raakt recht in het hart. Ontroerend en aangrijpend. Briljante combinatie van de oertekst van Dylan en de ene na de andere onwaarschijnlijke foto, die stuk voor stuk de toeschouwer toeschreeuwen: Doe iets!”Pieter Winsemius
Uit de krant weten we dat het nogal eens mis gaat met de hulp aan kinderen en jeugdigen in Nederland. Het betreft situaties waarbij sprake is van ernstige opvoedings- of ontwikkelingsproblemen, die niet tijdig zijn onderkend, en waarbij de betrokken hulpverleners langs elkaar heen blijken te werken. Vaak met negatieve consequenties voor de betrokken jeugdigen en hun ouders, soms met zeer ernstige gevolgen. In dit boek wordt beschreven hoe het beter kan. Het boek legt in eenvoudige termen uit wat de aard en inhoud is van de belangrijkste opvoedings- en ontwikkelingsproblemen bij kinderen en jeugdigen (en hun ouders). En wat daaraan te doen valt. Voor elk soort probleem wordt een samenhangend programma beschreven, waarbinnen alle betrokken hulpverleners samenwerken. In totaal gaat het om een kleine twintig programma’s, bijvoorbeeld voor: gezinnen in crisis kinderen waarvan de ouders gaan scheiden sociaal onhandige kinderen drukke kinderen/kinderen met ADHD depressieve kinderen en jeugdigen kinderen en jeugdigen met ernstige eetproblemen randgroepjongeren met (dreigend) delinquent gedrag Dit boek kan ouders en hun kinderen helpen als ze hulp zoeken bij opvoedings- of ontwikkelingsproblemen. Het is in eerste instantie geschreven als gids voor gebruikers. Huisartsen en andere hulpverleners in de eerstelijn kunnen de teksten van de verschillende programma’s gebruiken om hun cliënten te informeren over de hulp die mogelijk is bij hun probleem. Het boek kan ook gebruikt worden door hulpverleners in de jeugdhulpverlening en de jeugd-ggz als een checklist voor wat er bij concrete opvoedings- en ontwikkelingsproblemen aan samenhangende hulp beschikbaar moet zijn. Opleidingen voor hulpverleners in de jeugdzorg kunnen veel aan het boek hebben omdat het een goed overzicht geeft van hoe de jeugdzorg (bureau jeugdzorg, jeugdhulpverlening, jeugd-ggz) in elkaar zit, wat de meest voorkomende opvoedings- en ontwikkelingsproblemen zijn en wat voor hu
Papier hoort bij het dagelijks leven. We gebruiken het overal: thuis, op reis of op het werk. Denk aan toiletpapier, treinkaartjes, printpapier en de krant. Veel van dit materiaal belandt in de recycling. Maar er is ook oud papier dat zorgvuldig wordt bewaard en gerestaureerd.Oud papier! gaat over papier dat historisch van belang is en deel uitmaakt van een museale verzameling. Als praktijkvoorbeeld dient de Atlas Van Stolk, een collectie van prenten en tekeningen over de Nederlandse geschiedenis. In deze verzameling bevinden zich allerlei voorbeelden van papiergebruik, zoals een krant of affiche, maar ook ongewone objecten zoals een uitvouwbare kijkdoos, een feestmanchet en koninklijke aankleedpoppen.In deze publicatie wordt tevens beschreven wat een prent op papier zoal kan overkomen. Het scala aan schades varieert van een eenvoudige scheur tot een dramatische schimmeloverwoekering. Er wordt uitgelegd wat eraan te doen is en er worden tips gegeven om schade te voorkomen.Oud papier! is een must voor iedere papierliefhebber.
Wat is er toch met onze kinderen aan de hand? Vrijwel dagelijks kunnen we in de krant lezen hoe de jeugdzorg verzuipt in een almaar toenemende vraag en dat het aantal kinderen met leer- en gedragsproblemen de pan uit rijst. ADHD spant daarbij de kroon.Deze stoornis is de laatste vijftien jaar uitgegroeid tot een ware volksziekte. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er onder deskundigen, in de massamedia en aan de borreltafel veel discussie is over dit fenomeen. Meestal wordt daarbij over het hoofdgezien dat de bezorgdheid over 'drukke' kinderen allerminst nieuw is. In de afgelopen honderd jaar hebben .voorlopers. van ADHD als zenuwachtigheid, ongedurigheid en MBD de gemoederen flink beziggehouden. Dit verleden is op zichzelf al boeiend, maar werpt bovendien een interessant licht op de huidige ADHD-'epidemie'. In dit boek koppelt historicus Timo Bolt daarom een beschrijving van de fascinerende (voor)geschiedenis van ADHD aan een historische duiding van de actuele situatie. Daarbij gaat hij in op vragen als: Bestaat ADHD eigenlijk wel of is het een modeverschijnsel? Zijn de kinderen drukker geworden als gevolg van de hectiek en prikkelrijkdom van de moderne maatschappij? Of kunnen ouders en leerkrachten tegenwoordig niet meer opvoeden? En deugt ons onderwijssysteem wel? Zijn we te snel geneigd 'lastige' kinderen op te zadelen met een medisch etiket en hen in toom te houden met pillen? Heeft de farmaceutische industrie te veel macht? Of plukken we eenvoudigweg de zegenrijke vruchten van de vooruitgang van de medische wetenschap?
Twee kranten, twee paleizen vertelt het verhaal over de oorsprong van NRC Handelsblad. Pien van der Hoeven voert de lezer in dit boek mee naar de twee gebouwen waar in de vorige eeuw de Nieuwe Rotterdamse Courant en het Algemeen Handelsblad werden gemaakt. Omdat de redacties toen nog in de nabijheid van de technische apparatuur moesten werken, ging het om grote industriële paleizen. Ze zijn nu door de kranten verlaten, maar staan er nog steeds: aan de Witte de Withstraat in Rotterdam en aan de Nieuwezijds Voorburgwal in Amsterdam.In 1970 fuseerden de twee kranten tot het huidige NRC Handelsblad. De tegenstellingen die zich bij de fusie moesten verenigen, waren niet alleen te herkennen in de twee kranten, maar ook in de twee gebouwen. De symmetrische zakelijkheid van het gebouw in Rotterdam stond tegenover het asymmetrische Gestamtkunstwerk van de architect Ed. Cuypers in Amsterdam. In Rotterdam plaatste men aan het eind van de negentiende eeuw al een rotatiepers en had men een eigen telegraafverbinding. In Amsterdam stond ook de binnenkant van het gebouw in dienst van de schoonheid met fraai smeedijzeren hekwerk en beschilderde tegels. In Rotterdam rolde er een intellectuele, droge krant van de persen, in Amsterdam een leesbare, wereldse krant.Vooruitlopend op haar proefschrift, schetst Pien van der Hoeven in Twee kranten, twee paleizen een prachtig en levendig beeld van twee verschillende redacties en culturen. De combinatie van deze twee tradities bij de fusie in 1970 is de basis van het succes van NRC Handelsblad in de afgelopen veertig jaar.
De oorlog in Afghanistan - iedereen heeft er wel een mening over; van de minister-president tot de toiletjuffrouw. In de krant verschijnt het ene na het andere gewichtige opiniestuk. Maar wie weet wat er echt speelt? Op zoek naar antwoorden en avontuur vestigt Deedee Derksen zich als enige Nederlandse journalist in Kaboel.Ze drinkt thee met loslippige talibanstrijders, gaat op stap met de Amerikaanse Special Forces en struint door de gevaarlijkste vallei ter wereld. Maar om de oorlog echt te kunnen doorgronden, zal ze verder moeten gaan. De vraag is: hoe ver kun je precies komen als westerse journalist in Afghanistan?Deedee Derksen doet verslag - onbevangen, openhartig en met flink wat zelfspot.
Vindt u dat u sterk nieuws heeft, maar lukt het niet om hiermee de media te halen? Verbaast u zich over welk nieuws wel op de voorpagina van de krant staat? En vraagt u zich af waarom sommige bedrijven altijd aandacht lijken te krijgen van journalisten?Redacties worden elke dag overspoeld met duizenden nieuwtjes, waarvan verreweg het merendeel in de prullenbak belandt. Alleen het 'beste' nieuws haalt de krant of het journaal. In het nieuws laat u met journalistieke ogen naar uw innovaties kijken. U leert inzien op basis waarvan media hun keuzes maken en door doeltreffend nieuwsmanagement het bereik van uw nieuws vergroten.Aan de hand van praktische modellen en vele voorbeelden kunt u de differentiatie en maatschappelijke relevantie van uw nieuws blootleggen, nieuws op de juiste wijze formuleren en op effectieve wijze overbrengen aan de media. Ook worden tips gegeven over hoe u nieuwscampagnes verzint die het nieuws een langere adem kunnen geven.Over de auteurMarjolijn van Oordt, directeur van nieuwsadviesbureau Capita en oud-journaliste, schreef eerder Superbrands, Merkspectrum en De Nieuwsmanager.
Een langverwachte studie over de grootste krant van Nederland. Het geheim van De Telegraaf schetst de ontwikkeling van een vrijzinnig nieuwsblad voor de Amsterdamse elite tot een behoudende massakrant.Het boek geeft niet alleen een kijkje in de redactionele keuken van De Telegraaf, maar biedt ook inzicht in de kleine en grote gebeurtenissen die de samenleving vanaf 1893 beroerden. De wijze waarop De Telegraaf hierover heeft bericht, is van oudsher goed voor commotie: van de wilde pro-Franse koers in de Eerste Wereldoorlog, de aanpassing tijdens de Duitse bezetting en de primeurjacht tijdens de verloving van een kroonprins(es), tot felle politieke campagnes en de berichtgeving die leidde tot de bestorming van het Telegraafgebouw door boze bouwvakkers en provo's in juni 1966.MariÙtte Wolf heeft veel aandacht voor de 'plezierige gekken' in de redactie. Zij maken dat de geschiedenis van de krant zich bij vlagen laat lezen als een journalistieke schelmenroman. Een must voor iedereen die belang stelt in de geschiedenis van de twintigste eeuw en die van de Nederlandse journalistiek in het bijzonder.Over de auteurMariÙtte Wolf is mediahistoricus en was jarenlang directeur van het Persmuseum.
Heb je wel eens geprobeerd een stuk in de krant te krijgen? Redacties van kranten, tijdschriften, websites en rtv-rubrieken worden overstelpd met persberichten en ingezonden brieven. Maar goed getimede, originele en publieksgerichte bijdragen aan het debat zijn schaars.Met dit boek in de hand leer je hoe je op een effectieve wijze kunt deelnemen aan het publieke debat. Je maakt kennis met het debat en de media. Je leert hoe je in vier stappen in de krant (of op radio en tv) kunt komen. De uitgave is ontstaan uit een jarenlange trainingspraktijk met groepen wetenschappers, deskundigen en communicatieprofessionals die meer willen dan alleen een persbericht sturen naar de media.Huub ter Haar is adviseur en trainer in communicatie met als specialiteit identiteit, positionering en concept.
Geschiedenis van de ontwikkeling van het oorlogsrechtTechnologische uitvindingen in de tweede helft van de negentiende eeuw leidden tot geavanceerdere wapens en hevigere oorlogen. Tegelijkertijd zorgden uitvindingen als de fotografie en de telegraaf ervoor dat oorlogscorrespondenten snel en met beelden verslag konden uitbrengen in de krant en steeds meer mensen de gruwelen van het slagveld met eigen ogen konden waarnemen. Internationaal groeide het verlangen oorlog te voorkomen dan wel de gevolgen daarvan te beperken. Zo ontstond in 1864 de eerste Conventie van Geneve waarin de basis werd gelegd voor het huidige oorlogsrecht. Later volgden meer conferenties, met een steeds groeiend aantal deelnemende landen, waaronder de beroemde bijeenkomsten in Den Haag in 1899 en 1907. Daarmee zette Nederland zich internationaal op de kaart als land van vrede en recht. In zijn proefschrift De bijdrage van Nederland aan de codificatie van het moderne humanitaire recht 1800 – 1914 schetst D.J.H.N. den Beer Poortugael (1925-2008) de ontwikkeling van het oorlogsrecht. Uitvoerig komt aan de orde hoe de belangstelling voor het vastleggen van regels voor oorlogsvoering zich ontwikkelt, hoe landen reageren op initiatieven voor vredesconferenties, hoe belangen van grote landen zoals Duitsland niet overeenkomen met die van kleine landen zoals Nederland en hoe de conferenties verlopen.Een belangrijke deelnemer aan een groot aantal negentiende-eeuwse conferenties is J.C.C. den Beer Poortugael (1832-1913), oudoom van de auteur, oud-minister van Oorlog, luitenant-generaal en door de vredesbeweging omarmd als pacifist. Het proefschrift werd begin 2008 goedgekeurd door de promotiecommissie van de Universiteit van Utrecht. De auteur overleed echter voor de openbare verdediging. In samenwerking met de promotor, prof. dr. C.G. Roelofsen, bijzonder hoogleraar geschiedenis van het internationaal recht aan de Universiteit Utrecht, hebben zijn kinderen zijn werk alsnog uitgegeven. Het boek is zeker geen droge juridische verh
BeschrijvingOmde haverklap horen we over dieren die ophet punt van uitsterven staan en slecht nieuwsover hetmilieu staat elke dag in de krant. JaneGoodall heeft in dit boek verhalen verzameld diewél goed aflopen, want er zijnmensen die demoedniet opgeven en erin slagen de laatste exemplarente beschermen, of de soort in gevangenschap telaten voortbestaan. En dat lukt vaker dan we in dekrant lezen, zoalsGoodall in haar spannende boeklaat zien. Er is nog steeds Hoop voor de dierenwereld.