:Dr. E.J. Swaab heeft al jarenlange ervaring op het gebied van huidproblemen en huidgevoeligheid. Daarom introduceert Dr. E.J. Swaab na gedegen onderzoek Dr. E.J. Swaab luizenkuur gebaseerd op de alternatieve behandeling het “verstikkende” effect. Het unieke aan de Dr. E.J. Swaab luizenkuur is dat deze behandeling een 2-in-1 methode is: een lotion (flesje 1) wordt gecombineerd met een shampoo (flesje 2). In een eerste fase wordt de lotion aangebracht op droog haar. Nadat de lotion lang genoeg heeft ingewerkt, wordt het haar gewassen met de shampoo. Hierdoor worden dode luizen verwijderd, wordt het haar hersteld en wordt het haar makkelijker doorkambaar. Voor het beste resultaat dient men het haar elke dag te wassen met deze shampoo, en dit gedurende een week. Hierdoor krijgt men een sneller, zekerder resultaat en heeft de behandeling een grotere doeltreffendheid dan andere verstikkende middelen. Dit werd aangetoond in studies: waar met Dr. E.J. Swaab luizenkuur 95% van de luizen en neten gedood worden na een week behandelen, worden er slechts 70% gedood met een ander verstikkend middel.
De arbeidsmarkt is volop in beweging en werknemers en werkgevers stellen steeds hogere eisen aan de samenwerking. Steeds vaker moeten mensen die een stap in hun loopbaan overwegen, een assessment moeten doen. Wat is een assessment nu precies? Assessment betekent niet meer dan het in kaart brengen van zaken of eigenschappen. Met andere woorden: in een assessment worden uitspraken gedaan over wat voor soort persoon je bent en hoe je in elkaar zit. In de praktijk betekent dit dat je te maken kunt krijgen met de volgende middelen:interviews; persoonlijkheidsvragenlijsten; intelligentietests; praktijkopdrachten; rollenspelen. In deze geheel herziene editie van De kleine assessmentgids gaat Wim Bloemers op uiterst toegankelijke wijze - en af en toe met een knipoog - in op deze en andere relevante onderdelen van een assessment. Over de auteurWim Bloemers (1955) is persoonlijkheidspsycholoog en filosoof. Hij publiceert regelmatig op het gebied van arbeids- en organisatiepsychologie; verzorgt workshops en lezingen over psychologische selectie en assessment; adviseert bedrijven bij personeelsselectie en is actief als beoordelaar bij assessment-centerprocedures in het bedrijfsleven. Ook is hij als docent verbonden aan de Open Universiteit Nederland, waar hij testpsychologie, diagnostiek- en gespreksvoeringstrainingen geeft.
In 1917 beschikte het gemobiliseerde Nederlandse leger over een voorraad strijdgassen en de middelen om deze in te zetten. De voorbereidingen waren in 1915 begonnen, slechts enkele weken nadat chemische strijdmiddelen voor het eerst op grote schaal waren ingezet. Tachtig jaar later, in 1997, vestigde het hoofdkwartier van de Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons (OPCW), de organisatie die toeziet op de naleving van het Chemisch Wapenverdrag, zich in Den Haag. De geest in de fles gaat uitvoerig in op de betrokkenheid van de Nederlandse defensieorganisatie bij de ontwikkelingen, de voorbereidingen en de proefnemingen op het gebied van de chemische oorlogvoering in de tussenliggende periode en belicht de achtergronden ervan. Aan bod komen onder meer de stikgasoefeningen tijdens de Eerste Wereldoorlog, de voor Nederlands-IndiÙ bestemde mosterdgasfabriek en de proeven met zenuwgassen op Nederlands grondgebied, in Frankrijk en in de Sahara. Een groot aantal, vaak niet eerder gepubliceerde afbeeldingen ondersteunt de tekst. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) in Den Haag is een gespecialiseerd kennis- en onderzoekscentrum op het gebied van de Nederlandse militaire geschiedenis. Het instituut publiceert wetenschappelijke studies, verzorgt onderwijs aan militaire opleidingsinstituten en universiteiten en maakt zijn verworven kennis en audiovisueel bezit toegankelijk voor een breed publiek.
Geheel herziene uitgave!Het is niet eenvoudig om een boek over buizen te bemachtigen. Dat is precies de reden, dat dit boek geschreven is. Er is veel verloren gegaan. In dit boek is getracht alle, voor audiodoeleinden belangrijke, theoretische en praktische buizenkennis te bundelen. De schrijver kon daarbij putten uit de eigen ervaring van vele jaren van vóór de invoering van de halfgeleiders. Uiteraard wordt, voor die delen die niet in de signaalweg zitten, gewoon gebruikt gemaakt van de moderne middelen, zoals transistoren en IC’s. Ook worden hoofdzakelijk moderne ringkerntransformatoren toegepast.In de eerste hoofdstukken van dit boek wordt de bouw en de werking van buizen toegelicht; daarna worden elementaire schakelingen bekeken. Deze kennis wordt daarna gebruikt voor de theorie van de eindtrappen en klankregelingen enz. Er zijn ook twee wat meer losstaande hoofdstukken opgenomen over vervorming en over ruis, microfonie en andere nare bijgeluiden.Vier hoofdstukken beschrijven complete ontwerpen. Hierbij worden van alle onderdelen de berekeningen en de ontwerpoverwegingen gegeven, waarbij verwezen wordt naar de bijpassende hoofdstukken. Alle magie wordt hiermee ontmaskerd. Buizenversterkers zijn helemaal methodisch te ontwerpen. Tenslotte worden er veel tips gegeven voor de werkelijke bouw en voor het opmeten van de resultaten.
Het Nederlandse beleid ten aanzien van mensen met een verstandelijke handicap heeft in de afgelopen jaren aanzienlijke veranderingen ondergaan. Lange tijd werden mensen met een verstandelijke handicap opgenomen in speciale instellingen gelegen in een rustige groene omgeving. Tegenwoordig dienen verstandelijk gehandicapten juist midden in de samenleving te wonen, te werken en te leven. Een belangrijke overheidsmaatregel om deze doelstelling te kunnen bereiken, is de deconcentratie van instellingen voor mensen met een verstandelijke handicap: het spreiden van zorgverlening van een instelling over kleinschalige voorzieningen in woonwijken. De vraag is of deze beleidsmaatregel een bijdrage levert aan de integratie van mensen met een verstandelijke handicap. Om deze vraag te kunnen beantwoorden, is met behulp van methoden uit de beleidswetenschappen het deconcentratiebeleid gereconstrueerd. Met welke middelen tracht de overheid welke doelstellingen te bereiken? Of deze middelen inderdaad integratie van mensen met een verstandelijke handicap tot gevolg hebben, is beoordeeld aan de hand van een literatuurstudie en een uitgebreid empirisch onderzoek van drie deconcentratieprojecten. Uit het onderzoek blijkt dat deconcentratie een beperkte bijdrage kan leveren aan de integratie van mensen met een verstandelijke handicap. Maar niet geheel op de manier zoals de overheid dat in haar beleid voor ogen heeft.
De beperking van financiële middelen voor de zorg maken het noodzakelijk dat er in de zorg zo efficiënt mogelijk wordt gewerkt en dat men zorgvuldig bepaalt waar deze middelen aan worden besteed. Financieel management voor medici gaat over de spanning die bestaat tussen de overheid, de ziekenhuizen en de medisch specialisten: hoe kunnen we zoveel mogelijk doen binnen het door de overheid gestelde kader? Om de verschillende externe ontwikkelingen en de consequenties hiervan voor onder meer de vakgroep of maatschap goed te begrijpen, is een bepaalde mate van inzicht in het financieel management van ziekenhuizen noodzakelijk. In dit boek komen praktische zaken aan bod, zoals: basisbegrippen van financieel management, budgettering van DBC’s, bekostiging van de huisvesting en wetgeving (onder andere Wet Tarieven Gezondheidszorg).Het boek gaat in op de vraag wat financieel management is en welke ontwikkelingen vanuit het verleden naar het heden en de toekomst zijn te schetsen om het belang van financieel management voor ziekenhuizen, maatschappen, verenigingen, medische staf, divisie- en clustermanagement te verduidelijken.
Life Planning verschaft de lezer een fundamenteel inzicht in het diepgaande verband tussen geld en gevoel en reikt de instrumenten aan om te bereiken wat iedereen uiteindelijk graag wil: een fijn, ontspannen leven.Geld blijkt op een andere manier belangrijk te zijn, dan de meesten van ons denken. Op het eerste gezicht bestaat er een diepe kloof tussen mensen die beweren dat geld totaal onbelangrijk is, en mensen die vinden dat geld de maatstaf voor alles is. Deze – op het eerste gezicht – heel verschillende mensen hebben iets gemeen. De problemen waar ze mee geconfronteerd worden op allerlei gebieden in hun leven, blijken te worden veroorzaakt door hun moeizame relatie met geld.Veel mensen die beweren dat geld niet belangrijk is, doen dat uit een gevoel van machteloosheid. Ze voelen zich niet in staat het leven te leiden dat ze graag zouden willen hebben, omdat ze daar de financiële middelen niet voor hebben. Ze blijven hangen in een baan die ze niet leuk vinden, willen eigenlijk iets anders, maar weten niet wat. Mensen die geld als maatstaf voor alles nemen, voelen dat er toch iets meer moet zijn in het leven, dat er iets ontbreekt. George Kinder laat in Life Planning glashelder zien hoe AL onze beslissingen met betrekking tot geld gebaseerd zijn op bepaalde gevoelens. Al lezende groeit het besef hoeveel emoties financiële beslissingen oproepen. In onze zoektocht naar een zinvol, plezierig leven, vormt de manier waarop we met geld omgaan de ontbrekende schakel, een ontdekking die in geen enkele therapie en zingevingsworkshop op welk gebied dan ook zó wordt erkend en gebruikt als in Life Planning.courc
"Bij onze geboorte krijgen we geen handleiding mee hoe we goed door het leven kunnen komen. Noch word je op school, door je ouders of de kerk geleerd wat je met je eigen gevoelens aan moet. Of hoe je het beste met andere mensen kan omgaan. Toch blijkt dat je door het aanleren van eenvoudige strategieën, je brein kan trainen om dit soort zaken beter op te pakken. Neuro-Linguïstische Programmeren (NLP) is een verzameling van technieken en methoden die je brein trainen om makkelijker en effectiever in het leven te staan. Zowel voor jezelf als naar anderen toe. Joost van der Leij heeft de afgelopen jaren gestudeerd bij de grondlegger van NLP zelf, dr. Richard Bandler. Waar NLP vaak gepresenteerd wordt als een vergaarbak met allerlei gereedschap erin, leer je in Brein Training wat de onderlinge samenhang is en hoe je alle NLP technieken en methoden met elkaar integreert. Met zijn achtergrond als filosoof, weet Joost van der Leij als geen ander duidelijk te maken wat de achterliggende systematiek binnen NLP is. Hoe functioneert het brein bij het verwerken van alles wat we zien, horen en voelen. En hoe kun je zelf deze processen gebruiken om je eigen brein te trainen beter te worden in zich goed voelen en slechter in zich slecht voelen. Heb je eenmaal grip op je eigen brein, dan wordt het ook makkelijker om beter met andere mensen om te gaan. Je leert hoe betekenis en taal in ons brein ontstaan en hoe je dit proces vervolgens gebruikt om excellent te communiceren met andere mensen. Hoe je andere mensen kan helpen. Hoe je andere mensen inspireert en motiveert om ook meer van hun leven te maken. Door gebruik te maken van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van NLP, krijg je met Brein Training de meest geavanceerde versie van NLP. Vooruitgang binnen NLP betekent echter wel dat je meer en sneller resultaat boekt, met eenvoudige, maar o zo krachtige technieken. Met Brein Training krijg je de middelen in handen om je leven jouw eigen richting in te sturen."
Van pen en kladblok naar camera en laptop. Wie als moderne journalist of redacteur wil slagen, koppelt een ouderwetse passie om goed en helder te informeren aan een actuele kennis van technische hulpmiddelen. Het Handboek Crossmediale journalistiek en redactie helpt hedendaagse publicisten te bepalen hoe ze de kracht van het web kunnen gebruiken om de juiste doelgroep te bereiken met de juiste middelen. Daarom is er in de 24 hoofdstukken van dit uitgebreide boek aandacht voor uiteenlopende redactievaardigheden zoals: succesvol schrijven voor het web zoekmachineoptimalisatie van redactionele teksten optimale interactie met de achterban het maken van goede foto's, geslaagde infographics en bruikbare audio-opnames de principes van cinematografie en de benodigdheden voor een aantrekkelijk webfilmpjeDaarnaast komt ook de theorie aan bod in hoofdstukken over: de geschiedenis van multimediale en crossmediale journalistiek online journalistieke businessmodellen redactiepolitiek en de journalistieke weerzin tegen veranderingenMet de bijbehorende dvd kunt u gelijk aan de slag!
Dit boek behandelt de vele middelen die de overheid in haar beleidsvoering gebruikt om maatschappelijke doelstellingen te bereiken. Het vraagstuk van de sturingscapaciteit van de overheid is een actueel onderwerp en dit boek beoogt samenhang te brengen in en een overzicht te geven van het beleidsinstrumentarium dat voor het inrichten en uitvoeren van overheidsbeleid kan worden aangewend.Overheidsbeleid is gericht op maatschappelijke problemen. Vandaar dat in dit boek begonnen wordt met een analyse van het begrip 'maatschappelijk probleem' en de vertaling daarvan in een beleidsprobleem. Ook wordt de relatie met beleidsinstrumenten uitgelegd. Vervolgens worden het juridische, het financiÙle en het communicatieve beleidsinstrumentarium behandeld. Daarnaast komen enkele voor de beleidsvoering relevante gebieden aan bod, namelijk de beleidsplanning en de beleidsevaluatie. Ten slotte wordt het actuele vraagstuk van ethiek en cultuur behandeld.
In dit boek onderzoekt Olga Bogdashina het effect van verschillende manieren van waarnemen en leren op de ontwikkeling van communicatie en taal bij kinderen met autisme. Ze beoogt hiermee een theoretische basis te ontwerpen om stoornissen bij communicatie en taal bij autisme te begrijpen. Ze benadrukt hoe belangrijk het is om bij ieder individueel persoon met autisme de aard van de nonverbale signalen te onderkennen, met als oogmerk tot een gedeelde manier van verbale communicatie te komen.Zij geeft een verklaring waarom een bepaalde benadering alleen maar werkt bij sommige kinderen met autisme en niet bij andere.De onderdelen van het boek, die zij de naam ‘Wat zij zeggen' heeft gegeven, maken het de lezer mogelijk om door de ogen van personen met autisme te kijken en daarmee van binnenuit de verschillen in 'taal' (direct) te ervaren.De onderdelen met de naam ’Wat-kunnen-wij-doen-om-te-helpen’, geven praktische aanwijzingen om personen met autisme te helpen hun eigen geaardheid te gebruiken bij het leren en het ontwikkelen van hun sociale en communicatieve vaardigheden.De afsluitende hoofdstukken zijn gewijd aan beoordelings- en interventiemethodieken en bevatten praktische aanbevelingen voor het kiezen van geschikte methoden en technieken om de communicatie te verbeteren. Dit alles gebaseerd op de specifieke wijze van communicatie die typerend is voor de persoon met autisme.Om met succes les te geven aan kinderen met autisme, moeten we hun cultuur begrijpen, evenals de sterke en zwakke kanten die daarmee samenhangen. Het moet ons doel zijn om over hun ervaringen te leren om gedeelde concepten te krijgen en om gedeelde systemen en middelen te cre n, waardoor communicatie mogelijk wordt. Hoe meer gedeelde informatie en ervaringen we hebben, des te eenvoudiger wordt de communicatie.Eerder verscheen in deze reeks van Olga Bogdashina: Waarneming en zintuiglijke ervaringen bij mensen met Autisme en Aspergersyndroom.Deze uitgave is een samenwerking van Fontys OSO, Tilburg e
Wie proza wil schrijven moet talent hebben. Maar talent alleen is niet voldoende. Gardner, gerenommeerd romanschrijver en schrijfdocent, gaat ervan uit dat een schrijver eerst inzicht moet krijgen in de techniek van het schrijven voordat hij een kunstwerk kan creÙren. In het eerste deel van De kunst van het schrijven behandelt hij de vraag wat fictie nu eigenlijk is. Aan de hand van talloze voorbeelden uit de wereldliteratuur laat hij zien welke middelen auteurs gebruiken om fictie tot werkelijkheid te laten worden. Het tweede deel van het boek is vooral praktisch van opzet. Hij laat, alweer aan de hand van voorbeelden, veelvoorkomende fouten zien. Daarnaast gaat hij uitvoerig in op de techniek en de opbouw van een verhaal.De auteurJohn Gardner (1933-1982) was niet alleen een belangrijke Amerikaanse schrijver, maar ook de inspirator van vele auteurs, waaronder Raymond Carver. Als schrijfdocent baande hij de weg voor het creatief schrijfonderwijs aan de Amerikaanse universiteiten. Zijn klassieker, The Art of Fiction (1983) verschijn nu in De Schrijfbibliotheek.Voor jonge schrijvers zal dit een noodzakelijk handboek worden, een strenge leermeester en een bemoedigende vriend. the new york times book review
Bibliotheken zijn er volgeschreven over de vraag wat opvoeding nu eigenlijk is, en vooral over de vraag wat het zou moeten zijn. Wat is het doel van de opvoeding, wie is er voor verantwoordelijk, welke middelen zijn geschikt en geoorloofd? De antwoorden op dergelijke vragen blijken zeer sterk te variëren, niet alleen per cultuur of zelfs per subcultuur, maar ook per historische periode, per samenlevingsvorm, religie, enzovoort. Opvoeding kan daarom met recht worden opgevat als een spiegel van de beschaving waarin zij gestalte krijgt. Door goed in die spiegel te kijken kunnen we van alles te weten komen over de wisselwerking tussen opvoeding, cultuur en maatschappij.Opvoeding als spiegel van de beschaving bevat bijdragen van prominente Nederlandse wetenschappers met een verschillende achtergrond: Midas Dekkers, bioloog, Christien Brinkgreve, socioloog, Mineke van Essen, historischpedagoog, Tom ter Bogt, popprofessor, Ed Spruijt, socioloog, Jaap Doek, rechtswetenschapper, Mario van San, cultureel antropoloog, Leendert Groenendijk, historisch pedagoog, Mariëtte de Haan, psycholoog, Carlo Schuengel, orthopedagoog, Josine Junger Tas, criminoloog, Louis Tavecchio, pedagoog, Jeannette Doornenbal, pedagoog, Gerrit Breeuwsma, ontwikkelingspsycholoog, Cok Bakker, godsdienstwetenschapper, Anne Provoost, kinderboekenschrijver en de drie redacteuren: de ontwikkelingspsycholoog Willem Koops en de pedagogen Bas Levering en Micha de Winter.Het boek is bedoeld voor pedagogen, psychologen, opvoeders, leerkrachten en ouders die verder willen kijken dan ze gewend zijn, net als Het kind als spiegel van de beschaving, dat vorig jaar bij Uitgeverij SWP verscheen.
In Digitale didactiek wordt aandacht besteed aan principes voor effectief onderwijs met gebruik van ICT-middelen, het gebruik van ICT bij het uitvoeren van werkvormen, de selectie en het gebruik van online leermaterialen, het gebruik van ICT bij het begeleiden van studenten en het gebruik van ICT bij het toetsen van studenten. Al deze onderwerpen worden geïllustreerd met concrete stappenplannen die docenten, maar ook onderwijsadviseurs direct kunnen gebruiken bij het ontwerpen en uitvoeren van onderwijsactiviteiten.<br/>
Zowel in sociaalwetenschappelijke kringen als op de regionale, federale en Europese beleidsniveaus groeide gedurende het laatste decennium de overtuiging dat armoede een multidimensioneel gegeven is. Het meten van deze multidimensionaliteit is echter geen gemakkelijke opdracht, niet in het minst door het grote aantal inhoudelijke en methodologische keuzes die dit vereist. In dit boek zetten we alvast een stap in de goede richting. We beschrijven eerst wat we onder multidimensionaliteit verstaan en ontwikkelen dan een meetmodel waarin zowel de klassieke inkomensindicator als een reeks zogenaamd ‘niet-monetaire’ indicatoren zijn opgenomen. We onderscheiden hierbij de volgende domeinen: huisvestingsdeprivatie, financiële stress en beperkte financiële middelen. Het tweede deel van dit boek is gewijd aan de validering van onze multidimensionele armoedemaat. Zo vragen we ons af in welke mate de tussenland-verschillen in de kans op multidimensionele armoede samenhangen met de institutionele context, en meer bepaald de kenmerken en specifieke regelingen van het welvaartsregime. Ook de armoedesituatie van de oudere bevolking, en meer bepaald de mate waarin deze wordt beïnvloed door institutionele factoren zoals het pensioenbeleid en het huisvestingsbeleid, komt in dit deel aan bod. In het derde deel ten slotte testen we ons meetmodel op de meer recente gegevens van de EU-SILC (Statistics on Income and Living Conditions). We gaan na of onze benadering ook voor de nieuwe Europese lidstaten valide resultaten oplevert, en aldus kan bijdragen tot het verdere sociaalwetenschappelijke en beleidsdebat.
Werkboek communicatieplanningHet opstellen van communicatieplannen behoort tot het vaste takenpakket van communicatieprofessionals. Ook studenten communicatie krijgen vaak de opdracht om zo'n plan te maken. Het geeft vorm en inhoud aan de communicatie rondom een project, product of organisatie. Het communicatieplan bevat een duidelijke systematiek die doelen, doelgroepen en middelen met elkaar verbindt. Het kent ook een analyse en een strategie die aangeeft welke aanpak de voorkeur verdient. Daarnaast moeten opdrachtgevers, uitvoerders en andere betrokkenen uit dit plan kunnen opmaken wie wat wanneer gaat doen en hoeveel het gaat kosten.Het Werkboek communicatieplanning gaat uit van het Centraal Schema Communicatieplanning. Op basis van dit schema wordt met behulp van veel praktijkvoorbeelden, kaderteksten, cases, oefeningen en hulpvragen stap voor stap duidelijk gemaakt hoe je een communicatieplan opstelt. Dit werkboek is gericht op mensen die starten met een baan of opleiding op het gebied van communicatie. Het is ook geschikt voor mensen uit andere disciplines die meer met communicatie willen gaan doen. Studenten kunnen dit boek onder begeleiding maar ook zelfstandig bestuderen.
De aromatherapie heeft, net als andere alternatieve geneeswijzen, zijn plaats verworven in de huisapotheek. Meer en meer mensen kiezen voor natuurlijke middelen die het lichaam stimuleren en ondersteunen om af te rekenen met allerhande kwalen. Binnen enkele jaren zal de zorgverlening geconfronteerd worden met zorgvragers voor wie de aromatherapie deel uitmaakt van hun dagelijks leven. Die zorgvragers zullen, ook als ze opgenomen worden in een zorginstelling, zelf willen kiezen hoe en met welke middelen ze behandeld worden.Dit boek biedt een algemene inleiding in etherische oliën en aromatherapie. Het gaat daarnaast concreet in op de mogelijkheden en de implementatie van aromatherapie in de zorgpraktijk. Er wordt aandacht besteed aan de klachten waarmee de doelgroep te maken heeft. Naast een duidelijke omschrijving van die klacht komen ook de mogelijke oorzaken en preventiemogelijkheden aan bod, alsook de aromatherapeutische recepten en behandelingen. Er wordt een concrete voorbeeldprocedure aroma- therapie beschreven, alsook een behandeling- en opvolgingsplan en een veiligheidsfiche.PATRICIA ROGGE is directrice van een Woon- en zorgcentrum. De persoonlijke keuze van een resident respecteren, ook op vlak van gezondheidszorg, is haar grootste bezorgdheid.
Gerrit Kouwenaar (1923) is in staat gebleken zich als dichter telkens weer op indrukwekkende wijze te blijven vernieuwen. In de eerste twee beschouwingen uit Verzen als leeftocht gaat Sötemann zijn ontwikkeling na tot en met de laatste meesterlijke bundels. In de vorm van een diepgaande analyse van een kleine cyclus gedichten tracht hij de lezer vervolgens gereedschap in handen te geven om deze gecompliceerde poëzie met meer inzicht tegemoet te treden. De daarop volgende beschouwingen behandelen de levenshouding die uit de verzen spreekt en Kouwenaars poetica, dat wil zeggen zijn opvattingen over ontstaan, doel en middelen van zijn werk, in een internationale contekst. De bundel wordt besloten met een essay waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen Kouwenaar en Boutens, en waarin hun beider eminente belang voor latere dichters onder ogen wordt gezien. Tezamen geven Sötemanns essays een veelzijdig beeld van het oeuvre van een der belangrijkste dichters uit de tweede helft van de twintigste eeuw.De bundel bevat: Verzen als leeftocht; De grijze sobere; Gerrit Kouwenaar en de dode dichter; Gerrit Kouwenaar en de paradoxen van leven en dood; De poetica van Gerrit Kouwenaar; Kouwenaar en Boutens.Verzen als leeftocht is deel 6 in de serie Poëzie & Poetica.
De mogelijkheden voor spel en kunstzinnige middelen in het sociaal agogisch werk zijn immens. Spel en kunstzinnige activiteiten scheppen een andere werkelijkheid en kunnen de cliënt helpen een andere betekenis te verlenen aan zijn wereld. Dit boek biedt enerzijds een analyse van centrale begrippen als creativiteit, speelsheid en vrijplaats en anderzijds een presentatie van de gebruiksmogelijkheden van spel en kunstzinnige middelen in de hulpverlening. Centrale vraag is: hoe kan een sociaal agogisch werker met gebruikmaking van kunst en spel bijdragen aan de uitbreiding en vernieuwing van mogelijkheden tot betekenisverlening door de cliënt. Het boek reikt een algemeen theoretisch denkkader aan over de aard en mogelijkheden van spel, kunst en creativiteit. Daarnaast wil het antwoord geven op de vraag of werkzame bestanddelen van spel en kunstzinnige activiteiten in sociaal agogisch handelen in dagelijkse situaties kunnen worden ingezet. Diverse toepassingen in dagelijkse situaties komen aan de orde.
Het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) kan op een bijna natuurlijke sympathie rekenen. Rechten van kinderen zijn een goede zaak en wie zou er niet voor zijn? Deze natuurlijke sympathie wordt ook weerspiegeld in de ratificatie van dit IVRK door 192 van de 194 Staten in deze wereld. Sympathie is belangrijk en kan leiden tot de beoogde veranderingen, maar sympathie en veel begrip voor rechten van kinderen is niet genoeg.Het Verdrag moet worden toegepast in de politiek, in het beleid, in de rechtspraak en in de dagelijkse praktijk thuis, op school en tehuizen. Die toepassing blijkt niet zelden lastiger dan gedacht, bijvoorbeeld omdat er spanningen kunnen bestaan tussen de rechten van ouders en die van hun kind of tussen de doelstellingen van het vreemdelingenbeleid en de rechten van een buitenlands kind.Goede toepassing vereist goede kennis van en een goed inzicht in de inhoud en de betekenis van de vele artikelen van het IVRK. Te vaak moet worden geconstateerd dat uitspraken over het IVRK worden gedaan zonder die kennis en dat inzicht. Dit handboek biedt daarbij uitkomst omdat het de middelen verschaft die nodig zijn voor een goede toepassing van het IVRK: een gedegen en grondige uiteenzetting van de inhoud en de betekenis van de belangrijkste artikelen van het Verdrag en van andere relevante internationale regels onder meer op het terrein van kinderontvoering en interlandelijke adoptie.Het Comité inzake de Rechten van het Kind dringt bij de Verdragsstaten regelmatig aan op een doorgaande en systematische training en bijscholing van met name al diegenen die beroepshalve met en/of voor kinderen werken. Dit handboek is in dit verband een belangrijke, en internationaal gezien, unieke bijdrage. Dit Handboek Internationaal Jeugdrecht is deel van een drietal publicaties over internationaal jeugdrecht die tegelijkertijd verschijnen bij Ars Aequi Libri: Handboek Internationaal Jeugdrecht, Jurisprudentie Internationaal Jeugdrecht en de wetseditie Internationaal jeugdr
Van de achterkant: "Bij onze geboorte krijgen we geen handleiding mee hoe we goed door het leven kunnen komen. Noch word je op school, door je ouders of de kerk geleerd wat je met je eigen gevoelens aan moet. Of hoe je het beste met andere mensen kan omgaan. Toch blijkt dat je door het aanleren van eenvoudige strategieën, je brein kan trainen om dit soort zaken beter op te pakken. Neuro-Linguïstische Programmeren (NLP) is een verzameling van technieken en methoden die je brein trainen om makkelijker en effectiever in het leven te staan. Zowel voor jezelf als naar anderen toe. Joost van der Leij heeft de afgelopen jaren gestudeerd bij de grondlegger van NLP zelf, dr. Richard Bandler. Waar NLP vaak gepresenteerd wordt als een vergaarbak met allerlei gereedschap erin, leer je in Brein Training wat de onderlinge samenhang is en hoe je alle NLP technieken en methoden met elkaar integreert. Met zijn achtergrond als filosoof, weet Joost van der Leij als geen ander duidelijk te maken wat de achterliggende systematiek binnen NLP is. Hoe functioneert het brein bij het verwerken van alles wat we zien, horen en voelen. En hoe kun je zelf deze processen gebruiken om je eigen brein te trainen beter te worden in zich goed voelen en slechter in zich slecht voelen. Heb je eenmaal grip op je eigen brein, dan wordt het ook makkelijker om beter met andere mensen om te gaan. Je leert hoe betekenis en taal in ons brein ontstaan en hoe je dit proces vervolgens gebruikt om excellent te communiceren met andere mensen. Hoe je andere mensen kan helpen. Hoe je andere mensen inspireert en motiveert om ook meer van hun leven te maken. Door gebruik te maken van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van NLP, krijg je met Brein Training de meest geavanceerde versie van NLP. Vooruitgang binnen NLP betekent echter wel dat je meer en sneller resultaat boekt, met eenvoudige, maar o zo krachtige technieken. Met Brein Training krijg je de middelen in handen om je leven jouw eigen richting in te sturen."
Vaardigheden in inhoudelijke analyses:• handen wassen en desinfecteren • steriel materiaal openen en ermee omgaan • steriele handschoenen aan– en uittrekken • isolatiekleding aan– en uittrekkenVaardigheden in studieopdrachten:• adviseren over preventieve maatregelen rondom kruisinfecties • cliënten informeren over mogelijke besmettingswegen • materialen en middelen reinigen en desinfecteren • materiaal voor bacteriologisch onderzoek opvangen • assisteren tijdens het aseptisch handelen • principes hanteren tijdens het aseptisch handelen • de gewenste isolatiemaatregelen bepalen • verschillende isolatiemaatregelen toepassen • cliënten informeren over verschillende isolatiemaatregelen • maatregelen toepassen na contact met besmet materiaal • beschermde maatregelen toepassen voor contact met besmet materiaal. Op de cd–rom Kruisinfecties staan filmfragmenten over isolerende maatregelen, hygiëne, omgaan met steriel materiaal en desinfecteren van de huid. Verder is achtergrondinformatie opgenomen over het voorkomen van kruisinfecties. Daarnaast is informatie over hygiëne, infecties en informatie vanuit de microbiologie op deze cd–rom te vinden. Verder is er een zelftoets opgenomen met verschillende evaluatievragen
In het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw groeide de consumptie van adhd-middelen explosief. Deze trend zal verder doorzetten, want volgens adhd-deskundigen is de stoornis nog ernstig ondergediagnosticeerd. Niet alleen drukke jongens maar ook rustige meisjes moeten worden behandeld als zij zich onvoldoende concentreren. Omdat adhd ongeneeslijk is, stellen de deskundigen bovendien, blijft hij voortduren in de volwassenheid. Om economische redenen is een adhd-screening van de hele werkende bevolking nodig, waarna de positieve gevallen zich moeten laten behandelen.Maar waarop zijn dergelijke gegevens eigenlijk gebaseerd? Trudy Dehue analyseert het wetenschappelijk onderzoek dat eraan ten grondslag ligt, het reclamemateriaal van farmaceutische bedrijven en de vele websites van patiëntenverenigingen.Er blijkt een ware ‘adhd-beweging’ te bestaan, waarin onderzoekers, bedrijven, hulpverleners, leerkrachten en patiënten participeren. Deze adhd-beweging bracht een spiraalsgewijs proces in gang, waardoor steeds meer mensen bij zichzelf of anderen tekortkomingen constateren, die ze plaatsen in het kader van de ‘hersenziekte adhd’. Zo gaat een grote machinerie voort alsmaar meer patiënten te creëren en na verplichtvrijwillige behandeling alsmaar meer normale mensen.
"Het handboek laat zien dat rivierlandschappen gedurende vele eeuwen de ruggengraat van economische ontwikkelingen vormden. In het Artery project werkten vijf regio’s samen: het Ruhrgebied, de regio Rhein-Neckar en de regio Stuttgart-Neckar in Duitsland, het stroomgebied van de Mersey in Noordwest-Engeland en de regio Hollandsche IJssel in Nederland. In al deze regio’s waren langs rivieren voormalige industriegebieden aanwezig die na de teloorgang van de kolen- en staalindustrie en de scheepsbouw waren veranderd in verwaarloosde en ontoegankelijke terreinen. Het Artery project heeft aangetoond dat die negatieve spiraal doorbroken kan worden.Dit handboek biedt waardevolle inzichten in hoe publiek private samenwerkings-modellen functioneren en uitgebouwd kunnen worden. Met behulp van haar ervaringen en gemeenschappelijk ontwikkelde methoden lukte het Artery bovendien om de burgers in de betrokken regio’s intensief bij de projecten te betrekken, waardoor een gevoel van medeverantwoordelijkheid ontstond.Meer kennis van ‘best-practices’ vormt een essentieel instrument voor een doordachte regionale ontwikkeling. Door het delen van hun kennis en ervaringen hebben de Artery partners een brede expertise opgebouwd. Ze hebben daarmee de weg vrijgemaakt voor toekomstige succesvolle projecten voor Europese steden en regio’s.Deze uitgave is tot stand gekomen met middelen uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling in het kader van het samenwerkingsinitiatief INTERREG IIIB Noordwest-Europa."
"Groninger Historische Reeks, 9In dit boek wordt een totaalbeeld van een dorpssamenleving gepresenteerd. Deze was aanvakelijk volledig agrarisch met een kleine groep boeren die op alle terreinen de dienst uitmaakte. Aan het eind van de eeuw hadden zich echter diverse industrieën in Hoogkerk gevestigd en mede daardoor was de samenleving ingrijpend veranderd. Nieuwe groepen als fabrieksarbeiders, maar ook door de groei van het dorp aangetrokken middenstanders, zorgden voor totaal andere sociale verhoudingen die gekenmerkt werden door een veel grotere afstand tussen de maatschappelijke bovenlaag en de basis van de sociale hiërarchie. Dit bracht allerlei spanningen met zich mee die versterkt werden door de religieuze tegenstellingen die ontstonden, met name tussen de gereformeerden en de leidenden groep van doopsgezinden. Er waren dus steeds meer middelen van sociale controle nodig om de samenleving in balans te houden. Hoe overheid, kerk en bevolking daarmee omgingen, is één van de vernieuwende onderdelen van dit boek."
Hoe functioneert een hulpverleningsorganisatie zoals de brandweer? Wat is een proces? Hoe kun je processen zodanig vormgeven en managen dat de hulpverleningsorganisatie effectief en efficiënt functioneert? Kortom: hoe werkt procesmanagement...Processen vormen de kern van de organisatie. Vaak zijn de processen ook het onderdeel waarop de grootste vooruitgang en verbeteringen zijn te realiseren. Het boek is zo geschreven dat de overige bedrijfskundige elementen, zoals structuur, strategie, cultuur, mensen en middelen in de aanpak zijn geïnte-greerd. Bovendien sluiten de gebruikte modellen en methodieken volledig aan op de leidende kwaliteitssystemen binnen de brandweer- en meldkamerzorg.Dit handboek maakt deel uit van de serie Handboeken voor de brandweer, die inzicht biedt in alle aspecten die van belang zijn voor de brandweer in Neder-land. Deze aspecten zijn thematisch ingedeeld, waarbij de thema's overeen-komen met de bekende schakels in de veiligheidsketen.
Nuit et Brouillard (1955) van Alain Resnais was vanaf het begin direct een klassieke documentaire, die huivering veroorzaakte en menige discussie losmaakte, en dat tot op de dag van vandaag. Dat de publieke herinnering aan de holocaust in de meeste landen betrekkelijk laat op gang is gekomen, is bekend. Dat een Franse film al in de tweede helft van de jaren vijftig een beeld van de holocaust in onze herinnering heeft gegraveerd, wil deze precieze reconstructie aan het licht brengen.Van der Knaap onderzoekt niet alleen de verbeelding van de holocaust in beeld, tekst en muziek van Nuit et Brouillard, maar analyseert tegelijk het beeld dat oprijst uit de discussies die in Nederland en Duitsland ontstonden rond de productie en de vertoning van de film. De film is een effectieve menging van feitelijke beelden en poëtische tekst, een overtuigende combinatie van historische en retorische middelen. In Duitsland en Nederland ziet men niet dezelfde film – de vertalingen van Paul Celan en Victor van Vriesland verschillen, maar het engagement van beide joodse schrijvers komt overeen. Nuit et Brouillard was, en vormt nog steeds een historische markering van het beeld dat ons van de holocaust is overgeleverd.Het onderzoek van Van der Knaap in De verbeelding van nacht en nevel naar documentaire, beeldvorming en geschiedenis van 'nacht en nevel' scherpt het beeld van de herinnering.
Bij het woord ’ethiek’ denken we niet zo gauw aan identiteit, karakter en levensverhalen, aan het toeval, het lot en de crises die deze in een mensenleven teweeg kunnen brengen, of aan de persoonlijke eigenschappen die nodig zijn om die crises het hoofd te kunnen bieden. Toch zijn dit de thema’s waar de ethiek zich van oudsher mee heeft beziggehouden, en waar praktijkwerkers in zorg, welzijn en educatie dagelijks mee te maken hebben. Het zijn thema’s, die, ook door filosofen en ethici, veelal tot de privésfeer en de sfeer van de persoonlijke overtuigingen worden gerekend: de vragen en de idealen van de één zijn immers niet die van de ander. Niettemin staan professionele praktijkwerkers regelmatig voor de vraag hoe om te gaan met de levensvragen van hun patiënten, cliënten of doelgroepen, als ze daarvoor niet meer te rade kunnen gaan bij de traditionele levensbeschouwelijke kaders. Dat moeten ze bovendien in toenemende mate doen binnen de kaders van instellingen en organisaties die moeten concurreren om de publieke middelen volgens het principe van de marktwerking.In Bestaansethiek laat Victor van den Bersselaar zien dat er ook in de postmoderne tijd ruimte is voor een gedeeld ethisch referentiekader voor de articulatie van de identiteits-, levens- en zingevingsvragen. Hij put daarvoor uit drie bronnen: de hernieuwde belangstelling voor de filosofie van de levenskunst, de feministische filosofie van de zorg en de hermeneutische filosofie van het zelf en de ander. Dit referentiekader kan dienen als de bagage die praktijkwerkers nodig hebben om zowel met de ethische aspecten van de vragen van hun cliënten en doelgroepen te kunnen omgaan, als met de mogelijkheden en beperkingen van de instellingen en de organisaties waarbinnen zij opereren. Daarmee geeft het een nadere invulling aan het begrip normatieve professionalisering.
Ben je heel gelukkig in je relatie - behalve op de momenten dat je ruzie hebt over het uitruimen van de vaatwasser? Zijn jullie bereid om er in goede en slechte tijden voor elkaar te zijn, als het maar niet te veel moeite kost? En lig je weleens wakker omdat je relatie vroeger veel leuker en spannender leek? De liefde is ingewikkeld, maar gelukkig biedt Relatie-inflatie hulp: het maakt een einde aan je relatieproblemen door te laten zien dat de economie - ja, economie - de sleutel is tot een gelukkig huwelijk. Journalisten Paula Szuchman en Jenny Anderson zien elke relatie als een kleine economie, een tweemanszaak met een beperkt aantal middelen die effectief moeten worden benut. Met veel humor, herkenbare en waargebeurde verhalen passen Szuchman en Anderson economische theorieën toe op de meest voorkomende conflicten uit ons huiselijk leven: De kosten-batenanalyse - moet ik eerlijk zijn over mijn schoonmoeder of altijd blijven lachen? De wet van vraag en aanbod - of hoe geef ik mijn seksleven een boost? Comparatief voordeel - waarom je de huishoudelijke taken niet 50/50 moet verdelen?
Huid, parfum, cosmetica en make-upParfum, cosmetica en make-up maken een steeds belangrijker onderdeel uit van het dagelijks leven. Vrouwen en mannen zijn gebruikers en de items zijn gewilde gespreksonderwerpen. De huid is de plek waar het contact plaats vindt. Dus goed omgaan met alle middelen is voorwaarde om tot een optimaal gebruik en genot te komen van de producten. In een driedelige serie wordt de lezer geïnformeerd en geadviseerd over verantwoord gebruik en aanschaf. Het geeft informatie en biedt wetenswaardigheden.De serie is bedoeld om consumenten verder te helpen op de moeilijke weg bij het maken van allerlei keuzes voor producten. Daarnaast zijn deze handboeken een gewild middel bij opleidingen voor medewerkers en toekomstig medewerkers in de branches Parfumerie en Cosmetica, Schoonheidsverzorging, Kappers en de Visagisten.“Huid- just take care” maakt de lezer bewust van het goed omgaan van dit bijzondere orgaan. De huid heeft belangrijke functies en vertelt veel over ons zelf; we voelen ermee, het beschermt ons, is de barometer van onze gezondheid en de spiegel van de ziel. Zo’n essentieel onderdeel van het lichaam verdient een goede verzorging ! Om de juiste keuzes te kunnen maken over geschikte producten voor de huid is uitgebreide kennis nodig van de opbouw ervan. Het boek “Huid” laat zien hoe de juiste voeding en specifieke verzorging de huid gezond kan houden en het verouderingsproces kan worden tegengegaan. Het laat zien hoe een huidanalyse uitgevoerd wordt zodat de lezers zelf gewogen keuzes kan maken bij de aanschaf en het gebruik van huidverzorgingsproducten.Het boek Huid bevat onder andere:• De opbouw en eigenschappen van de huid;• Het herkennen van huidtypen en huidcondities;• Het opbouwen van een logisch en op de klant afgestemd verzorgingsadvies;• De invloed die onze gezondheid heeft op de huid.Formaat: 24,5 x 24,5Uitvoering: Harde kaft, Full Color, IngebondenAantal illustraties: 24 (excl. voork
"Leerlingen die niet meedoen en de les verstoren: vooral in de lagere vormen van voortgezet onderwijs, waaronder tegenwoordig veel multi-etnische scholen, vragen zij veel energie van hun leerkrachten en medeleerlingen. Scholen worstelen met de vraag met welke pedagogische middelen de ordeproblematiek kan worden ingedamd, vooral nu leerkrachten, door de toegenomen autonomie en mondigheid van jongeren, veel van hun vanzelfsprekende autoriteit hebben verloren. Al langer is bekend dat leerlingen niet alleen op school komen om te leren, maar zeker ook voor hun sociale leven. Het spanningsveld dat hierdoor ontstaat, vormt het hoofdthema van Tussen leren en socialiseren en wordt bezien tegen de achtergrond van de door leerkrachten gehanteerde pedagogisch-didactische aanpak. De auteur baseert zich op een kwalitatief onderzoek naar de interacties tussen leerlingen en leerkrachten in twee brugklassen met een veelkleurige leerlingpopulatie. Centraal stonden de wiskundelessen, waarin gewerkt werd volgens methoden die leerlingen een actieve rol toekennen in het vinden van oplossingen. Dergelijke ‘constructivistische’ methoden, die ruimte laten aan de eigen inbreng en onderlinge communicatie van leerlingen, liggen sterk onder vuur als het om scholen met veel allochtone leerlingen gaat. Deze leerlingen zouden, mede gezien de opvattingen en praktijken van leren in het gezin, meer gebaat zijn bij sturing en een strakke leerstofoverdracht. Uit het onderzoek blijkt dat het laatste woord hierover nog niet is gezegd. Allochtone leerlingen vertonen weliswaar veel regelovertredend gedrag, maar nemen ook gretig deel aan de lesgerichte interacties. Trees Pels pleit dan ook voor nader ontwikkelingsonderzoek naar open lesmethoden op multi-etnische scholen. Zij doet dat niet alleen om een pedagogische tweedeling tussen scholen met veel en weinig allochtone leerlingen te voorkomen, maar ook om manieren te vinden om leren én socialiseren meer in balans te brengen.In het onderwijs-onderzoek ligt een sterke na
De Taliban is de meest radicale en extremistische islamitische groepering ter wereld. Sinds ze na een burgeroorlog de macht in Afghanistan hebben overgenomen en onderdak boden aan 's werelds meest gezochte terrorist Osama bin Laden, is hun naam synoniem aan de dreiging van de moslimfundamentalisten. Ook na de omverwerping van hun regiem door een internationale troepenmacht blijft de Taliban een mysterieuze organisatie. Niemand weet precies hoe ze georganiseerd zijn en wie de leiders zijn.Ahmed Rashid werkt sinds 1979 als journalist in Afghanistan. In Taliban beschrijft hij de fascinerende geschiedenis van het ontstaan van deze groepering en haar weg naar de macht. Tegelijk geeft hij een beeld van een verscheurd en zwaar bevochten land dat zich altijd op een kruispunt tussen de grootmachten lijkt te bevinden.'Rashid kent en begrijpt Afghanistan.' DE VOLKSKRANT'Lees dit opmerkelijke boek, en de overweldigende complexiteit van de Afghaanse politiek en de dodelijke hoeveelheid aan chaos, verdovende middelen en geweld in de omgeving worden duidelijk.' SUNDAY TIMES'Rashid heeft de meest grondige uiteenzetting van de Taliban tot nu toe geschreven en deze verwerkt in een geschiedenis van Afghanistan.' BRITISH SOCIETY FOR MIDDLE EASTERN STUDIES
Als doktersassistent ben je een ware duizendpoot. Je voert uiteenlopende taken uit. Het beroep brengt bovendien veel verantwoordelijkheid met zich mee: zowel de patiënt als de huisarts rekent op je. Een kleine vergissing kan grote gevolgen hebben. Daarom is het belangrijk dat je over de juiste competenties en kennis beschikt en deze geïntegreerd toe kunt passen.In de serie werkboeken ‘Casuïstiek voor de doktersassistent’ staat steeds een andere groep patiënten centraal. Telkens gaat het om mensen met klachten die op het eerste gezicht op elkaar lijken maar die verschillende oorzaken hebben.Zo zijn de patiënten in dit werkboek allemaal zieke kinderen die onder de vlekjes zitten.De serie helpt je om je goed voor te bereiden op de beroepspraktijk, met casuïstiek kun je op een prettige en veilige manier oefenen met verschillende zorgvragen. Via praktische opdrachten kom je in aanraking met de verschillendekern taken van de doktersassistent. Sommige opdrachten maak je alleen, andere voer je uit in een klein groepje of met al je medeleerlingen samen.In dit werkboek:• Om tijdens de intake de ernst van de situatie in te kunnen schatten, sta je stil bij infecties door virussen en bacteriën en de reactie van het afweersysteem daarop. Je bestudeert een aantal veel voorkomende kinderziektes die gepaard gaan met huiduitslag. Je kijkt naar alarmfactoren en voert intakegesprekken.• Je oefent met het bepalen van de lengte en het gewicht van kinderen en met het opnemen van hun temperatuur.Handelingen die doktersassistenten regelmatig moeten uitvoeren bij zieke kinderen.• Je kijkt naar de geneesmiddelen die ingezet kunnen worden ter bestrijding van kinderziektes. Hoe werken ze en wat moet je ouders vertellen over de manier waarop deze middelen wel en niet gebruikt moeten worden?• Ook komt een aantal administratieve taken aan bod. Bijvoorbeeld het verwerken van patiëntgegevens in het Huisartsen Informatie Systeem en het uitschrijven van herhaalrecepten.• Je staat stil bij de rechten van de patiënt. Waar kan hij terecht met eventuel
Het Tandheelkundig Jaar 2008 biedt een overzicht van de meest recente ontwikkelingen in de tandheelkunde. Een breed scala aan onderwerpen komt aan bod, beschreven door een keur van gezaghebbende Nederlandse en Vlaamse auteurs.Een greep uit de onderwerpen:Gehoorschade bij tandartsen door de persluchtrotor, AntimicrobiÙle middelen en tandheelkundige behandeling, Het gebruik van kleefmiddelen in gebitsprothesen, Metaalallergische reacties in de tandheelkunde, Pigmentaties van het mondslijmvlies, Het autotransplantaat endodontisch bekeken, DentSim en nieuwe vormen van preklinisch onderwijs, Probiotica en mondgezondheid: bacteriÙn toevoegen in plaats van verwijderen?De laterale dimensie in de endodontie, Bisfosfonaten en kaakbeennecrose: primum non nocere! De doorbraak van definitieve tanden - Is er iets nieuws onder de zon?De handen van de tandarts, Orale weefselregeneratie; hoop of hype? Computergestuurde anesthesie. Voor wie?Dit boek is bestemd voor tandartsen.
Het grammaticaboek geeft de hoofdzaken weer van de morfologie en syntaxis van de Attische grammatica, alsmede de stamtijdenlijst. Het is een systematisch toegankelijk opzoekboek met overzichten en verwijzingen.[br] Deze uitgave is geheel in full color uitgevoerd en is een verbeterde versie van de 2e druk.InhoudPallas 4 bevat de volgende onderdelen:- Het lidwoord- Het zelfstandig naamwoord- Het bijvoeglijk naamwoord- Comparativus en superlativus- Het bijwoord- De voornaamwoorden- De telwoorden- De naamvallen- Het werkwoord (algemeen)- Het praesens en imperfectum- De aoristus- Het futurum- Het perfectum en plusquamperfectum- Actief, medium, passief- Het gebruik van de infinitivus- Het gebruik van het participium- Het gebruik van de modi- Vraagzinnen- Bijzinnen- De ontkenning- De woordvolgorde- Stamtijdenlijst- Stilistische middelenPallas 4 is tevens bedoeld als een boek waaruit snel de hoofdzaken van de Griekse grammatica valt te leren. Zo wijzen de aan de lespraktijk ontleende 'onthoud'- en 'let op'-blokken de leerling op veel voorkomende, vaak voor de leerling moeilijke verschijnselen. Verder worden er vertaaltips gegeven. Deze blokken vervangen als het ware de "viva vox" van de leraar.
Mensen overhalen iets te doen: gezonder eten, een gebleekte spijkerbroek kopen, tien euro overmaken voor een goed doel. En niet door te dreigen met een honkbalknuppel, maar door wat je te zeggen hebt. Hoe komt het dat woorden gedrag kunnen beïnvloeden? Maar ook: waarom mislukt dat vaak? Overtuigende teksten. Onderzoek en ontwerp gaat over het ontwerpen van documenten die gericht zijn op het overtuigen van mensen. Het boek biedt een overzicht van theorieën en empirisch onderzoek naar de invloed van taal, tekst en beeld op het overtuigingsproces. De auteurs koppelen het onderzoek naar de invloed van deze boodschapkenmerken aan verschillende verwerkingsprocessen. Ook besteden zij aandacht aan automatisch gedrag en de rol van cultuurverschillen in het overtuigingsproces. Elk hoofdstuk sluit af met praktische opgaven die gericht zijn op het ontwerpen van overtuigende teksten.Overtuigende teksten is geschreven voor studenten communicatie- en informatiewetenschappen en opleidingen Nederlands. Daarnaast biedt het boek professionals, als tekstschrijvers of mensen die werkzaam zijn in de reclamewereld, tal van praktische inzichten. De auteurs van dit boek zijn verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hans Hoeken promoveerde op een proefschrift over inhoud, structuur en stijl van teksten op de vorming van attitudes. Hij is hoogleraar Persuasieve communicatie. Jos Hornikx is universitair docent. Hij is gepromoveerd op een cultuurvergelijkend onderzoek naar de overtuigingskracht van evidentietypen en doet nu onderzoek naar argumentkwaliteit en de invloed van cultuur op het overtuigingsproces. Lettica Hustinx, gepromoveerd op psycholinguïstisch onderzoek naar talige structuurmarkeerders, is universitair docent en onderzoekt de invloed van stilistische middelen, zoals levendigheid, op de overtuigingskracht van tekst.
Als apothekersassistent ben je een ware duizendpoot. Je voert uiteenlopende taken uit. Het beroep brengt bovendien veel verantwoordelijkheid met zich mee: zowel de klant als de apotheker rekent op je. Een kleine vergissing kan grote gevolgen hebben. Daarom is het belangrijk dat je over de juiste competenties en kennis beschikt en deze geïntegreerd toe kunt passen.In de serie werkboeken ‘Casuïstiek voor de apothekersassistent’ staat steeds een andere groep patiënten centraal. Telkens gaat het om mensen met klachten die op het eerste gezicht op elkaar lijken maar die verschillende oorzaken hebben. Zo zijn de klanten in dit werkboek allemaal ouders van zieke kinderen die onder de vlekjes zitten.De serie helpt je om je goed voor te bereiden op de beroepspraktijk, met casuïstiek kun je op een prettige en veilige manier oefenen met verschillende zorgvragen. Via praktische opdrachten kom je in aanraking met de verschillendekerntaken van de apothekersassistent. Sommige opdrachten maak je alleen, andere voer je uit in een klein groepje of met al je medeleerlingen samen.In dit werkboek:• Om het probleem van de klant te kunnen begrijpen, sta je stil bij infectie door virussen en bacteriën en de reactie vanhet afweersysteem daarop. Je bestudeert een aantal veelvoorkomende kinderziektes die gepaard gaan met huiduitslag.• Je kijkt naar de geneesmiddelen die ingezet worden ter bestrijding van deze ziektes. Hoe werken ze en wat moet je ouders vertellen over de manier waarop deze middelen wel en niet gebruikt moeten worden?• Je neemt recepten in voor dergelijke geneesmiddelen en oefent met het verhelderen van zelfzorgvragen bij dit type klachten.• Je bereidt een aantal geneesmiddelen die regelmatig door de apotheek gemaakt of aangepast worden.• Ook komt een aantal administratieve taken aan bod, zoals het verwerken van klantgegevens in het Apotheek Informatie Systeem.• Je staat stil bij de rechten van de patiënt. Waar kan hij terecht met eventuele klachten?• De overheid hanteert een vaccinatieprogramma voor kinderen, maar daar sta
Een enorm fortuin, vergaard met een multinationale onderneming die oliedrums en andere verpakkings-middelen produceerde, lag aan de basis van de filantropische Bernard van Leer Foundation. Dit boek beschrijft de geschiedenis van de 'Van Leer Entiteit': het overkoepelend geheel van onderneming en Foundation.Van zijn vader Bernard van Leer, bijgenaamd de Vatenman, nam Oscar de leiding van het verpakkingsbedrijf en de Bernard van Leer Foundation over. Hij zocht naar een optimale wisselwerking tussen ondernemerschap en filantropie, en hoopte zelfs vurig een synthese van kapitalisme en socialisme te bereiken. Tegenwoordig richt de Foundation zich op compensatieonderwijs aan kinderen in de voorschoolse leeftijd, overal ter wereld.Kunnen commerciÙle doelstellingen samengaan met sociale idealen? Om die vraag gaat het in De communicerende vaten van Oscar van Leer. Tegelijk is dit boek een portret van Oscar van Leer: ondernemer, idealist, uitvinder, musicus, organisator, inspirator en Don Quichotte.Over de auteurDr. Gert-Jan Johannes is verbonden aan het Onderzoeksinstituut voor Geschiedenis en Cultuur (OGC) van de Utrechtse letterenfaculteit. Eerder publiceerde hij Van Haarlem naar Manhattan, over 40 jaar VNU.
Als doktersassistent ben je een ware duizendpoot. Je voert uiteenlopende taken uit. Het beroep brengt bovendien veel verantwoordelijkheid met zich mee: zowel de patiënt als de huisarts rekent op je. Een kleine vergissing kan grote gevolgen hebben. Daarom is het belangrijk dat je over de juiste competenties en kennis beschikt en deze geïntegreerd toe kunt passen.In de serie werkboeken ‘Casuïstiek voor de doktersassistent’ staat steeds een andere groep patiënten centraal. Telkens gaat het om mensen met klachten die op het eerste gezicht op elkaar lijken maar die verschillende oorzaken hebben. Zo hebben de patiënten in dit werkboek Ik blijf maar hoesten allemaal last van hardnekkige hoestbuien. De serie helpt je om je goed voor te bereiden op de beroepspraktijk, met casuïstiek kun je op een prettige en veilige manier oefenen met verschillende zorgvragen. Via praktische opdrachten kom je in aanraking met de verschillende kerntaken van de doktersassistent. Sommige opdrachten maak je alleen, andere voer je uit in een klein groepje of met al je medeleerlingen samen.In dit werkboek:• Om tijdens de intake de ernst van de situatie in te kunnen schatten, sta je stil bij de bouw en werking van de luchtwegen en bij een aantal aandoeningen die met hoesten gepaard gaan. Je kijkt naar alarmfactoren en voert intakegesprekken.• Je oefent met het uitvoeren van een longfunctieonderzoek, een handeling die doktersassistenten regelmatig uitvoeren bij patiënten met dit type klachten.• Je kijkt naar de geneesmiddelen die ingezet kunnen worden ter bestrijding van hoesten. Hoe werken ze en wat moet je patiënten vertellen over de manier waarop ze deze middelen wel en niet moeten gebruiken?• Ook komt een aantal administratieve taken aan bod. Bijvoorbeeld het verwerken van patiëntgegevens in het Huisartsen Informatie Systeem en het schrijven van brieven.• Roken is niet goed voor de gezondheid. Is een wettelijk rookverbod een goede zaak of een vorm van betutteling die te ver gaat? Daarover
Segmentale verschijnselen behandelt de theoretische achtergronden en de praktische toepassingen van segmentale relaties in diagnostiek en therapie. Vooral de diagnostische betekenis wordt verder uitgewerkt. De wisselwerking tussen organen en lichaamsdelen heeft zijn oorsprong in een proces van segmentatie dat vroeg in de embryonale ontwikkeling optreedt. Deze wisselwerking binnen het segment heeft voor de huisarts vooral een diagnostisch belang. Door gericht te letten op deze verschijnselen kan de huisarts met eenvoudige middelen in een vroeg stadium op het spoor komen van orgaanafwijking. Voor fysiotherapeuten is natuurlijk de therapeutische toepassing van belang; de beïnvloeding van orgaanfuncties via prikkeling van meer oppervlakkige lichaamsstructuren.
Centraal in dit boek staat de vraag wat wetenschap wetenschappelijk maakt. Het omschrijven van wetenschap lijkt op het eerste gezicht een makkelijke opgave: iedereen heeft wel een grof idee over hoe wetenschappelijke kennis verkregen wordt en hoe wetenschappelijk onderzoek in zijn werk gaat. Toch is het geven van een goede beschrijving behoorlijk lastig omdat er veel diversiteit bestaat: onderzoekers verschillen van inzicht over de vraag wanneer een onderzoek wetenschappelijk is, ze gebruiken verschillende onderzoeksmethoden en streven verschillende doelen na. Zo is fundamenteel onderzoek nodig om kennisproblemen op te lossen en praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek om beleidsproblemen op te lossen en besluitvorming te ondersteunen.Dit boek wil in de context van de sociale wetenschappen antwoord geven op de wetenschapsfilosofische vraag wat wetenschap tot wetenschap maakt. In de tekst zijn onderzoeksvoorbeelden opgenomen om de stof te illustreren. Elk hoofdstuk bevat leerdoelen, kernwoorden en opgaven die de lezer kan gebruiken om de leerstof toe te passen. Deze didactische middelen vergroten de toegankelijkheid van de niet-alledaagse onderwerpen.Het boek is bedoeld als inleiding wetenschapsfilosofie voor bachelorstudenten sociale wetenschappen en andere opleidingen waarin het gedrag van mensen bestudeerd wordt. Daarnaast is het boek geschikt voor iedereen die te maken heeft met onderzoek en daarbij wil kunnen beoordelen wat de wetenschappelijke waarde ervan is.
Wat is taalontwikkelende interactie? Hoe stem je als leraar of begeleider het taalaanbod af op kinderen in de klas of in een groep? Hoe geef je feedback waardoor kinderen groeien in hun taalproductie? Hoe bied je ruimte om de taalontwikkeling van kinderen te stimuleren? Met Taalontwikkeling op school leert de leerkracht, onderwijsassistent of pedagogisch medewerker de taalontwikkeling van kinderen effectief te stimuleren in interactie, niet alleen tijdens de taallessen op school maar juist ook daarbuiten. In dit boek zijn de middelen om taalontwikkeling te bevorderen samengebracht tot een compleet en praktisch 'taalgroeipakket'. In de eerste hoofdstukken behandelen de auteurs het taalverwervingsproces en de succesfactoren daarin. Vervolgens bespreken zij drie belangrijke ‘taalgroeimiddelen’: taalaanbod, taalruimte en feedback. De hoofdstukken bevatten veel opdrachten om het betreffende taalgroeimiddel te leren toepassen in de praktijk. Ten slotte besteden de auteurs aandacht aan de manier waarop de taalgroeimiddelen in uiteenlopende interactiesituaties het beste tot hun recht kunnen komen. Taalontwikkeling op school is geschreven voor studenten van de pabo, hbo pedagogiek en opleidingen voor onderwijsassistent en pedagogisch medewerker, en voor professionals die met taalontwikkeling van kinderen te maken hebben.Marianne Verhallen en Ruud Walst hebben beiden een achtergrond als lerarenopleider en onderzoeker. Zij bieden nascholingstrajecten aan op het gebied van taalontwikkeling en taaldidactiek.
"Waarom kiest iemand voor een vak waarin kinderen zo centraal staan als het vak van leerkracht basisonderwijs? Blijkbaar is de ontwikkeling van kinderen, en daarin een begeleidende en stimulerende rol spelen, boeiend en aantrekkelijk. Niet alleen speelt er zich in de periode van het vierde tot het twaalfde jaar enorm veel af op het gebied van het leren, ook op sociaal en emotioneel gebied is de basisschoolperiode van groot belang. Kennis van de processen die zich voltrekken in de basisschooljaren van het kind is voor de (aankomend) leerkracht dan ook essentieel.'Ontwikkelingspsychologie voor leerkrachten basisonderwijs' biedt deze kennis op een manier die dichtbij de dagelijkse praktijk op de basisschool staat. De tekst en de digitale module geven herkenbare voorbeelden en opdrachten over echte kinderen, direct toepasbaar in het onderwijs.De theorie is gebaseerd op het succesvolle boek De ontwikkeling van het kind van Frank C. Verhulst. Per leeftijdsfase (kleuter, 6-9 jaar en 9-12 jaar) bespreken de auteurs de belangrijkste ontwikkelingen op fysiek, sociaal-emotioneel en cognitief gebied.Ten slotte biedt 'Ontwikkelingspsychologie voor leerkrachten basisonderwijs' leerkrachten in het basisonderwijs een aansprekende autobiografische aanpak, die hen meer inzicht biedt in hun eigen functioneren in de klas. Reflectie- en portfolio-opdrachten bieden hiertoe de middelen. Een uitstekende start voor pabo-studenten, maar ook zeer bruikbaar voor leerkrachten die al langer werkzaam zijn in het basisonderwijs."
Muzisch-Agogische MethodiekEen gedicht maken kan een belangrijke manier van uiten zijn voor iemand die bijvoorbeeld noodgedwongen in een groep zit. Door te werken met een muzisch middels als poëzie groeit het zelfinzicht en worden gevoelens bespreekbaar. Behalve poëzie kunnen ook andere muzische middelen in het social work worden ingezet. Deze bieden een andere ingang dan alleen een gesprek of training. Muzische activiteiten zijn in het social work dan ook geen doel, maar een waardevol middel - als ze tenminste op een methodische manier worden ingezet: in aansluiting op de problematiek en de belangstelling van de groep.In dit boek wordt een brug geslagen tussen de muzische en de agogische aspecten van het social work. Vanuit notities als mensbeeld, creativiteit en beroepshouding leert de student muzisch-agogisch werken. Praktijkvoorbeelden en oefencasussen maken dit boek tot een heldere en praktische handleiding.
Wij denken over denken, handelen en voelen is in eerste instantie bedoeld voor het HAVO. Het is zodoende bruikbaar voor twee jaar onderwijs en dekt het gehele verplichte examenprogramma, de domeinen filosofische antropologie, ethiek en sociale filosofie met de in 2007 vernieuwde eindtermen. Daarnaast is het ook geschikt voor andere onderwijssoorten (waaronder het VWO en het HBO) en kan het dienst doen als een overzichtelijke inleiding voor iedereen die in filosofie is geïnteresseerd.Behalve dat de inhoudelijke verplichte stof wordt aangereikt, wil deze methode stimuleren om zelf na te denken. Het theorieboek geeft een aantal mogelijke manieren van denken met betrekking tot filosofische vraagstukken.In dit theorieboek staan geen filosofen, hoewel hun gedachtegoed soms wel verwerkt is in de teksten. Docenten behandelen de filosofen meestal uitvoerig in de lessen en er bestaan momenteel al voldoende middelen om de relevante theorieën te leren kennen. Dit theorieboek geeft zodoende weinig 'leerstof' als herhaling van wat er in lessen behandeld kan worden, maar is vooral een oefening in (thematisch)denken. In het verwerkingsboek staan overigens wél relevante leesbare teksten van en over filosofen.De korte teksten en de opdrachten in het verwerkingsboek lenen zich voor zelfstandige verwerking, maar kunnen vaak ook in groepen en samen gemaakt worden. Ook zijn er in het verwerkingsboek delen van reeds gegeven eindexamens opgenomen als voorbereiding op een bepaald soort vraagstellingen. Het verwerkingsboek bevat tevens veel verschillende werkvormen waarvan uit ervaring is gebleken dat ze het zelfstandig denken, het samen denken en het creatieve denken stimuleren en het plezier in serieus denken vergroten.Naast tekstbegrip en inzicht in gedachtegoed sluiten de opdrachten aan bij actuele en herkenbare kwesties, maar dan vooral om verder te gaan dan de eigen belevingswereld.In het theorieboek staan de filosofische begrippen vet gedrukt als verwijzing naar een begrippenlijst achterin. Daarin staa
Waar komen psychische problemen eigenlijk vandaan? En is daar wat aan te doen? Helpt de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) echt? Hoe helpt ze dan en welke middelen staan dan ter beschikking? En heb je als cliënt ook wat te kiezen?Over dit soort vragen gaat dit boek.Steeds meer mensen maken gebruik van de GGZ als ze psychische problemen hebben. Het taboe is er een beetje af. Waarom zou je depressief rond blijven lopen als er wat aan te doen valt? Waarom je leven laten verpesten door hevige angsten als dat niet nodig is? Waarom je baan in gevaar brengen als er hulp beschikbaar is bij je werkproblemen?Veel mensen hebben geen idee hoe psychische problemen ontstaan en wat eraan te doen is. Als ze hulp zoeken staan ze eigenlijk met twee linkerhanden. De therapeut zal het wel het beste weten. Maar dat is niet zo. De beste hulp is hulp die aansluit bij wat je als cliënt zoekt, en waarbij je goed gebruik maakt van de vakkennis van de therapeut. De cliënt en de therapeut moeten dus optimaal met elkaar overleggen over de beste hulp.Dit boek kan daarbij helpen.Daarbij gaat het over zaken als: * met welke vragen en problemen komen mensen bij de GGZ? * wat voor hulp is er beschikbaar bij problemen als bijvoorbeeld depressie, bij angststoornissen, bij schizofrenie? * wat kun je verwachten als je je als cliënt aanmeldt bij de GGZ, hoe gaat dat dan?Psychische problemen - passende hulp is bestemd voor mensen die overwegen de GGZ in te schakelen, - voor hun eigen problemen of voor die van hun cliënten.
Waarom zijn sommige stoffen verslavend en andere niet? Welke medicijnen kunnen helpen bij aandoeningen als angststoornissen en ADHD? Hoe komt het eigenlijk dat bepaalde middelen gedrag en gemoed veranderen? Waarom is het zo moeilijk om te stoppen met roken? Dit zijn slechts enkele van de vragen waarop deze inleiding in de psychofarmacologie het begin van een antwoord probeert te geven. Dat gebeurt aan de hand van een overzicht van de principes van de psychofarmacologie, de werking van de menselijke hersenen, verschillende soorten drugs en geneesmiddelen zoals stimulantia en kalmerende middelen, en de soms zeer ernstige aandoeningen van het menselijk brein zoals depressie en schizofrenie.
In de afgelopen halve eeuw is er zoveel in de opvoeding veranderd, dat we het spoor flink zijn kwijtgeraakt. Opvoeding is een veel minder bepalende factor gebleken in de ontwikkeling van kinderen dan we ooit dachten. Het is zelfs de vraag of we de samenleving nog wel een stap verder brengen door ons met zoveel nadruk op de opvoeding te richten. Hoezo pedagogisch?Toch wordt er in de verwarrende wereld van het begin van de 21e eeuw meer over opvoeding gesproken dan ooit. We weten dat we niet meer toekunnen met zoeken naar middelen om te bereiken waar het volgens ons naar toe moet. Over de doelen van de opvoeding zijn de meningen te verdeeld. Maar wat misschien wel kan is ons richten op vragen die op het eerste gezicht niets of maar weinig met opvoeding te maken lijken te hebben. Dan blijkt dat het bij bijna alle belangrijke kwesties die voor de toekomst van de samenleving van belang zijn om pedagogisch kwesties gaat.Zo zijn er grote zorgen over het toegenomen geweld in de samenleving, maar maakt geweld niet onvermijdelijk deel uit van de opvoeding? Bestaat er nog wel zoiets als een kinderlijke leefwereld? Wordt het geen tijd om de kille onderhandelingshuishouding failliet te verklaren? Moeten ouders wel streven naar volledige openheid en bespreekbaarheid?